U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Jij wordt bemind door de grootste Minnaar!

Bij de vraag “Wie is God?” kan je vrijwel alle kanten op. We zijn nu echter begonnen met in het hart van Vader God te kijken om te ontdekken wie Hij is. Wil je weten wie en wat de God concreet is? De God is liefde! Daarmee heb je het meest elementaire van God zelf te pakken. We kunnen over van alles en nog wat doorpraten, doorstuderen en nog verder onderzoeken, maar de kern van wie en wat God is, dat is Liefde!

Zoals we in het vorige hoofdstuk al heel oppervlakkig door dat vierde hoofdstuk van de Johannesbrief heen gingen, was het al een heerlijk bad van liefde en genade. Daarom willen we nu ook echt diepgaand diezelfde woorden nog eens in ons hart laten bezinken. Waar kan je dan beter mee starten dan Gods eigen omschrijving van hoe Hij ons ziet, namelijk: “Beminden!” of “Geliefden!”.
1 Johannes 4:7 Geliefden, laten wij elkaar liefhebben, want de liefde is vanuit de God; en een ieder die liefheeft, is vanuit de God geboren en kent de God.

“Geliefden” of “Beminden”
De geadresseerden spreekt Johannes hier aan als “Agapetos”, oftewel mensen, die onvoorwaardelijk worden liefgehad. We kunnen ons er heel makkelijk vanaf maken met één of andere verklaring dat Johannes de wereld niet aanspreekt of dat Johannes niet zomaar willekeurig ongelovigen aanspreekt. Heel graag blijken we God in Zijn wezen, namelijk het onvoorwaardelijk liefde zijn naar echt elk mens, te willen beperken. In die lijn van denken klopt een heleboel niet. Johannes spreekt namelijk met name zijn volksgenoten, het volk Israël, aan. Daar zitten gelovigen en ongelovigen onder. Houd in je achterhoofd de gedachte vast dat de dienst van Johannes, Jacobus, zowel Petrus als Judas allemaal op de besnijdenis, dus het volk Israël gericht was (Galaten 2: 9).

De God is liefde. De God, dat is Vader God, dat is Yahweh. Die is in wezen puur onvoorwaardelijke liefde. Hij heeft Zijn aardse volk Israël onvoorwaardelijk lief. Vandaar dat deze brief met “Agapetos” begint. Johannes spreekt hiermee zowel de gelovigen als de ongelovigen onder het volk aan. Precies zoals hij dat met de hele brief doet. De vraag komt dan echter toch weer terug: Spreekt God uitsluitend over gelovigen en ongelovigen uit Zijn aardse volk Israël als onvoorwaardelijk geliefden? Ook met die uitleg beperken we heel makkelijk God in Zijn wezen, namelijk: Onvoorwaardelijke liefde.

Wie zijn onvoorwaardelijke geliefden van God?
1. De Zoon van God
Mattheüs 3:17 Een stem uit de hemelen zei: Deze is Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik Mijn plezier heb!
Mattheüs 12:18 Zie mijn knecht, die Ik verkoren heb,
Mijn geliefde, in Wie Ik plezier heeft!
Mattheüs 17:5 Een stem uit de wolk zei: Deze is
Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik plezier heb:
Markus 1:11 Er kwam een stem uit de hemelen: Jij bent
Mijn geliefde Zoon; in Jou heb Ik plezier.
Markus 9:7 Een stem kwam uit de wolk: Deze is
Mijn geliefde Zoon, hoort hem.
Lukas 3:22 Een stem kwam uit de hemel: Jij bent
Mijn geliefde Zoon, in Jou heb Ik plezier.
Lukas 9:35 Er klonk een stem uit de wolk, die zei: Deze is
Mijn geliefde Zoon, hoort hem.
2 Petrus 1:17 Deze is Mijn
geliefde Zoon, in Wie Ik plezier heb.

2. Het aardse volk Israël
Romeinen 11:28 Wat de verkiezing betreft zijn zij geliefden ter wille van de vaderen.
Hebreeën 6:9
Geliefden, wij zijn wat jullie betreft, overtuigd van betere en met de redding verbonden dingen,
Jakobus 1:16 Mijn
geliefde broeders.
Jakobus 1:19 Mijn
geliefde broeders:
Jakobus 2:5 Mijn
geliefde broeders,
1 Petrus 2:11
Geliefden,
1 Petrus 4:12
Geliefden,
2 Petrus 3:1
Geliefden,
2 Petrus 3:8
Geliefden,
2 Petrus 3:14 Daarom,
geliefden,
2 Petrus 3:17 Jullie dan,
geliefden,
1 Johannes 3:2
Geliefden,
1 Johannes 3:21
Geliefden, als
1 Johannes 4:1
Geliefden, gelooft niet iedere geest,
1 Johannes 4:7
Geliefden, laten wij elkaar liefhebben,
1 Johannes 4:11
Geliefden, als God ons zó heeft liefgehad,
3 Johannes 1:2
Geliefde, ik wens dat het jou in alles wèl gaat
3 Johannes 1:5
Geliefde, je handelt trouw in alles
3 Johannes 1:11
Geliefde, volg niet het kwade na,
Judas 1:3
Geliefden, terwijl ik alle ijver had om jullie te schrijven
Judas 1:17
Geliefden, gedenkt de woorden,
Judas 1:20
Geliefden, terwijl jullie jezelf opbouwen

3. De gelovigen in Rome
Romeinen 1:7 Aan alle geliefden van God die te Rome zijn,
Romeinen 12:19 Wreekt jezelf niet,
geliefden,

4. Wij, de leden van het lichaam van Christus
Efeziërs 5:1 Weest navolgers van God, als geliefde kinderen;

Tussen gelovigen werkt die onvoorwaardelijke liefde door:
Handelingen 15:25 Onze geliefden, Barnabas en Paulus,
Romeinen 16:5 Groet Epénetus,
mijn geliefde, die de eersteling is van Asia voor Christus.
Romeinen 16:8 Groet Amplias,
mijn geliefde in de Heer.
Romeinen 16:9 Groet Urbánus, …, en Stachys,
mijn geliefde.
Romeinen 16:12 Groet Persis,
de geliefde, die veel gearbeid heeft in de Heer.
1 Corinthiërs 4:14 Ik vermaan jullie als
mijn geliefde kinderen.
1 Corinthiërs 4:17 Timotheüs, die
mijn geliefd en trouw kind in de Heer is;
1 Corinthiërs 10:14 Daarom,
mijn geliefden, ontvlucht de afgodendienst.
1 Corinthiërs 15:58 Daarom,
mijn geliefde broeders, weest standvastig,
2 Corinthiërs 7:1 Omdat wij deze beloften hebben,
geliefden,
2 Corinthiërs 12:19 Wij spreken voor Gods aangezicht in Christus dit alles,
geliefden, tot jullie opbouwing.
Efeziërs 6:21 Tychicus,
de geliefde broeder en trouwe dienaar in de Heer, zal jullie alles bekend maken;
Filippenzen 2:12
Mijn geliefden, …, werkt jullie eigen redding uit met vrees en beven;
Filippenzen 4:1 Mijn
geliefde broeders, …, mijn blijdschap en kroon, staat zo vast in de Heer, geliefden!
Colossenzen 1:7 Epafras, onze
geliefde medeslaaf,
Colossenzen 4:7 Tychicus, de
geliefde broeder,
Colossenzen 4:9 Onésimus, de trouwe en
geliefde broeder,
Colossenzen 4:14 Lukas, de
geliefde geneesheer.
1 Thessalonicenzen 2:8 Jullie zijn daardoor
geliefden van ons geworden.
1 Timotheüs 6:2 Wie gelovige meesters hebben, moeten hen niet verachten, omdat zij …. gelovigen en
geliefden zijn.
2 Timotheüs 1:2 Timotheüs, mijn
geliefd kind:
Filemon 1:1 Filémon, de
geliefde en onze medearbeider,
Filemon 1:2 Appia, de
geliefde,
Filemon 1:16 Niet langer als slaaf, maar als meer dan slaaf, als een
geliefde broeder,
2 Petrus 3:15 Onze
geliefde broeder Paulus,
3 Johannes 1:1 De
geliefde Gajus,

Gods onvoorwaardelijke liefde betreft dus Zijn Zoon, Zijn aardse vrouw Israël en het hemelse lichaam van Zijn Zoon. Die onvoorwaardelijke liefde werkt ook door in de gelovigen onderling. Duiken we een volgende keer verder in die onvoorwaardelijke liefde van Vader God, dan zien we dat ook de wereld buiten het aardse volk Israël en buiten het hemelse lichaam van Christus betrokken is in die onvoorwaardelijke liefde van Vader God. Die liefde werkt ook telkens verder door. Hoe dat zo kan? Zoals het er in dit vers ook staat.
1 Johannes 4:7 Geliefden, laten wij elkaar liefhebben, want de liefde is vanuit de God; en een ieder die liefheeft, is vanuit de God geboren en kent de God.
Die onvoorwaardelijke liefde is vanuit de God. Er is dus geen enkel andere bron! Het wezen van God zelf is namelijk onvoorwaardelijke liefde!

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende