U bevindt zich hier: De Bijbel Door

Adres en afzender
We hebben nu de structuur van het Evangelie van Mattheus gezien. We ontmoetten de Schrijver en Zijn secretaris. Nu gaan we kijken wie in dit Evangelie aangesproken wordt en hoe Yahshua HaMashiah (dat is Jezus Christus voor het Joodse volk) voorgesteld wordt.

Link tussen beide Verbonden
De plaats die dit Evangelie inneemt in de Bijbel is op zichzelf al een kenmerkende aanwijzing voor zijn betekenis. Mattheus volgt direct na het Oude Verbond en staat aan het begin van het Nieuwe Verbond. Het Evangelie van Mattheus vormt als het ware de verbindende schakel tussen het Oude en het Nieuwe Verbond.

Het adres: Israël
Het Evangelie van Mattheus is puur Joods. Het is zelfs oorspronkelijk in het Hebreeuws geschreven. Ondanks het stilzwijgen van God in die 400 jaar was er toch een gelovig overblijfsel gebleven. Zij worden in dit Evangelie aangesproken. God laat weer van Zich horen na die 400 jaar en spreekt Zijn verbondsvolk aan. Die adressering is belangrijk. We kunnen dat dan ook niet als opdrachten of lessen aan de Gemeente, het Lichaam van Christus oppikken. Vandaar zulke duidelijke uitspraken als de volgende:
Mattheus 15: 24 Hij echter antwoordde: Ik ben slechts gezonden tot de verloren schapen van het huis van Israël.

De Koning van Israël
Niet de Gemeente, het Lichaam van Christus, wordt aangesproken in Mattheus. Christus wordt in de Bijbel voorgesteld als het Hoofd van de Gemeente, nergens als de Koning van de Gemeente. Koning ben je over een volk, niet over een lichaam. Het is het verbondsvolk Israël dat hier wordt aangesproken in dit Evangelie met de woorden van Zacharia:
‘Zie uw koning!’.

Koning uit het geslacht van David
In het Evangelie naar Mattheus wordt de Heer Jezus Christus aan het volk Israël voorgesteld als Yahweh, hun Koning.
Zacharia 9: 9 Jubel luide, gij dochter van Sion; juich, gij dochter van Jeruzalem! Zie, uw koning komt tot u, hij is rechtvaardig en zegevierend, nederig, en rijdende op een ezel, op een ezelshengst, een ezelinnejong.
Jeremia 23: 5 – 6 Zie, de dagen komen, luidt het woord van Yahweh, dat Ik
aan David een rechtvaardige Spruit zal verwekken; die zal als koning regeren en verstandig handelen, die zal recht en gerechtigheid doen in het land. In zijn dagen zal Juda behouden worden en Israel veilig wonen; en dit is zijn naam, waarmede men hem zal noemen: Yahweh onze gerechtigheid.
Jeremia 33: 15 – 16 In die dagen en te dien tijde zal Ik
aan David een Spruit der gerechtigheid doen ontspruiten, die naar recht en gerechtigheid in het land zal handelen. In die dagen zal Juda verlost worden en Jeruzalem veilig wonen, en zo zal men het noemen: Yahweh onze gerechtigheid.
Jezus Christus is de Koning van het volk Israël. Vandaar dat in het eerste hoofdstuk de Koninklijke geslachtslijn vereist is van Abraham en David af.

Telkens wordt Israël aangesproken
Christus is in dit Evangelie de Koning van Israël.
Mattheus 2: 2 en vroegen: Waar is de Koning der Joden, die geboren is?
Mattheus 21: 5 Zegt tot de dochter van
Sion: Zie, uw Koning komt tot u,
Mattheus 27: 11 De stadhouder ondervroeg Hem en zei: Bent U
de Koning der Joden? Jezus zei: Gij zegt het.
Mattheus 27: 29 Toen vielen zij voor Hem op de knieën en spotten, zeggende: Wees gegroet, gij
Koning der Joden!
Mattheus 27: 37 En boven zijn hoofd brachten zij op schrift de beschuldiging tegen Hem aan: Dit is Jezus,
de Koning der Joden.
Mattheus 27: 42 Hij is
Israëls Koning; laat Hij nu van het kruis afkomen en wij zullen aan Hem geloven.
Het land heet ook daadwerkelijk ‘Israël’ en niet ‘Jakob’.
Mattheus 2: 20 en zegt: Sta op, neem het kind en zijn moeder en reis naar het land Israël,
Mattheus 2: 21 En hij stond op en hij nam het kind en zijn moeder en kwam in
het land Israël.
Ook de inwoners worden door de Heer ‘Israël’ genoemd.
Mattheus 8: 10 Voorwaar, zeg Ik u, bij niemand in Israël heb Ik een zo groot geloof gevonden!
Mattheus 10: 6 begeeft u liever tot de verloren schapen van
het huis Israëls.
Mattheus 15: 24 Ik ben slechts gezonden tot de verloren schapen van
het huis Israëls.
Ook de steden in dit Evangelie zijn de steden van Israël.
Mattheus 10: 23 Jullie zullen niet alle steden van Israël zijn rondgekomen, voordat de Zoon des mensen komt.
Zelfs God is in dit Evangelie de God van Israël.
Mattheus 15: 31 Zij verheerlijkten de God van Israël.

Alles in dit Evangelie draait om Koning Messias Yahshua en Zijn volk Israël.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.
Startpagina // Volgende

Verwante Artikelen

Hier vindt u de verwijzingen naar andere artikelen die ook betrekking hebben op hetzelfde Bijbelgedeelte: