U bevindt zich hier: De Bijbel Door

Genesis 18: 11 Abraham nu en Sara waren oud en hoogbejaard; het ging Sara niet meer naar de wijze der vrouwen.
Abraham. Zie Genesis 17: 4.
Sara. Zie Genesis 17: 15.
Sara luisterde. Dit was de eerste keer dat zijzelf deze boodschap hoorde.
Oud en hoogbejaard. Dit verklaart hoe Rebekka, een kleindochter van de broer van Abraham, oud genoeg kon zijn om te trouwen met Izaäk, de zoon van Abraham.

Genesis 18: 12 Dus lachte Sara in zichzelf, denkende: Zal ik wellust hebben, nadat ik vervallen ben, terwijl mijn heer oud is?
Lachte. Zie Genesis 17: 17.
De mens ziet hier ongeloof aan het werk. God ziet anders naar Sara en getuigt van haar geloof.
Hebreeën 11: 11 Door het geloof heeft ook Sara kracht ontvangen om moeder te worden, en dat ondanks haar hoge leeftijd, daar zij Hem, die het beloofd had, betrouwbaar achtte.
God handelt altijd in genade met ons en schenkt ons het geloof.
Sara. Zie Genesis 17: 15.
Zal ik… Een retorische vraag. Bij ons, in de Nederlandse taal, ook goed bekend.
Vervallen. Letterlijk: ‘weggekwijnd’ of ‘versleten’. In het oog van Sara was ze zelf al helemaal opgebrand. Als het ware beschouwde ze zichzelf al als dood. Gods genade is dat Hij leven uit de dood wekt.
Mijn Heer. Hebreeuws: ‘Adon’.
1 Petrus 3: 6 zoals Sara Abraham gehoorzaamde en hem heer noemde; en haar dochters zijn jullie, als jullie goed doen en u geen schrik laat aanjagen.
Deze uitspraak staat niet in contrast met de volgende:
Genesis 21: 12 Maar God zei tot Abraham: Laat dit niet kwaad zijn in uw ogen, om de jongen en om uw slavin; in alles wat Sara tot u zegt, moet u naar haar luisteren, want door Izaäk zal men van uw nageslacht spreken.
Ook als ze hem corrigeerde bleef hij haar ‘Adon’.

Genesis 18: 13 Toen zei Yahweh tot Abraham: Waarom lacht Sara daar en zegt: Zal ik werkelijk baren, terwijl ik oud geworden ben?
Yahweh. Zie Genesis 2: 4.
Abraham. Zie Genesis 17: 4.
Waarom. Verbonden met de vraag in het volgende vers is dit opnieuw retorisch bedoeld.
Sara. Zie Genesis 17: 15.

Genesis 18: 14 Zou voor Yahweh iets te wonderlijk zijn? Te bestemder tijd, over een jaar, zal Ik tot u wederkeren, en Sara zal een zoon hebben.
Zou iets te wonderlijk zijn. Retorisch. Een gelijksoortige uitspraak doet de engel aan Elisabeth.
Lukas 1: 37 Want geen woord, dat van God komt, zal krachteloos wezen.
Yahweh. Zie Genesis 2: 4.
Sara. Zie Genesis 17: 15.
Sara zal een zoon hebben. Een herhaling van Genesis 18: 10. Er zat alleen een totaal bewijs van ongeloof tussen die eerste en deze tweede vermelding. Sara had ongelovig gelachen om de belofte om daarna er nog over te liegen ook. Gods belofte verandert daar totaal niet door. God handelt in genade met Abraham en Sara.
Precies diezelfde wijze van handelen ontdekken we bij de opwekking van het dochtertje van Jaïrus.
Mattheus 9: 24 – 25 Zij lachten Hem uit. Toen de schare uitgedreven was, ging Hij binnen en vatte haar hand en het meisje ontwaakte.
Er was plezier van ongeloof. Dit weerhield Gods genade niet om leven uit de dood te wekken, precies als bij Abraham en Sara.

Genesis 18: 15 Toen loochende Sara het: Ik heb niet gelachen, want zij was bevreesd; maar Hij zei: Neen, je hebt wel gelachen.
Sara. Zie Genesis 17: 15.
Lachen, bang en liegen. Het is zo menselijk om zo te reageren als je 25 jaar op dit bericht gewacht hebt en nu het volslagen uitgesloten lijkt, blijkt het opeens Gods tijd te zijn.

Genesis 18: 16 Toen vertrokken die mannen vandaar en zagen in de richting van Sodom; en Abraham ging met hen mede om hen uitgeleide te doen.
Mannen. Hebreeuws: ‘Ish’. Mannen, die in Genesis 19: 1 & 15 engelen genoemd worden.
Zagen in de richting van. Hebreeuws: ‘shakaph’. Letterlijk: ‘keken neer op’.
Vanaf dit punt t/m hoofdstuk 19: 38 is het oordeel over Sodom het onderwerp.
Sodom. Zie Genesis 10: 19.
Abraham. Zie Genesis 17: 4.

Genesis 18: 17 En Yahweh dacht: Zou Ik voor Abraham verbergen wat Ik ga doen?
Yahweh. Zie Genesis 2: 4.
Zou Ik verbergen. Opnieuw een retorische vraag.
Amos 3: 7 Voorzeker, Adonai Yahweh doet geen ding, of Hij openbaart zijn raad aan zijn knechten, de profeten.
Vanaf dit moment openbaart Yahweh Zijn raad aan de profeten. Hiervan is Abraham de eerste in een lange rij.
Abraham. Zie Genesis 17: 4.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.
Startpagina // Volgende

Verwante Artikelen

Hier vindt u de verwijzingen naar andere artikelen die ook betrekking hebben op hetzelfde Bijbelgedeelte:
Enkel Genade:
Genesis 18: 3 Abraham Vond Genade In De Ogen Van Yahweh