U bevindt zich hier: Bijbelstudies Video

Het Vreselijk 10 Geboden Uithangbord

Goedemorgen mensen. Ik geef je vandaag eens iets anders om naar te kijken. Kijk maar eens naar mijn L.A. kop. Waar ik deze L.A. kop vandaan heb? Heb ik in New York gekocht.

Weet je, ik kan me nog herinneren hoe ik een aantal jaren terug het wel leuk vond om naar uithangborden van de kerken te kijken.

Tegenwoordig kijk ik niet meer naar dat soort uithangborden van kerken. Ik meen het serieus. Het is verschrikkelijk! Onbijbels en ik vind ze in het algemeen vernederd naar God toe.

Mijn zus zag een uithangbord van de kerk, waarop stond: ‘Als je dit leven al zwaar vindt, moet je eens zien hoe het leven hierna wordt’.

‘Het loon van de zonde is de dood’.
Ja, ik zag een keer een uithangbord van een kerk met die boodschap erop. Wat maakt het hen uit dat de genade die God schenkt het leven in Christus Jezus is? Daar lijken ze niet terecht te kunnen komen.

Het lijkt er op alsof ze je willen veroordelen en je een rot gevoel willen geven zodat je wel naar die kerk moet om onveroordeeld te worden. Waarom altijd dat slechte nieuws?

Sommigen van jullie hebben dit wellicht al eens van me gehoord, maar ik heb één uithangbord van een kerk gezien dat echt iets zinvols te melden had. Daar stond: ‘Rommelmarkt, zaterdag’.

(Gek stemmetje)
Onze klanten staan op de eerste plaats. Wij hebben de beste, plaatselijke prijzen. Waarom zou je ergens anders naartoe gaan?
Schoenmaker, hou je bij je leest.

Destijds, toen ik nog altijd straf verslond en dus al die uithangborden van de kerken bekeek, toen zag ik een uithangbord van een kerk waarop stond:…..
Hier heb ik toch wel even een roffel van de drummer voor nodig.
Nee? Moet ik het zelf doen? Okay!
(Martin timmert met zijn vingers op tafel.)
Op dat uithangbord van die kerk stond:
‘God gaf tien geboden, niet tien voorstellen’.

(Martin zit een tijdje met een verdwaasd gezicht.)
Alsof de wet nog altijd een goed uitvoerbaar, werkbaar middel is om rechtvaardig te worden.
God gaf tien geboden, niet tien voorstellen’, alsof God nog altijd verwacht dat je die ook gaan volbrengen.
‘Waarom volbreng jij deze wet niet? Het zijn niet zomaar wat voorstellen!’
Het is alsof de geboden niet een begeleider was die naar Christus leidde.
Ze doen alsof Christus zelfs nooit gekomen is, alsof Christus ons geen genade heeft gebracht.

Ik was dus gekwetst door dit uithangbord van die kerk, zoals jullie waarschijnlijk al, zoals je wellicht al verwacht had. Ik ben dan ook nog eens zo’n soort persoon die daar denkt wat aan te moeten doen.

Ik ben concreet naar die kerk gestapt, naar het kantoor van die kerk, naar de voorganger van die kerk, de verantwoordelijke man voor deze geweldsdaad tegen de moderne maatschappij. Deze man, die zo nodig deze grote kei naar mensen moet gooien, dat zij nog altijd die tien geboden moeten volbrengen.
(Martin slaat zich met een knal tegen het voorhoofd.)
Elke keer als ik voorbij dat uithangbord kwam werd ik helemaal gek. Hartstikke gek werd ik ervan.

Dit was ergens in de tachtiger jaren. Ik wilde eigenlijk een opname maken. Ik dacht: Wat zal het prachtig voor het nageslacht zijn om dit gesprek met die voorganger op te nemen.

Ik ging dus de kamer van de voorganger binnen met zo’n groot herrieschop-apparaat om mijn nek gehangen. Het waren nog maar de tachtiger jaren. We hadden nog niet die kleine telefoonrecordertjes. Hoe noemen jullie dat? I-pods!
Herrieschop-apparaat met van die dubbele tapedecks.

Dames en heren, dit is een speciale ochtend voor jullie omdat de Vroege Gek Verslag werkers deze monumentale botsing der reuzen nog eens hebben nagespeeld: Martin Zender en de voorganger van deze kerk met dit maatschappij vernietigende, mensen veroordelende, God ontwijdende, anachronistische

(Koor breekt uit in een luid ‘Hallelujah’ met op het scherm het uithangbord van Twin Lake Lutheran Church met de mededeling ‘We Zitten Vast In dit Grillige Stenen Tijdperk’.)

, ik heb toch op de universiteit gezeten? Anachronistische? Ja! Uithangbord van de kerk.

Hier heb je dan mijn historische ontmoeting met voorganger Hubert Bingerton.
(Op fluisterende toon)
Je moet wel weten dat dit niet zijn echte naam is, natuurlijk. Dat zou ik natuurlijk niet doen. Zijn echte naam is Bob Growsberg, maar ik noem hem Hubert Bingerton.

Hé, wacht eens even. Waarom noemen we hem niet gewoon Bob Growsberg? Okay, laten we nou maar aannemen dat zijn werkelijke naam Hubert Bingerton is en dat ik hem nu Bob Growsberg noem. Ja! Dat gaan we doen! Dit wordt cool!

Nu vraag ik, dames en heren, uw welgemeende aandacht voor de Vroege Gek Verslag spelers in ‘Het Uithangbord Van De Kerk’.

(Filmtekst)
Het Uithangbord Van De Kerk’

Martin Zender
Pardon, bent u Mozes?

Voorganger
‘Nee.

Martin Zender
(onverstaanbaar)

Voorganger
‘Opnieuw fout’.

Martin Zender
‘Voorganger Growsberg?’

Voorganger
‘Jij moet die bezoeker zijn die me aan de tand wilt voelen over mijn uithangbord.’

Martin Zender
Ik hoop dat ik niet op een ongelegen moment kom. Je weet wel, die muziek en zo.’

Voorganger
(Zet de muziek van zijn herrieschop-apparaat uit.)
‘O nee, totaal niet. Hé, leuke stropdas heb je om.’

Martin Zender
‘O, bedankt, maar dit is een herrieschop-apparaat.’

Voorganger
‘Mooi herrieschop-apparaat! Ik heb er ook één en die lijkt sprekend op die van jou.
Goed, ontlast je geweten, jongen!’

Martin Zender
‘Nou, het betreft het uithangbord van uw kerk.’

Voorganger
‘Pittig bordje, vind je niet?’

Martin Zender
‘Nou,’
(heel licht schudden met het hoofd.)

Voorganger
Ik heb het idee uit een kerkblad.’

Martin Zender
‘Ja, dat dacht ik al. Zo’n vijftien kilometer verderop zag ik ook al zo’n uithangbord.

Voorganger
‘Geweldig! Het wordt een epidemie! Best nogal slim, mag ik toch wel zeggen!’

Martin Zender
‘ja, best wel sluw maar vindt u niet dat het belangrijker is om Bijbels te zijn?’

Voorganger
‘Hmm, dit is een nieuwe opvatting! Kan je hier wat dieper op in gaan?’

Martin Zender
‘Ja, voorganger Growsberg, uw uithangbord lijkt de indruk te wekken dat de tien geboden nog altijd een praktisch, bruikbaar middel is om godsvruchtig te leven.’

Voorganger
‘Heb jij die woorden in een concordant opgezocht?’

Martin Zender
‘Ja meneer, dat heb ik gedaan.’

Voorganger
‘Okay, dan is het goed.’

Martin Zender
‘Het lijkt erop dat u iedereen die dit uithangbord ziet, uitdaagt om de tien geboden te volbrengen. U stelt dat dit geen voorstellen zijn, maar regelrechte opdrachten. Waarom zou u iedereen die naar dit uithangbord kijkt willen vervloeken?’

Galaten 3: 10 Allen, die het van werken van de wet verwachten, liggen onder de vloek; want er staat geschreven: Vervloekt is een ieder, die zich niet houdt aan alles, wat geschreven is in het boek van de wet, om dat te doen.

Voorganger
(Lacht uitbundig)
Okay, jij hebt mijn plannetje door.

Martin Zender
‘Uw plannetje?’

Voorganger
‘Je weet toch wel? Ik hoop de mensen zo gefrustreerd te krijgen door het proberen dat te doen wat mijn uithangbord zegt dat ze hier naartoe komen rennen en hun hoofden tegen de muren slaan op zoek naar een uitweg. Daarna kan ik hen de boodschap van genade voorleggen.’

Martin Zender
‘Voorganger, u wilt mij toch niet wijsmaken dat dit uw bedoeling was met dit uithangbord?’

Voorganger
‘Ja, ja, ik denk dat je me nu echt te pakken hebt.

Martin Zender
(Staat te praten in zijn herrieschop-apparaat.)
‘Dit moet hij zeggen, mensen. Hij is nu in de hoek gedreven. Dit is een uitwijkende beweging.’

Voorganger
‘Hé, je kan niet zomaar praten in dat herrieschop-apparaat! Stop dat! Stop daar gelijk mee! Dit is behoorlijk grof, gast!’

Martin Zender
‘Ik leg alleen maar wat persoonlijke waarnemingen vast op mijn band.’

Voorganger
‘Nou, okay, ik geef je een persoonlijke waarneming!
(Zet de muziek van zijn herrieschop-apparaat weer voluit aan.)

Martin Zender
‘Voorganger, ik denk echt niet…’

Voorganger
‘Wat vind je hiervan? Deze persoonlijke waarneming!?’

Martin Zender
‘Ik denk echt niet dat we dit onderwerp moeten ontwijken met muziek.’

Voorganger
(Zet de muziek weer uit.)
Dit is toch niet mijn favoriete nummer. Ik hou van Donna Summer.’

Martin Zender
‘Ja, ik ook, eigenlijk. ‘I Feel Love’. Vindt u dat een mooi nummer? Dat is echt een behoorlijk goed nummer!’

Voorganger
‘Ja! Ja, ja, dat vind ik echt een mooi nummer. Maar ik hou vooral van dat nummer, eh… ‘Love To Love You, Baby’.’

Martin Zender
‘Ja, ik moet toegeven dat dat een behoorlijk te gek nummer is.’

Voorganger
‘Het is sexy.’

Martin Zender
‘Ja, ja, ja, dat weet ik. Maar kunnen we ons beperken tot dat uithangbord?’

Voorganger
‘Ja, ja, natuurlijk, natuurlijk.’

Martin Zender
‘Als het werkelijk uw oprechte bedoeling is mensen in frustratie naar deze kerk te drijven opdat u hen genade kunt geven….
(Gaat verder met in het herrieschop-apparaat te fluisteren.)
Mensen, eigenlijk is dat helemaal niet zijn werkelijke bedoeling. Hij probeert er tussenuit te knijpen.’

Voorganger
‘Hé, daar ga je weer. Stop daar gelijk mee!’

Martin Zender
De wet is niet ontworpen om rechtvaardigheid te bewerken. Het is ontworpen om mensen tot akelige, morele fatsoensrakkers te vormen zoals Paulus daar ook eentje van was. Wat je nodig hebt is een uithangbord dat genade aankondigt.’

Voorganger
‘Ik kan me niet nog een uithangbord permitteren!’

Martin Zender
‘Maar deze heb je nodig!

Voorganger
‘Jij hebt onze kerkelijke begroting nog niet gezien!’

Martin Zender
‘Misschien kunnen jullie als kerk eens een rommelmarkt houden of auto’s gaan wassen.’

Voorganger
‘Hé, jij neemt me toch zeker niet in de maling, hè?’

Martin Zender
‘Ik heb alleen maar het welzijn van de mensen in deze stad op het oog.’

Voorganger
‘Kijk, ik ben ervan overtuigd dat wij als christenen een gezond evenwicht moeten aanbrengen tussen wet en genade.’

Martin Zender
‘Het spijt me, meneer, maar wet en genade vallen niet te vermengen. Dat is zoiets als azijn en olie.’

Voorganger
‘O, dat is heerlijk op mijn salade en dan nog kleefpasta erbij.’

Martin Zender
‘Weet u wat er in Romeinen 5: 20 staat?’

Voorganger
Romeinen 5: 20 is een groots vers.’

Martin Zender
‘Ja, het is een groots vers.’

Voorganger
‘O, het is enorm!’

Martin Zender
‘Weet ik!’

Voorganger
‘Het is eh….., het is gigantisch!’

Martin Zender
‘Ja!’

Voorganger
‘Groter dan een huis!’

Martin Zender
Ja, ja, ja. Groter dan een huis.’

Voorganger
‘Dus, eh…. Zou je mijn geheugen wat kunnen opfrissen?’

Martin Zender
‘Natuurlijk’

Romeinen 5: 20 De wet is er bijgekomen, opdat de overtreding zou toenemen;

Martin Zender
‘Dit was dus goddelijk geplande frustratie dat de mensheid naar genade zou uitdrijven. Het enige wat uw uithangbord dus zal bewerken is, in plaats van dat rechtvaardigheid uitbreekt, dat wetteloosheid uitbreekt.
Houdt de aantekeningen van de politie in deze stad maar goed in de gaten. Ik waarschuw je.’

Voorganger
‘Nou jongen, het was leuk kennis gemaakt te hebben. Jammer dat je er nu vandoor moet …. zo snel.’

Martin Zender
‘Voorganger, wat u moet doen is een uithangbord ophangen dat de genade van God verhoogt en niet de wet van Mozes. Zoals in Romeinen 3: 28 …..’

Romeinen 3: 28 Want wij zijn van oordeel, dat de mens door geloof gerechtvaardigd wordt, zonder werken der wet.
Efeze 2: 8-9 Door genade zijn jullie behouden, door het geloof, en dat niet uit jezelf: het is een gave van God; niet uit werken, opdat niemand zal roemen.

Voorganger
(Zet zijn muziek er weer hard overheen.)
Weet je, ik denk dat ik een afspraakje heb om ergens te eten. Jochie, ik denk dat je weet waar de deur is.’

Martin Zender
‘Okay, nou bedankt voor uw tijd. Dat waardeer ik.’

Voorganger
‘Ehum, ehum, ehum.’

Martin Zender
‘Nog eens bedankt.’

Voorganger
‘Ehum.’

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende