U bevindt zich hier: Ufo's

Satan, Een Tegenstander

Genesis 3: 1 De slang nu was het listigste van alle dieren des velds,

Satan: Een Titel
Het woord 'satan' is absoluut geen eigennaam. Het is eerder een titel. Het betekent: 'tegenstander' en wordt beslist niet alleen voor de duivel gebruikt. Zo wordt de Heer zelf, oftewel Yahweh, een satan genoemd en ook van mensen lees je regelmatig dat het satans zijn.

Satan: Een Omschrijving
De titel geeft dus gelijk een omschrijving van degene die tegenover je staat. Als Yahweh tegenover iemand of tegenover een heel volk staat is Hij daarmee natuurlijk nog helemaal niet het gruwelijk geestelijk wezen dat hier in Genesis 3 het slangenwezen genoemd wordt. Er is dan een duidelijke reden waarom God iemands tegenstander is.

Satan, De Tegenstander Van God
De aanwijzing in het Nieuwe Testament geeft ondubbelzinnig aan wie dit slangenwezen is.
Openbaring 12: 9 En de grote draak werd op de aarde geworpen, de oude slang, die genaamd wordt duivel en de satan, die de gehele wereld verleidt; hij werd op de aarde geworpen en zijn engelen met hem.
Het gaat hier heel concreet over de tegenstander van God, de satan. Hij gooit alles in het honderd. In die zin is hij de duivel. Zijn openbaringsvorm is de grote draak, oftewel de oude slang. In deze heel concrete zin komen we de tegenstander met name heel duidelijk tegen in het Nieuwe Testament. Maar, omdat we een stap voor stap onderzoek doen naar de satan beginnen we niet aan het eind maar bij het begin.
.
Wel Zelf Alles Controleren
Ik hoop dat je de Bijbel zelf ook weer direct bij de hand hebt om alles te controleren. Je zal namelijk nogal eens heel bevreemdende conclusies tegenkomen en dan is het van belang dat je niet zomaar klakkeloos aanneemt wat ik ervan zeg. Als je geen Bijbel bij de hand hebt kan je ook weer op DEZE KOPPELING klicken om een Bijbelprogramma online tevoorschijn te halen.

De Engel Van Yahweh
We beginnen met het Hebreeuwse zelfstandig naamwoord ‘satan’, zoals die in het Oude Testament gehanteerd wordt. De eerste keer dat we het woord ‘satan’ tegenkomen is als een profeet Bileam met zijn ezelin op weg is om het volk Israël te vervloeken. Daar gaat Yahweh een stokje voor steken. In die zin wordt Yahweh dus een tegenstander van Bileam. Dan lezen we dat Bileam onderweg de engel van Yahweh tegenkomt als een satan.
Numeri 22: 22 Maar de toorn van Elohim ontbrandde, toen hij ging, en de Engel van Yahweh stelde zich op de weg een satan tegenover hem; Bileam reed op zijn ezelin en had twee zijner dienaren bij zich.
Numeri 22: 32 De Engel van Yahweh zei tot hem: Om welke reden hebt gij uw ezelin nu driemaal geslagen? Zie, Ik ben uitgegaan om een
satan voor u te zijn, want deze weg voert bij Mij ten ondergang.

Koning David
Bij de eerste vermelding zagen we dus gelijk dat de titel ‘satan’ dus in het begin van de Bijbel niet expliciet gebruikt wordt om de tegenstander van God aan te duiden. De titel wordt algemeen gebruikt in zijn directe betekenis van het woord. Yahweh zelf kan in die betekenis dus zelfs een satan zijn. Toen David gevlucht was voor koning Saul en bij de Filistijnen asiel had aangevraagd en zelfs vroeg om met hen in de oorlog mee te strijden, schrokken deze Filistijnen daarvoor terug. Zij waren bang dat David wel eens een satan voor hen zou kunnen worden.
1 Samuël 29: 4 De aanvoerders der Filistijnen zeiden tot hem: Zend die man heen, laat hij teruggaan naar de plaats die gij hem aangewezen hebt, en niet met ons ten strijde trekken, opdat hij geen satan van ons worde in de strijd.
De Filistijnen dachten absoluut niet aan dit slangenwezen. Ze waren ook niet bang voor één of andere geestelijke macht van David. In de strijd kon hij echter wel degelijk een tegenstander van hen worden. Dat is dus ook de primaire betekenis van het woord.

In de volgende artikelen gaan we verder in de ontvouwing van het gebruik van het woord ‘satan’, zoals het in de Bijbel gehanteerd wordt.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.
Startpagina // Volgende