U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2
Terug naar: Startpagina
Algemeen: Mijn spreekbeurten Gedichten Overzicht geopende bestanden 2 Bijbelverwijzingen 3 Bijbelverwijzingen 2 Bijbelverwijzingen Alle Onderwerpen Overzicht geopende bestanden Contact

Zoeken naar:

Genade Knipoogjes 656

Godsdienst doet me honderduit vragen

1. Als God van de mens vraag zijn vijanden lief te hebben, kunnen we er dan zondermeer vanuit gaan dat God dat zelf ook doet?
2. Als God Zijn vijanden lief heeft, zal Hij hen dan meer straffen dan goed voor hen is?
3. Zou er iemand bestaan die echt met een altijd maar doorgaande straf gediend zou zijn?
4. Als God van zijn vrienden houdt, maar ook zijn vijanden liefheeft, zijn dan echt alle mensen de voorwerpen van Zijn liefde?
5. Als God alleen maar houdt van hen die ook van Hem houden, waarin is Hij dan beter dan een zondaar?
6. Als liefde het kwade niet toerekent, hoe zou God dan het kwade wel toerekenen?
7. Als liefde de naaste geen kwaad doet, hoe zou God dan een onophoudelijk kwaad over de mens kunnen brengen?
8 Als het nou de uitwerking van Gods genade is dat wij het kwaad overwinnen door het goede, hoe zou God er dan toe komen om het kwade te overwinnen door een ander kwaad?
9. Zou het toebrengen van een voor altijd doorgaande bestraffing niet aantonen dat God zelf door het kwade overwonnen was?
10. Als de mens er helemaal naast zit als hij kwaad met kwaad vergeldt, hoe zit datzelfde principe dan bij God?
11. Is een altijd durende straf niet simpel een monsterlijke wraakneming?
12. Als genade bij de mens uitwerkt dat hij het kwaad overwint door het goede mogen we er dan niet vanzelfsprekend vanuit gaan dat dit het beginsel van God is?
13. Geldt het toebrengen van een altijddurende straf als een overwinning van goed over kwaad?
14. Als God de zondaar haat, wat is er dan fout aan als diezelfde zondaar die God haat?
15. Is God wispelturig, oftewel veranderlijk?
16. Als God nu Zijn vijanden liefheeft, zal Hij hen dan niet altijd liefhebben?
17. Is het wel eerlijk als God goed is naar de ondankbare en boze mensen?
18. Is het niet oneerlijk als God in de toekomst goed is naar alle mensen?
19. Als eigenlijk alle mensen straf verdienen, is het dan niet oneerlijk dat sommige mensen dat niet krijgen?
20. Als God de schuldige zeker niet voor onschuldig laat doorgaan, hoe valt er dan nog een eerlijk bestraffing te ontlopen?
21. Welke barmhartigheid zit er in een eindeloze straf op een tijdelijke overtreding?
22. Gaan gruwelijkheid en gerechtigheid hand in hand?
23. Vereist Gods gerechtigheid iets wat Gods barmhartigheid altijd zal voorkomen?
24. Bewerkt Gods barmhartigheid altijd iets wat Gods gerechtigheid absoluut verbiedt?
25. Als de eisen van Gods gerechtigheid tegenover de vereisten van Gods barmhartigheid staan, is God dan niet verdeeld in zichzelf?
26. Als de condities van Gods barmhartigheid botsen met de voorwaarden van Gods gerechtigheid, houdt die heerschappij dan wel stand?
27. Als de gerechtigheid en de barmhartigheid van God elkaar zo tegenwerken, is er dan nog enige sprake van echte eenheid van de Geest in de band van de vrede?
28. Als God die volkomen barmhartigheid is moet inleveren op Zijn rechtvaardigheid, moet God die volkomen gerechtigheid is dan niet inleveren op Zijn barmhartigheid?
29. Bestaat er zoiets in God als onrechtvaardige barmhartigheid of onbarmhartige rechtvaardigheid?
30. Als jij zo´n soevereine macht had als God zou jij dan niet een oplossing zoeken om de mens volledig te bevrijden van de zonde?
31. Wie is barmhartiger, jij of God?
32. Is de Schepper van barmhartigheid, oftewel de Vader der barmhartigheid, minder barmhartig dan wij?
33. Als God alle mensen zou willen redden, maar Hij dat niet kan, blijkt er dan toch iets te missen aan Zijn almacht?
34. Als God alle mensen kan redden, maar Hij dat niet wil, blijkt Hij dan toch niet zo goedertieren te zijn?
35. Wil God eigenlijk wel dat alle mensen gered worden?
36. Had God bij de schepping nu een verloren mensheid of een geredde mensheid op het oog?
37. Volgt God Zijn oorspronkelijk plan van alle tijdperken of is Hij overgegaan op plan B?
38. Kan de vergankelijke mens het plan van God dwarsbomen en omleiden?
39. Wat heeft de almachtige God aan het toebrengen van nooit ophoudende ellende?
40. Wat hebben wij, de gelovigen, als toeschouwers aan het bekijken van die nooit ophoudende ellende?
41. Wat heeft de zondaar aan het voor altijd doorgaande lijden, dat hij moet ondergaan?
42. Als een eindeloze, maar steeds doorgaande foltering het loon van de zonde zou zijn, is er dan geen moment dat het loon eens volledig uitbetaald is?
43. Als één zonde een oneindige bestraffing tot gevolg heeft, wat kan je dan wel bij tien zonden verwachten?
44. Waarom vraagt God aan ons om voor de redding van alle mensen te bidden als Hijzelf niet het plan heeft alle mensen te redden?
45. Levert het folteren van mensen God vreugde op?
46. Als het Hem geen vreugde oplevert, hoe kan het dan wel tot eer van Zijn naam Zijn?
47. Als God reeds het eind van het begin kent, hoe kan het einddoel van Zijn plan dan toch tegen Zijn wil ingaan?
48. Kan een eindeloze foltering van een ontelbare schare mensen het plan zijn waar God een plezier in heeft?
49. Zat bij de schepping van de mens het plan er reeds in dat die mens voor altijd gepijnigd zou worden?
50. Als God dit niet wist bij het scheppen van de mens, was hij dan beperkt in Zijn inzicht?
51. Als God het wel wist bij het scheppen van de mens, was die altijd durende foltering dan niet Zijn uitdrukkelijke wens?
52. Als die filtering dan Zijn uitdrukkelijke wens is waarom geeft Hij dan nog aan dat Hij wil dat iedereen gered wordt?
53. Als de Schriften nou zouden getuigen dat het Gods wil is dat iedereen gered wordt, hoe kunnen wij dan tot de slotsom komen dat slechts enkelen concreet gered worden?
54. Als God nou inderdaad wil dat iedereen gered wordt, waar passen dan al die mensen die verloren gaan in dat plan van God?
55. Als God nou toch zo´n altijd durende hel gemaakt zou hebben, maar zijn wil was dat iedereen gered zou worden, welk doel had Hij dan met die hel?
56. Als God al vanaf het begin het doel van die hel geweten zou hebben, moet Hij dan toen al bepaalde mensen voorbestemd hebben voor die altijd durende ellende?
57. Als God dan inderdaad een hel gemaakt zou hebben, viel die hel dan ook onder de waardering van God dat Hij zag dat die goed was?
58. Als er nou wel een hel zou bestaan, maar dat ding hoort niet bij die schepping in het begin, wanneer is die dan wel geformeerd?
59. Als het nou misging bij was men de zondeval noemt en God heeft op Zijn plan niet zo´n invloed dat dit plan ook uitgevoerd wordt, gaat het dan straks ook wellicht weer mis?
60. Als satan goed geschapen zou zijn, maar later gevallen is, zit Johannes er dan niet volledig naast door aan te geven dat hij een leugenaar vanaf het begin is?
61. Als satan een engel zou zijn geweest, die een satan is geworden, vergist Paulus zich dan zo dat hij aangeeft dat satan zich juist voordoet als een engel van het licht?
62. Waar zonde telkens als resultaat van verleiding getekend wordt, wie zou dan die engel verleid hebben waardoor het een satan geworden is?
63. Als God ons eerst heeft liefgehad, waarom dan de oproep om Hem lief te hebben en voor Hem te kiezen opdat Hij ons Zijn liefde kan tonen?
64. Als God ons eerst heeft liefgehad, is het dan niet vanzelfsprekend dat hij ons liefheeft ongeacht ons doen en laten?
65. Als God ons eerst heeft liefgehad, is onze eventuele liefde voor Hem daar dan niet het resultaat van i.p.v. de oorzaak?
66. Is Gods liefde voor ons te verenigen met Gods gerechtigheid, terwijl wij Hem helemaal niet liefhadden?
67. Als God ons zo onvoorwaardelijk liefheeft, waar is die liefde van God dan gebleven in de toekomst?
68. Als Gods onvoorwaardelijke liefde Zijn genade uitwerkt, wat werkt gerechtigheid van God dan uit als we dit zien als een razende wraakoefening, die altijd maar zal voortduren?
69. Waar heeft God verklaard dat Hij niet wil dat alle mensen gered worden?
70. Moet God zijn meerdere in de vrije wil van de mens erkennen?
71. Zou God twee verschillende willen kunnen hebben, die strijdig zijn met elkaar?
72. Wij mogen als gelovigen één van denken zijn, maar zou God dat dan zelf niet kennen?
73. Als God het altijd maar doorgaande lijden van de mens wenst, waarin verschilt Hij dan van het grootste monster?
74. Kan Christus Jezus wel de Redder van alle mensen heten en dan toch niet alle mensen redden?
75. Is Christus Jezus ook de Redder van ongelovigen?
76. Als Christus niet de Redder van ongelovigen zou zijn, waarom wordt het evangelie dan aan ongelovigen verkondigd?
77. Is het reddingswerk van Christus iets wat Christus deed of doet de ongelovige dit werk door gelovig te worden?
78. Is geloven niet simpel een feit erkennen en voor waar houden of is geloven een mystieke verandering aanbrengen van iets wat eerst nog geen feit was (de redding), wat dan door het geloof een feit wordt?
79. Doet het ongeloof van sommigen nu het geloof van God teniet?
80. Heeft God nu alle mensen onder ongeloof besloten met het doel dat Hij aan al die mensen barmhartigheid zou bewijzen?
81. Is God wel de Redder van alle mensen als Hij het toch in het bijzonder voor de gelovigen is?
82. Als geloof voorwaarde tot de redding is, gaan dan alle kleine kinderen en verstandelijk gehandicapten per definitie verloren?
83. Als de redding van de mens het gevolg is van werken als bekering, berouw en geloof, is het dan nog uit genade?
84. Stel dat één mens uit genade alleen gered zou zijn en alle anderen door een dergelijk werk van bekering, zijn er dan twee mogelijkheden tot redding?
85. Welke glorie en eer zit er voor God in een altijd doorgaande straf?
86. Kan een altijd doorgaande straf iets betekenen voor de persoon die gezondigd heeft en tekort komt aan de heerlijkheid van God?
87. Kan de tong, die voortdurend gefolterd wordt, belijden dat Jezus Christus Heer is en kan de knie, die zich doorlopend in een hel bevindt, zich buigen?
88. Hoop jij op een altijd durende bestraffing en foltering voor mensen (misschien wel collega´s), die je echt kent?
89. Als God bij elk schepsel dat Hij schiep al van tevoren wist hoe die persoon zou terecht komen, gered of verloren, staat dat dan niet gelijk aan een voorbestemming tot gered of verloren zijn?
90. Waarom wordt de mens opgeroepen om zelfs barmhartig naar de dieren te zijn als we dat beginsel nou juist bij God niet terug zouden vinden?
91. Is het waar dat Gods barmhartigheden over al Zijn werken zijn?
92. Is het waar dat God de Onveranderlijke is en dat er geen schaduw van omkeer bij Hem is?
93. Welke barmhartigheden zitten er in een altijd maar doorgaande foltering?
94. Welk zegenrijk doel streeft een altijd maar doorgaande foltering na?
95. Kan Bijbels onderwijs te goed zijn om waar te zijn?
96. Een gelovige, die uit angst (voor de kerk, de broeders en zusters, de leer, de satan, geestverschijningen of zelfs voor God) gelooft, is dat een gelovige?
97. Een gelovige, die aangeeft niet te geloven in uitsluitend genade als basis voor je leven en niet te geloven in een God die uiteindelijk iedereen zal redden, is dat een gelovige?
98. Als de goedertierenheid van God tot bekering leidt, waarom wordt er dan nog steeds altijd durende wraak gepredikt?
99. Als het bij ons mensen zo mis loopt waar wij kwaad met kwaad vergelden, wat mogen we dan verwachten als God zo handelt?
100. Zal de Rechter van de hele aarde geen recht doen?

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende

Ga naar: Genade Knipoogjes 657 Genade Knipoogjes 655