U bevindt zich hier: Israel

Donderdagmiddag 12 Juni 2008

We hadden alles gezien op de berg Megiddo, stapten weer in de bus en reden door naar Akko.
Akko is naast Jeruzalem waarschijnlijk wel de meest complete en charmante oude stad van Israël. Deze stad stamt uit de Kanaänititsche tijd, maar dankt zijn huidige vorm aan de Arabieren en de kruisvaarders. Nadat de kruisvaarders in 1099 Jeruzalem hadden ingenomen, gebruikten ze Akko als hun belangrijkste haven en verbinding met Europa. De stad is later nog door islamitische legers onder Saladin ingenomen, maar is later ook weer door Richard I Leeuwenhart terug veroverd. Het grootste deel van de dertiende eeuw was Akko het belangrijkste kruisvaardersbolwerk, terwijl Jeruzalem in islamitische handen bleef.

Toen de ‘christelijke’ legers steeds meer macht moesten inleveren, was dit het laatste bastion voor de val. De stad leefde op onder een reeks Osmaanse gouverneurs, onder wie Ahmed Pasha el-Jazzar, die de stad in 1799 met succes verdedigde tegen Napoleon.
In Akko troffen we opgravingen aan van een paleis of iets dergelijks van de kruisvaarders. Hier zijn de archeologen nog altijd bezig nieuwe ruimtes van te ontdekken. Het lag allemaal onder andere nieuwe gebouwen. Het was allemaal volgestort met zand. Dat is echter zo hard dat het wel beton lijkt, wat ze echt met drilboren open moeten leggen. De Osmaanse gouverneurs hebben Akko namelijk herbouwd op de resten van de kruisvaardersstad. De straten uit de kruisvaarderperiode liggen daardoor acht meter onder de huidige. Een deel ervan is opgegraven en bracht een rijkdom aan 12de en 13de eeuwse architectuur aan het licht. Er zijn enkele prachtige gotische ridderzalen te zien. Van de zalen voert een smalle gang naar een grote eetruimte met enorme zuilen. Onder die eetzaal voert een netwerk van claustrofobische ondergrondse gangen naar een ruimte die bekend staat als El Bosta. Dat is een Arabisch woord voor postkantoor. Een functie die de Turken aan deze ruimte gaven. In de tijd van de kruisvaarders diende deze ruimte waarschijnlijk als ziekenhuis.

We liepen door enorme gewelven en kwamen uit op een soort plein midden in het bouwwerk. Daar was men bezig voorbereidingen te treffen om een bruiloft te vieren. Een podium was er opgezet en er stond al een barbecue van veel grotere afmeting als wat wij gewend zijn. Het zijn ook prachtige gewelven om feesten te organiseren.
We liepen door alle opgravingen in Akko en kwamen uiteindelijk uit op een museumwinkeltje, waar een koperslager aan het werk was. Hij legde het werk, waar hij aan bezig was, weg en begon iets nieuws te slaan. Hij zei dat degene die het eerst zou ontdekken wat hij ging slaan, dat werkje mocht hebben. Hij begon aan een vis en Machtelt herkende het vrijwel direct. Het was een Petrusvis. Zij kreeg het mee.
Nadat Machtelt leuke oorhangers gekocht had verlieten we het winkeltje aan de achterkant en kwamen terecht in een nauw steegje met daarin een hele leuke markt. Bij die markten komen de herinneringen telkens terug hoe het Waterlooplein vroeger was in Amsterdam. Daar namen we voor de eerste keer het heerlijk verse jus d’orange, waar we daarna helemaal aan verslingerd waren.

De zware verdedigingswallen in Akko zijn kopieën van de oorspronkelijke kruisvaardersmuren, waarvan nog altijd fragmenten te zien zijn. Terwijl onze gids Ineke ons het één en ander aan het vertellen was over de stad weerklonk de oproep tot het gebed vanuit de El Jazzar moskee. Het was El Jazzar, die deze fraaie Turkse moskee in 1781 heeft laten bouwen.
Akko is een zeer schilderachtige plaats waar Machtelt veel foto’s heeft geschoten. Opeens zaten we ook midden in een bruidsstoet en natuurlijk werd de bruidsauto bestormd door alle leden van de groep die van het paar foto’s wilden maken.
De chauffeur had de plaatselijke lekkernij Baclavah meegenomen in de bus, die hij op de terugtocht uitdeelde, en daar werd door iedereen heerlijk van gepeuzeld. Wat kunnen die mensen heerlijke zoeternijen bakken!

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende