U bevindt zich hier: Bijbelstudies Video

Leugen nummer 21 is dat we voortdurend God om vergeving voor onze zonden moeten vragen. In onze hedendaagse kerk wordt dit zo veelvuldig verkondigd. Toch is het niet de waarheid.

De Bijbel zegt dat Christus door Zichzelf als offer te geven eens en voor altijd de zonden heeft weggedaan.
Hebreeën 7: 27 die niet, gelijk de hogepriesters, van dag tot dag eerst offers voor zijn eigen zonden behoeft te brengen en daarna voor die van het volk, want dit laatste heeft Hij eens voor altijd gedaan, toen Hij Zichzelf ten offer bracht.

Dit is nu precies wat de Heer gedaan heeft. In het Oude Testament was één van de zaken die de Heer is komen doen terug te vinden in de zondebok.
Leviticus 4: 24 Hij zal zijn hand op de kop van de bok leggen en hem slachten op de plaats waar men ook het brandoffer voor het aangezicht van Yahweh pleegt te slachten; een zondoffer is het.

De zondebok kwam voor de priester die zijn handen op de kop van het dier legde. Daarmee bracht hij symbolisch de zonden van het volk over op de bok. Die bok werd dan weggestuurd in de woestijn. Daarmee werd aangegeven dat de zonden van het volk weggedragen waren om nooit meer terug te keren.

Dat is nu precies datgene wat Christus met jouw en mijn zonden deed. Hij nam die zonden weg, zodat de zonden zelfs helemaal geen punt meer zijn. Ik weet natuurlijk dat er nu mensen met de uitspraak van Johannes zullen komen.
1 Johannes 1: 9 Indien wij onze zonden belijden, Hij is getrouw en rechtvaardig, om ons de zonden te vergeven en ons te reinigen van alle ongerechtigheid.

Laat ik gelijk beginnen met te stellen dat als je ervan uitgaat dat dit vers je opdraagt om voortdurend je zonden te belijden je iets inleest in dit vers dat verder tegen alles wat de Bijbel leert ingaat. We bouwen onze manier van geloven niet op één geïsoleerd vers dat met alle andere teksten in de Bijbel in tegenspraak lijkt. We duiken dan echter wat dieper in de werkelijke betekenis van dit vers.

Ik heb natuurlijk te weinig tijd in deze video van drie tot vier minuten om uitgebreid op deze tekst in te gaan. Ik wil echter wel het volgende zeggen. Er zijn grofweg gesproken twee verschillende lijnen van uitleg over dit vers.

Ten eerste schreef Johannes zowel aan gelovigen als aan niet gelovigen. Zij die christen waren en zij die de gnostiek aanhingen. Er zijn daarom ook velen die geloven dat deze tekst helemaal de gelovigen niet aanspreekt. Ik spreek dit niet direct tegen.

Er is een tweede uitleg waar ik meer in zie. Dat is de gedachte dat belijdenis van zonden hier voorwaardelijk is voor vergeving. Ik weet dat het woord ‘indien’ voorwaardelijk lijkt in de betekenis van ‘als’. Hetzelfde woord wordt echter ook op andere plekken gevonden.
Colosse 3: 1 Aangezien jullie dan met Christus opgewekt zijn, zoekt de dingen, die boven zijn, waar Christus is, gezeten aan de rechterhand van God.

In de meeste vertalingen lijkt deze tekst in Colosse ook voorwaardelijk: ‘als dit waar is, nou dan…’ Paulus gaat er echter volledig vanuit dat we met Christus zijn opgewekt. Zo is het ook in de Johannestekst de basis dat we de gewoonte hebben onze zonden ook te erkennen voor God.

De gedachte is dus dat de nieuwe natuur van de gelovige is elke zonde te erkennen, zoals het ook de natuur van God is om getrouw en rechtvaardig te zijn, waardoor Hij ons rein houdt.

(Mijn [Hein] commentaar: Het komt mij nogal geforceerd over. Belangrijk in mijn lijn van denken is dat Johannes in elk geval tot de Jood spreekt binnen de bediening van het Nieuwe Verbond. Daar openbaart genade zich in een praktijk van volharding en is deze praktijk voor mij dus ook niet zo vreemd. Pas in die volharding blijkt of je met een gelovige of ongelovige Jood van doen hebt.)
(Steve verwijst naar een boek die hij over dit onderwerp schrijft)

Laten we nu even een paar verzen daarvoor lezen.
1 Johannes 1: 7 Indien wij in het licht wandelen, gelijk Hij in het licht is, hebben wij gemeenschap met elkander; en het bloed van Jezus, zijn Zoon, reinigt ons van alle zonde.

Dit is een vers die de uitleggers van vers 9 telkens lijken over te slaan. Het werkwoord ‘reinigt’ staat hier in de aorist, wat betekent dat het een altijd doorgaand proces is. De Bijbel zegt hier dat als wij in het licht wandelen, dat het bloed van Jezus ons dus voortdurend gereinigd houdt van alle zonde.

Wandelen we dan wel in het licht? Voor het antwoord daarop gaan we weer een paar verzen terug.
1 Johannes 1: 5 God is licht en in Hem is in het geheel geen duisternis.
Via Jezus Christus ben jij in gemeenschap met God gekomen. Jij en ik zijn daarom ook altijd in het licht. Aangezien we nu altijd in Zijn licht mogen vertoeven zijn we dus ook zeker van een voortdurende reiniging van onze zonden.

Betekent dit nu dat we gewoon maar onze zonden negeren? Nee, natuurlijk niet. We zagen toch dat het de natuur van ons als gelovigen is om te erkennen dat we zondigen. Natuurlijk brengen we het bij de Heer. We doen het echter niet opdat we vergeving mogen ontvangen. We doen het omdat we vergeving ontvangen hebben.

Verdrink dus nou niet in verkeerde opvattingen over deze ene tekst terwijl het hele Nieuwe Testament verder leert dat al onze zonden uit het verleden, heden en toekomst absoluut vergeven zijn. Als jij gelooft dat je voortdurend je zonden moet belijden om telkens opnieuw vergeving van zonden te mogen ontvangen, dan zit je gevangen in een leugen.

Als jij het onderwijs van het hele Nieuwe Testament gelooft dat je zonden volkomen zijn weggedaan door het volbrachte werk van Christus, dan heb je daar een waarheid te pakken dat jou bevrijdt in je eigen wandel in genade.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende