U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2
Terug naar: Startpagina
Algemeen: Mijn spreekbeurten Gedichten Overzicht geopende bestanden 2 Bijbelverwijzingen 3 Bijbelverwijzingen 2 Bijbelverwijzingen Alle Onderwerpen Overzicht geopende bestanden Contact

Zoeken naar:

Genade Knipoogjes 662

Hein, de FarizeeŽr

Hebben jullie dit wel eens gelezen?

Lukas 18: 9-14 Jezus zei tegen sommigen die van zichzelf wel overtuigd waren dat zij rechtvaardig waren en daarmee vanzelfsprekend de anderen verachtten, deze gelijkenis: Twee mensen gingen op naar de tempel om te bidden, de één was een farizeeër en de ander een tollenaar.

De farizeeër stond en bad dit bij zichzelf:
(Nou, nou krijg je het hoor) “O God, ik dank U, dat ik niet ben zoals de andere mensen: rovers, onrechtvaardigen, overspelers, of ook als deze tollenaar. Ik vast tweemaal in de week, ik geef tienden van alles wat in mijn bezit komt.”

De tollenaar stond op een afstand en wilde zelfs zijn ogen niet opheffen naar de hemel, maar hij sloeg zich op de borst en zei: “O God, wees mij, de zondaar, genadig!”

Nou zeg Ik
(Jezus dus): “Deze laatste ging gerechtvaardigd terug naar zijn huis, meer dan die eerste, want ieder die zichzelf verhoogt, zal vernederd worden, en wie zichzelf vernedert, zal verhoogd worden.”

Ajajjaj!!! Nou, ik ben me toch eventjes een partijtje blij dat ik niet zo ben als die Farizeeërs zeg! Die vuile gluiperds!

Zie je wat er hier door mij gebeurt? Ik dank God dat ik niet zo ben als die gladakkers. Dat is mijn kromme reactie op deze gelijkenis. Ik verdraai het hele gebeuren daar zo dat ik inmiddels zelf de Farizeeër binnen dat plaatje geworden ben. Nou, je zult dit wel al met gepaste verontwaardiging gelezen hebben en de Heer God gedankt hebben dat je niet zo hypocriet bent als die Hein de Haan. Wat een schijnheilige!

Ja ja, met al onze dank aan God kunnen we zomaar het hele punt van deze gelijkenis van de Heer gemist hebben. Wat deden die Farizeeën? In al hun zelfvoldaanheid keken ze neer op die tollenaar. In hun hart hadden ze zich al helemaal van dat misbaksel afgescheiden. Nee, daar konden ze echt niks mee van doen hebben. Wat een vuilak! Wat een slechterik! Daar stonden ze ver boven.

Wat deed ik? In al mijn zelfvoldaanheid keek ik neer op al die Farizeeërs. In mijn hart had ik me al helemaal van die misbaksels afgescheiden. Daar kon ik toch zeker niet mee omgaan? Wat een stelletje pilaarbijters! Wat een stiekeme veinzaards! Daar stond ik toch echt heel erg ver boven.

En jij? Met al je gepaste verontwaardiging? Wat deed jij? In al jouw zelfvoldaanheid keek je met de neus in de wind neer op die met zichzelf ingenomen Hein de Haan. In jouw hart had je jezelf al helemaal van dat gedrocht afgescheiden. Met zo’n mispunt kan je toch geen omgang hebben? Wat een draak! Wat een mislukkeling! Gelukkig stond jij daar echt ver boven en je dankte God daarvoor.

Okay, wat blijkt? Telkens maar weer komt hoogmoed boven drijven. De hoogmoed van de Farizeeërs, de hoogmoed van Hein de Haan en dan ook nog eens jou hoogmoed. Het kan gewoon niet op. O, o, o, wat zijn we goed. We doen het allemaal zo gigantisch goed. Eigenlijk zou je je afvragen waar we de Heer nog voor nodig hebben. Niet omdat we het zo slecht doen. Nee, wij doen het het allerbest.

Wij doen het geloven het allerbest. We kijken om ons heen en zien veel gelovigen, die nauwelijks doorhebben wat ze eigenlijk geloven. Ze gaan naar een kerk en als je bij hen naar hun geloof vraagt, dan krijg je de naam van hun kerkgenootschap te horen. Ze hebben geen clou. Ach, ach, we danken U o God dat wij niet zo zijn als die gelovigen! En we zitten weet op ons superieure Bijbelgelovig troontje.

Wij doen de Bijbelkennis het allerbest. We kijken om ons heen en zien veel gelovigen met een andere uitleg van de Schrift en we noemen dat geestelijke blindheid. Ze hebben wel een uitleg van de Schrift, maar het sluit niet aan bij onze Bijbelgetrouwe uitleg. En als wij ze overdonderen met “de waarheid”, dan blijven ze ondanks dat ze geen weerwoord hebben toch vasthouden aan hun inzicht. Tja, ze dolen wat in het duister rond. O God, wij danken U dat we niet zo zijn als die gelovigen! Jazeker, daar zitten we weer op onze zelfgemaakte vorstenzetel.

Al ons denken zit zo vol met ons eigen superioriteit dat we in deze gelijkenis toch meestal een soort uitsluiting herkennen. Vanuit onze hoge positie oordelen we dat die Farizeeërs echt fout zaten. Vanuit al het voorgaande over deze gelijkenis bleek echter al dat wij met ons oordeel in onze eigen hoge juryplek gewoon naast die Farizeeërs zijn gaan zitten. Jazeker, wij sluiten, dankzij ons geweldig menselijk oordeel, die Farizeeërs uit. Maar let nou op!!! Daarmee sluiten we dan feitelijk ook onszelf gelijk uit. Zo scherp is deze gelijkenis.

Nee, de Heer is niet bezig met uitsluiten. Zijn werk is een werk van insluiten. Ken je die gelijkenis van de twee verloren zonen? Nee, je kent alleen maar een gelijkenis over één verloren zoon hè? Enig idee hoe dat nou komt? Gewoon, wij met ons menselijk denken sluiten de ene zoon in en vinden het dan ook heel vanzelfsprekend dat we die andere zoon wel kunnen uitsluiten. Ons menselijk denken.

Lukas 15: 11-12 Jezus zei: Een mens had twee zonen. De jongste van hen zei tegen de vader: Vader, geef mij het deel van het vermogen dat mij toekomt. En hij verdeelde het vermogen onder hen.

Twee zonen. De erfenis wordt door geen enkele van die twee verdiend. Het wordt gewoon ontvangen. Ze ontvangen het echt allebei, beide zonen. Geen verschil.

Het menselijk denken met zijn uitsluiting ziet hier wel al snel een verschil. Hoe vaak hebben we het verhaal al niet gehoord over die ene verloren zoon, die in het gezin er met de poet vandoor ging? Nee, bij genade is er nooit verschil. Farizeeër of tollenaar. Ene of andere zoon.

Lukas 15: 19 ik (de jongste zoon) ben niet meer waard uw zoon te heten; maak mij als één van uw dagloners.
Lukas 15: 29 Hij
(de oudste zoon) antwoordde zijn vader: ik dien u zoveel jaren en heb nooit uw gebod overtreden;

Twee zonen. Ze hadden beiden in hun eigen menselijke voorstelling slavendienst als het hoogste in hun relatie met hun vader. Beide zonen. Kan je het je voorstellen? Bij hun vader! Maar het is hun idee. Niet het plan van Vader. Nee, bij genade is er nooit verschil. Farizeeër of tollenaar. Ene of andere zoon.

Hoe die zonen ook denken, Vader ziet ze als geliefde zonen. Altijd inclusief! Vader houdt van beide. Vader treurt over beide. En op het eind: Vader verwelkomt beide. Altijd is genade namelijk inclusief.

Lukas 15: 20 Hij (de jongste zoon) stond op en ging naar zijn vader. Toen hij nog ver was, zag zijn vader hem en werd met ontferming bewogen, en hij liep op hem toe, viel hem om de hals en kuste hem innig.
Lukas 15: 28 Hij
(de oudste zoon) werd toornig en wilde niet naar binnengaan. Zijn vader ging naar buiten en drong bij hem aan.

Bij beide ligt het initiatief van liefde bij Vader. Met liefde bewogen rende Vader naar Zijn jongste zoon in het verre land. Met liefde bewogen ging Vader naar Zijn oudste zoon buitenshuis om bij hem aan te dringen. Alles het werk van de liefde van Vader. Alles inclusief.

Jezus at in het huis van Simon, de Farizeeër, de oudste zoon, en in het huis van Zacheus, de tollenaar, de jongste zoon. Hun ontvangst was behoorlijk verschillend, maar Zijn liefde tot hen is identiek. Ook al verhef ik me en geloof ik dat ik beter geloof dan die andere gelovigen, dan nog gaat Zijn liefde door. Ook al verhef ik me en vind ik dat vrijwel niemand de Schrift zo goed kent als dat ik het ken en dat eigenlijk die ander zich voor mijn waarheid moet buigen, dan nog gaat Zijn liefde door. Zijn liefde is namelijk inclusief.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende

Ga naar: Genade Knipoogjes 665 Genade Knipoogjes 659