U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Jezus Christus: De waarachtige God?

Voordat ik begin, eerst dit:
Ik neem aan dat we allemaal, stuk voor stuk, op zoek zijn naar de Schriftuurlijke antwoorden. Ik heb op heel veel zaken, ook betreffende onderdelen van het vraagstuk dat ik in deze serie behandel, meer vragen dan antwoorden. Maar de Schrift blijft de Schrift en die is gezaghebbend, niet wat ik of een ander onderwijst.

Samen kunnen we elkaar wel erop wijzen wat we denken in die Schrift ontdekt te hebben. In deze serie beschrijf ik vooral wat ikzelf in het verleden heb onderwezen en wat ik vanuit de Schrift niet staande kon houden. Ik kan iedereen die dit leest verzekeren dat ik jarenlang gezwegen heb over wat ik over dit onderwerp in de Schrift tegenkwam en hoe ik er emotioneel mee gevochten heb. Maar waar ik of een ander ook leerstellig uitkomt, onze ontdekkingen staan nooit in marmer of leer gegrafeerd. Iedereen kan er afstand van nemen als het in zijn of haar denken niet past in wat hij/zij letterlijk in de Schrift terugvindt.

Laten we de Schrift letterlijk in de grondtekst als uitgangspunt van al ons denken houden. Besef daarbij hoe sterk we door Christus in één Geest zijn samengevoegd. Dat hoeft nog niet in te houden dat we altijd in alles precies eender denken. Nu nog niet.

En dan nu…..
En nu de tekst, die in mijn beleving vroeger een echte knock-out was van een ieder die het God zijn van Jezus Christus bestreed. En hier heb je hem:
1 Johannes 5:20 Wij weten dat de Zoon van God gekomen is en ons het verstand gegeven heeft, opdat wij de Waarachtige kennen; en wij zijn in de Waarachtige, in zijn Zoon Jezus Christus. Deze is de waarachtige God en het leven van de aioon.

Jezus Christus! Dat is de waarachtige God! Het staat er zo pontificaal! Wie kan daar nog omheen? Of lees ik dat nu verkeerd? In elk geval mogen we ervan uitgaan dat Johannes zichzelf niet tegenspreekt.
Johannes 17:3 Dit is het leven van de aioon, dat zij U kennen, de enige waarachtige God, en Jezus Christus, Die U gezonden hebt.

Dus het feit dat Johannes hier in zijn evangelie een helder en duidelijk scheiding aanbrengt tussen de enige oftewel unieke God en Jezus Christus, die deze unieke God gezonden heeft, dat kunnen we niet zomaar wegstrepen tegen de schijnbare uitspraak in zijn brief over Jezus Christus, die dan plotseling daar de waarachtige God lijkt te zijn. Juist in de Schrift geldt dat daar waar er twee totaal tegenstrijdige uitspraken lijken te zijn, die twee niet tegen elkaar uit te spelen zijn. Beide uitspraken zijn namelijk door God geïnspireerd. Beide zijn dus volkomen waar en, ook al begrijp ik het dan wellicht niet gelijk, beiden verkondigen één en dezelfde boodschap.

1 Johannes 5:20 Wij weten dat de Zoon van God gekomen is en ons het verstand gegeven heeft, opdat wij de Waarachtige kennen; en wij zijn in de Waarachtige, in zijn Zoon Jezus Christus. Deze is de waarachtige God en het leven van de aioon.
Nee, er zit in deze tekst geen vertaalmisser. Het is prima weergegeven. Laat ik maar gelijk verklappen hoe ikzelf tegenwoordig deze tekst lees. Hier komt mijn nadere ontvouwing:
De Zoon van God is gekomen. Hij heeft ons inzicht gegeven om de Waarachtige te kennen. Die waarachtige, dat is de waarachtige God. In die Waarachtige zitten wij, namelijk in Zijn Zoon Jezus Christus.”
Wat ik hier dus doe is die zin “en wij zijn in de Waarachtige, in zijn Zoon Jezus Christus.” lezen als een tussenzin.

Als je nu simpelweg de gewone vertaling leest, dan zie je zodra je rekening houdt met die tussenzin het er ook staan. Het bijzondere is dat nu deze tekst ook volkomen aansluit op Johannes 17: 3, waar er een onderscheid aangebracht is tussen de enige waarachtige God en Jezus Christus, die door die waarachtige God gezonden is.

Nu even de lijn van de geschiedenis oppikken. De unieke waarachtige God heeft Zijn Zoon gezonden. Die Zoon is de dood ingegaan. Daarin is de hele mensheid in Hem mee gestorven. Het geweldige is dat de Waarachtige God Hem na drie dagen ook weer heeft opgewekt en wij zijn met Christus mee opgewekt en wij zijn met Christus mee gezet in de rechterzij van God. Wij zijn nu dus in de Waarachtige, namelijk in Zijn Zoon Jezus Christus. Hiermee heeft de Zoon van God ons inzicht gegeven om die Waarachtige te kennen. Dat is niet zomaar het kunnen oplepelen van feitjes over God, de Waarachtige. Nee, het is het heerlijke feit dat we nu in Christus Jezus in de Waarachtige geplaatst zijn. Wat een grandioze versmelting! En dat is alles het werk van Gods genade in Zijn Zoon Christus Jezus!

Misschien blijf je er toch moeite mee houden omdat er toch maar eventjes helder en duidelijk staat: “Jezus Christus. Deze is de waarachtige God.” Daarom wil ik je nu graag meenemen in een grammaticalesje over deze zinsopbouw. Dat is wel een stuk theoretischer dan de geschiedenislijn, die ik net tekende, maar we zullen uiteindelijk op hetzelfde punt uitkomen.

1 Johannes 5:20 Wij weten dat de Zoon van God gekomen is en ons het verstand gegeven heeft, opdat wij de Waarachtige kennen; en wij zijn in de Waarachtige, in zijn Zoon Jezus Christus. Deze is de waarachtige God en het leven van de aioon.

De knik in deze Bijbeltekst zit hem in de volgende woorden: “zijn Zoon Jezus Christus. Deze.” Ikzelf ben er tientallen jaren stellig van overtuigd geweest dat dit overduidelijk aangaf dat Gods Zoon Jezus Christus de waarachtige God was. Hier staat toch zeker direct achter de naam Jezus Christus de nadere uitwerking dat deze de waarachtige God is? Alles draait dus als het ware om dat ene woordje “Deze”. Waar slaat dat woordje grammaticaal nou op terug?

Paar voorbeelden:
1e. “Ik was met Piet naar Artis. Hij wees me de neushoorns aan.”
Het woordje “Hij” wijst gewoon terug naar “Piet”. Geheid dus dat Piet degene was, die me de neushoorns aanwees.
2e. “Piet name me mee naar Artis samen met Claartje. Hij wees me de neushoorns aan.”
Het is omdat Claartje een meisjesnaam is dat we vanzelfsprekend aannemen dat Piet degene was, die ook hier de neushoorns aanwees. Had er gestaan dat zij me de neushoorns aanwees dan was dat absoluut Claartje geweest die aan het aanwijzen was geslagen.
3e. “Piet name me mee naar Artis samen met Claartje. Deze wees me de neushoorns aan.”
Tja, hier heb je een situatie dat zowel Piet als Claartje de aanwijzer zou kunnen zijn. Dat heb je bij het woordje “Deze”. Hier hebben we dus meer context nodig. Laat dit nou net de situatie van 1 Johannes 5: 20 zijn!

Het woordje “Deze” is in 1 Johannes 5: 20 een prima vertaling. We kunnen dus wel met de grondtekst gaan stoeien, maar dat verandert op zich weinig aan de situatie. Met het Griekse woordje “houtos” zouden we net als in het Nederlands toch nog verder moeten zoeken om te weten hoe het werkt. We gaan eens wat taalkundige tekstvergelijkingen doen met Bijbelteksten, die exact eender zijn opgebouwd.

Johannes 1: 40-41 Andréas, de broer van Simon Petrus, was één van de twee die het van Johannes gehoord hadden en hem gevolgd waren. Deze vond eerst zijn eigen broer Simon,
De uitdrukking “deze” hier is identiek aan “deze” in 1 Johannes 5: 20.
Er staat hier “deze vond eerst zijn eigen broer.” Zouden we de naam, die hier vlak voorstaat nemen, dan komen we op “Johannes”. Nee, Johannes was niet op zoek naar zijn broer. Dat was Andréas. Daarvoor moeten we dus naar het begin van de zin.

Handelingen 7: 18-19 Er stond een andere koning op, die van Jozef niets wist. Deze ging listig te werk met ons geslacht,
Weer die “deze”. Maar wie was het nou die listig te werk ging? Nee, niet Jozef, die er vlak voor staat. Het was die andere koning, die helemaal aan het begin van de tekst genoemd wordt.

1 Johannes 2: 22 Wie is de leugenaar, dan die loochent, dat Jezus de Christus is? Deze is de antichrist, die de Vader en de Zoon loochent.
Jazeker, we hebben deze tekst al vaker langs zien komen, maar nu gaat het me om de grammaticale opbouw van de tekst.
De uitdrukking “deze” hier is opnieuw identiek aan “deze” in 1 Johannes 5: 20.
Er staat hier “deze is de antichrist.” Zouden we de naam, die hier vlak voorstaat nemen, dan komen we op “Jezus de Christus”. Nee, natuurlijk niet. We moeten naar het begin van de zin, waar staat “de leugenaar”.

2 Johannes 1: 7 Er zijn veel verleiders uitgegaan in de wereld, die niet Jezus Christus als in het vlees gekomen belijden. Dit is de verleider en de antichrist.
De uitdrukking “dit is” in deze tekst is hetzelfde als “deze is” in 1 Johannes 5: 20.
Er staat hier “Dit is de verleider en de antichrist.”. Zouden we de naam, die hier vlak voorstaat nemen, dan komen we op “Jezus Christus in het vlees”. Nee, dat weten we wel beter. We moeten blijkbaar naar het begin van de zin, waar staat “veel verleiders”.

Maar weer terug naar onze uitgangstekst:
1 Johannes 5:20 Wij weten dat de Zoon van God gekomen is en ons het verstand gegeven heeft, opdat wij de Waarachtige kennen; en wij zijn in de Waarachtige, in zijn Zoon Jezus Christus. Deze is de waarachtige God en het leven van de aioon.

“Deze is de waarachtige God”.
Wie is nu die unieke waarachtige God? Dat is de waarachtige, die de Zoon van God ons heeft doen leren kennen. Hoe? We zijn in de Zoon Jezus Christus geplaatst, die Zijn plaats in de rechterzij van Vader God, de Waarachtige, heeft ingenomen. Zo hebben we echt het Leven (met een hoofdletter) leren kennen.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende