U bevindt zich hier: De Bijbel Door

Genesis 14: 17 Toen ging de koning van Sodom uit, hem tegemoet, nadat hij teruggekeerd was van het verslaan van Kedorlaomer en de koningen die met hem waren, naar het dal Sawe, dat is het Koningsdal.
Toen ging. De tweede oorlog. De koning van Sodom kwam niet letterlijk tegen Abram strijden. Hij kwam hem verleiden. Melchizedek treedt tussenbeide om Abram eerst op Yahweh, God de Allerhoogste, te wijzen. Zo treedt genade tussenbeide om ons toe te rusten voor de verleiding.
Sodom. Zie Genesis 10: 19.
Kedorlaomer. Zie Genesis 14: 1.
Sawe. Dit dal wordt alleen hier genoemd. Betekenis: ‘Vlakte’.
Koningsdal. Wellicht zo genoemd vanwege de ontmoeting hier met de koning van Salem. Verder heeft dit dal die naam later ook behouden (2 Samuel 18: 18).

Genesis 14: 18 En Melchisedek, de koning van Salem, bracht brood en wijn; hij nu was een priester van God, de Allerhoogste.
En. Nu wordt er een soort pauze ingelast van vers 18 t/m 20 om Gods weg van genade te verklaren.
Melchisedek. Betekenis: ‘Koning van gerechtigheid’. Christus wordt in Psalm 110: 4 priester voor de Olam (de aioon, oftewel de komende eeuw) genoemd naar de wijze van Melchizedek. Dit wordt in het Nieuwe Testament herhaald in Hebreeën 5: 6 & 10 en 7: 17. De hemelse hoop van de joodse gelovigen wordt in Hebreeën 6: 20 aan het hogepriesterschap van Christus in de aioon verbonden naar de ordening van Melchizedek. In Hebreeën 7: 1 wordt Melchizedek zelf priester van de allerhoogste God genoemd. In Hebreeën 7: 11 wordt het priesterschap naar de ordening van Melchizedek duidelijk onderscheiden van het priesterschap naar de ordening van Aäron omdat die niet het volmaakte heeft gebracht voor het volk. Christus is volgens Hebreeën 7: 15 opgestaan als priester voor het volk naar het evenbeeld van Melchizedek.
Gezien het feit dat nergens enige aanleiding in de Bijbelplaatsen is om aan te nemen dat Melchizedek zelf Christus Jezus was, is het onjuist om dit te stellen. Het hogepriesterschap van Christus voor het volk Israël is naar de ordening van Melchizedek en staat direct in relatie tot haar hemelse hoop in de toekomende eeuw.
Het is opnieuw belangrijk dit alles duidelijk te onderscheiden van de hemelse positie van de huishouding van het geheimenis in onze tijd.
Efeze 4: 10 Hij, die nedergedaald is, Hij is het ook, die is opgevaren ver boven alle hemelen, om alles tot volheid te brengen.
Salem. Andere naam voor Jeruzalem. In Psalm 76: 3 wordt het aangewezen als de woonplaats van God. Betekenis: ‘vrede’ of ‘geheel’. Afleidingen zijn het Hebreeuwse ‘shalom’ en het Arabische ‘salaam’.
Bracht brood en wijn. Uiting van dankbaarheid voor het verjagen van de vreemde troepen.
Wijn. Hetzelfde woord als in Genesis 9: 20-24, waar Noach dronken van werd.
Priester. Een priester die niet komt met offers, maar met geschenken.
God, de Allerhoogste. Hebreeuws: ‘El Elyon’.
Zoals Melchizedek priester van de Allerhoogste is, is Christus Zoon van de Allerhoogste.
Lukas 1: 35 En de engel antwoordde en zei tot haar: De Heilige Geest zal over u komen en de kracht des Allerhoogsten zal u overschaduwen; daarom zal ook het heilige, dat verwekt wordt, Zoon Gods genoemd worden.

Genesis 14: 19 En hij zegende hem en zei: Gezegend zij Abram door God, de Allerhoogste, de Schepper van hemel en aarde,
God, de Allerhoogste. Hebreeuws: ‘El Elyon’.

Genesis 14: 20 en geprezen zij God, de Allerhoogste, die uw vijanden in uw macht heeft overgeleverd. En hij [Abram] gaf hem [Melchizedek] van alles de tienden.
God, de Allerhoogste. Hebreeuws: ‘El Elyon’.

Genesis 14: 21 De koning van Sodom nu zei tot Abram: Geef mij de mensen, en behoud de have voor u.
Sodom. Zie Genesis 10: 19.
Abram. Zie Genesis 11: 26.
Mensen. Hebreeuws: ‘nephesh’. Letterlijk: ‘zielen’.

Genesis 14: 22 Doch Abram zei tot de koning van Sodom: Ik zweer bij Yahweh, bij God, de Allerhoogste, de Schepper van hemel en aarde:
Abram. Zie Genesis 11: 26.
Sodom. Zie Genesis 10: 19.
Ik zweer. Letterlijk: ‘Ik hef mijn hand op’. In elk geval een uitdrukkelijke verklaring bij Yahweh. Wellicht inderdaad een zweren. Zie Exodus 6: 8; Psalm 106: 26 en Jesaja 3: 7.
God, de Allerhoogste. Hebreeuws: ‘El Elyon’.

Genesis 14: 23 Zelfs geen draad of schoenriem, ja niets van het uwe zal ik nemen, opdat gij niet kunt zeggen: Ik heb Abram rijk gemaakt!
Geen draad of schoenriem. Twee redelijk waardeloze zaken, waarmee Abram de nadruk erop legt dat hij absoluut niets wil aannemen.
Niets zal ik nemen. Hij had meer dan zat aan genade ontvangen via Melchizedek.
Abram. Zie Genesis 11: 26.

Genesis 14: 24 Geenszins, alleen wat de knechten hebben verteerd en het aandeel der mannen die met mij gegaan zijn, Aner, Eskol en Mamre, laten die hun aandeel ontvangen.
Aner. Zie Genesis 14: 3.
Eskol. Zie Genesis 14: 3.
Mamre. Zie Genesis 13: 18.
Wat werkt Genade in dit hoofdstuk?
1/
Het zet alles in om mensen die het niet verdienen te redden en alles terug te geven
2/ Het werkt een rijke vrucht, geboren in eigen huis, getraind in eigen huis en bewapend
3/ Het heeft geen schulden aan anderen, maar dient hen wel
4/ Het versterkt voor beproeving

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.
Startpagina // Volgende

Verwante Artikelen

Hier vindt u de verwijzingen naar andere artikelen die ook betrekking hebben op hetzelfde Bijbelgedeelte: