U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Gods genade leidt tot verandering van denken

Ik kreeg de volgende vraag: Kun je mij Romeinen 2 :4 in zijn eigen context uitleggen?

Ik zal beginnen met de Bijbeltekst zelf zo letterlijk mogelijk weer te geven.
Romeinen 2: 4 Verachten jullie de rijkdom van Zijn goedertierenheid en verdraagzaamheid en lankmoedigheid, en weten jullie niet, dat de goedertierenheid van God jullie tot bekering (metanoian – letterlijk: verandering van denken) leidt?

Opvallend is dat bekering, of zoals het in andere vertalingen weergegeven wordt met berouw, hier absoluut niet als een voorwaarde getekend wordt om Gods goedertierenheid, verdraagzaamheid en lankmoedigheid te ontvangen. Zou ik die conclusie uit deze tekst trekken, dan had ikzelf eigenhandig de hele tekst andersom gegooid. Dan had ikzelf ervan gemaakt: “Weten jullie niet dat je bekering jullie tot de goedertierenheid van God leidt?” Dat staat er totaal niet. Zoals in elk Bijbelgedeelte is telkens Gods overvloeiende rijkdom van genade de bron van waaruit de bekering, oftewel de verandering van denken, hier getekend wordt. De genade uit zich hier in Gods goedertierenheid, Gods verdraagzaamheid en Gods lankmoedigheid (ellenlange geduld).

Waarom komt Paulus hier met die opsomming van Gods overvloeiende rijkdommen van genade? Omdat bij de mensen, die hij hier aanspreekt in hun oordeel en veroordeling zelfs totaal geen enkele goedertierenheid, geen enkele verdraagzaamheid en geen enkele lankmoedigheid te proeven valt t.o.v. de moreel totaal vervallen maatschappij van Romeinen 1. Nee, zij voelen zich veel beter en veroordelen. Ze verachten daarmee Gods genade, terwijl het nou juist Gods genade is dat mensen tot verandering van denken brengt. God werkt en deze veroordelaars hadden daar totaal geen oog voor.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende