U bevindt zich hier: Artikelen Machtelt de Haan

Diverse kenmerken van onze zegen

Wij zijn gezegend met alle geestelijke zegening, zoals...
En dan begint Paulus met de opsomming.

Het eerste wat Paulus dan noemt is onze uitverkiezing. Deze zegen is inmiddels door sommige kerken tot een dogma verheven en heeft als zodanig veel verdriet en angst opgeleverd. Dat gebeurt er dus als je een tekst of soms zelfs een enkel woord uit zijn verband haalt. Wij zijn inderdaad uitverkoren, maar dat heeft niets te maken met behoudenis.

Uitverkiezing heeft in de Schrift altijd te maken met positie en taak.
Niet alleen wij, de leden van het lichaam van Christus, maar ook Israël is uitverkoren. Hand.13:17 De God van dit volk Israël verkoos (of uitverkoos) onze vaderen en verhoogde het volk ...
En ook van de twaalf apostelen lezen we o.a. In Joh.6:70 Heb Ik niet u, de twaalf uitverkoren? En in Hand 1:2 nadat Hij door de Heilige Geest zijn opdrachten had gegeven aan de apostelen die Hij had uitverkoren.
Uitverkiezing heeft in de Schrift altijd te maken met positie en taak;

De positie van Israël is dat het Gods volk is, de bruid van Christus. Hun taak; door hen zullen de andere volken geregeerd worden, zij zullen de heerlijkheid van Christus hier op aarde tonen aan de volken.

De positie van de twaalf apostelen is de speciale plaats in de regering van het volk Israël, we vinden hun namen in het fundament van het nieuw Jeruzalem (0penbaring 21:14). Hun taak is in de eerste plaats de verkondiging van het evangelie van het koninkrijk, als getuigen van het leven, de dood en de opstanding van de Here Jezus Christus,de Messias,(Hand.1:8) en straks zullen zij een speciale taak hebben in de regering van Israël.

De positie waartoe wij zijn uitverkoren is niets minder dan het zoonschap. Hij heeft al voor de grondlegging van de wereld een plan gehad. God handelt niet zomaar, Hij handelt volgens een plan, en in dat plan hebben wij een speciale plek. Hij wilde mensen maken, die aan Zijn hart zouden komen in Zijn geliefde Zoon. Hij wilde Zijn liefde met ons delen. Daarom heeft Hij ons uitverkoren. Dit is geen verdienste van ons, want toen God dit plan bedacht, voordat de schepping van de wereld een aanvang had genomen, had Hij ons al in Zijn hart gesloten. Wij waren er nog niet eens, laat staan dat wij goed of kwaad hadden gedaan. Wat een heerlijke zekerheid dat Gods liefde al zo lang naar ons uitgaat. Hij wilde ons heilig en onberispelijk voor zich stellen op een plaats waar Hij ons altijd zien kon. Daar had en heeft Hij plezier in, het is immers naar Zijn welbehagen.

En wat is onze taak? Vers 6 tot lof van de heerlijkheid van zijn genade. Wij hebben een passieve taak, zoals we ook lezen in hoofdstuk2:7 Opdat Hij in de komende eeuwen de uitnemende rijkdom van zijn genade zou betonen in goedertierenheid over ons in Christus Jezus.
God laat in ons Zijn geweldige genade en goedertierenheid zien, want Hij heeft ons begenadigd, d.w.z. Aangenaam gemaakt, in de Geliefde. Alles draait bij God om liefde en de Geliefde.

Toen ik voor het eerst de blijde boodschap van de genade hoorde was dat ook wat mij raakte. Na een jeugd waarin niet veel liefde werd getoond, was het voor mij heel belangrijk dat er iemand was die onvoorwaardelijk van mij hield. Ik was me ook wel bewust van mijn zonden, maar het gebrek aan liefde overheerste. God heeft mij mijn zonden vergeven, maar bovenal God houdt van mij, niet om wat ik heb gedaan, maar omdat Hij liefde is. Dat besef brengt me elke keer weer op de knieën, ik zal Hem m'n hele leven daarvoor dankbaar zijn.

Wij hebben inderdaad de verlossing door Zijn bloed, de vergeving van de overtredingen (vers 7). Maar dat is geen nieuwe waarheid. Dit vinden we door de hele Schrift; in het oude testament als beeld, bv. In de offers, maar nu de Messias is gestorven en opgestaan in heerlijke werkelijkheid zoals we ook lezen in bv. Rom. 3:23,24 en 5:8-10. Met name in Romeinen 5 lezen we de universele verlossing, waar Adam en Jezus Christus tegenover elkaar worden gesteld. Door de eerste mens, Adam, zijn de zonden in deze wereld tot alle mensen gekomen en in de tweede mens, Jezus Christus, kwam de genade en waarheid tot alle mensen.
Inderdaad dat is naar de rijkdom van Zijn genade, geen verdienste van onze kant. En in ons geval is Hij daarin ook nog eens overvloedig geweest.

Hij heeft ons door die genade wijsheid en inzicht gegeven.
Wijsheid, niet van deze wereld,zoals we lezen in Kolosse 2:8, nee wij hebben overvloedig wijsheid van boven gekregen. Bedenk dan de dingen die boven zijn Kol 3:2.
Inzicht in zaken die voor de wereld verborgen zijn gebleven, de verborgenheid van Zijn wil. Hij had er plezier in, het was naar zijn welbehagen, ons zijn plan te openbaren.

Wat lezen we hierover nu eigenlijk in de kolossebrief. Zoals we gezien hebben gaat de Kolossebrief weliswaar over de zelfde dingen,maar met de nadruk op het Hoofd, waar in de efezebrief de nadruk ligt op het lichaam.

Een samenvatting van Efeze 1:1-10 vinden we in Kolosse 3:1-4.
Zoekt dan de dingen die boven zijn daar ligt immers alle geestelijke zegen. Daar is ook Christus, ons Hoofd, gezeten aan Gods rechterhand. Wij zijn gezegend in de geliefde.
Bedenk de dingen die boven zijn,niet die op de aarde zijn. Alles wat we hebben ontvangen heeft te maken met het hemelse. Natuurlijk wandelen we hier op aarde, maar als vreemdeling en voor een korte tijd.
En dan volgt die prachtige tekst vers 3:
Want u bent gestorven en uw leven is met Christus verborgen in God.
We zijn gestorven, maar we leven. Ons leven is in Christus, we zijn één lichaam, Hij het Hoofd, wij de leden. We zijn verborgen in God. Wat een heerlijke veilige plek!

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.
Startpagina // Volgende