U bevindt zich hier: Artikelen Machtelt de Haan

Indeling & Schrijver van de brief

Inleiding:
De brief aan de Romeinen is geschreven tijdens de handelingenperiode, d.w.z.. dat Paulus, de schrijver, nog niets wist van het geheimenis. Deze brief gaat dus over de gelovigen van het nieuwe verbond, dus Israël. Toch is het voor ons van het grootste belang kennis te nemen van de inhoud van deze brief, want het belangrijkste onderwerp is:
“De gerechtigheid van God tegenover de vermeende rechtvaardiging van de mens uit werken.”
Dat is een universele boodschap. Door alle eeuwen heen en door alle bedelingen blijft deze waarheid staan;
Romeinen 3:21-25 Maar nu is, buiten wet om, gerechtigheid van God geopenbaard, waarvan door de wet en de profeten getuigenis gegeven wordt, namelijk gerechtigheid van God door geloof van Jezus Christus tot allen, en over allen die geloven; want er is geen onderscheid. Want allen hebben gezondigd en komen te kort aan de heerlijkheid van God, en worden om niet gerechtvaardigd door Zijn genade, door de verlossing die in Christus Jezus is.

Indeling van de brief:
In de eerste drie hoofdstukken laat Paulus zien dat de mens in alle opzichten van God is afgeweken.
Daarna in de hoofdstukken 4 t/m 8 zien we de gevolgen van de rechtvaardiging door God, ook in algemene zin.
In de hoofdstukken 9 t/m 11 zien we het plan van God met Israël.
En tenslotte in de laatste hoofdstukken 12 t/m 16 zien we de wandel van de gelovige.

De schrijver:
Romeinen 1:1 Paulus, slaaf van Christus Jezus, geroepen apostel,afgezonderd tot het evangelie van God...
Paulus, de schrijver van de brief, noemt zichzelf in de eerste plaats een slaaf van Christus Jezus. Hij is niet van zichzelf, hij is in dienst van Jezus Christus, die hij met zijn hele leven toebehoort. Verder noemt hij zichzelf een geroepen apostel.
Paulus was een apostel, maar niet één van de twaalf apostelen. Deze worden met name genoemd in Handelingen 1: 13 plus, i.p.v. Judas Iskariot in vers 26, Matthias. Het is dus niet Paulus die de plaats van Judas inneemt. Toch mag Paulus zichzelf een apostel noemen. Hoe dat precies zit kunnen we lezen in de Korinthebrief en in de Galatenbrief. Belangrijk is nu te weten dat deze slaaf van Jezus Christus ook met gezag kon spreken namens zijn Heer.

Hij was afgezonderd door God, apart gezet met een speciale opdracht, namelijk: het evangelie van God, de blijde boodschap van God. In Handelingen 20: 24 noemt hij dat het evangelie van de genade van God.
In Handelingen 9 lezen we hoe Paulus door God geroepen wordt als hij op weg is naar Damascus. In Handelingen 13: 2 lezen we hoe Paulus te midden van de gemeente afgezonderd wordt.
Handelingen13:2 ...zei de Heilige Geest:”Zondert Mij nu Barnabas en Saulus af voor het werk waartoe Ik hen heb geroepen.”
Dat evangelie, die blijde boodschap, was al belooft in het oude testament, door de profeten. Het is dus belangrijk dat we ook het oude testament lezen.
Het onderwerp van het evangelie, die blijde boodschap, is Jezus Christus, Gods Zoon, onze Heer.
Deze Jezus, uit het geslacht van David, dus koningszoon, is bewezen Gods Zoon door dodenopstanding. De Here Jezus noemt zichzelf ook de opstanding in Johannes.11: 26. Daar zegt Hij al dat het ware Leven (leven uit God) alleen in Hem te vinden is.

Het doel van de bediening van Paulus van het evangelie is heel specifiek; “geloofsgehoorzaamheid onder alle volken”. Dus niet alleen voor Israël. Daarom wordt hij ook de apostel van de heidenen genoemd.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.
Startpagina // Volgende