U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Bidden tot de Vader of de Zoon?

Een klein vraagje maar. Is er in de Bijbel sprake van bidden tot Jezus Christus, de Zoon van God?
Ik was ervan overtuigd dat er in de Bijbel uitsluitend sprake zou zijn van bidden tot God, de Vader. Bij het keurig rangschikken van de Bijbelteksten over het gebed bleek echter dat de lijst met bidden tot de Zoon uitermate langer werd dan de lijst met bidden tot de Vader. Kan je hier zomaar een conclusie uit trekken?

Het bidden tot Jezus komt alleen voor in drie Griekse woorden, die alle drie een gewone communicatie aanduiden, zoals het ook tussen mensen onderling kan plaatsvinden. Het is het verzoeken, het vragen of het wensen van bepaalde zaken. Zelfs God bidt in de prediking van verzoening alle mensen toe dwars door de gelovigen heen. God, die de mensen bidt!!! Denk daar eens over na! Dat is geen gebed waarbij de Bidder de Goddelijk autoriteit erkent van Degene tot wie Hij bidt. Het is niet de aanbidding, die alleen God toekomt. Het is een vraag, een verzoek.

Het woord dat de grootste inbreng heeft in de teksten betreffende het bidden tot God, de Vader, is “proseuchomai”, met het daarvan afgeleide woord “proseuche”. Hier hebben we de aanbidding, zoals die alleen God toekomt.

De neiging om redelijk dwingend het bidden tot de Vader iedereen op te leggen en daarmee dus het bidden tot de Zoon, Christus Jezus, af te wijzen, dat wordt hiermee dus eigenlijk met de grond gelijk gemaakt. Christus Jezus is de opgestane en verheerlijkte Heer in de hemelen. Vanzelfsprekend kunnen we met Hem spreken. Willen we echter de Goddelijke autoriteit aanspreken, dan is dat uitsluitend God, de Vader.

De conclusie heb ik dus al verklapt. Hier komen de beide lijstjes met teksten:

1/ Bidden tot de Vader:
Mattheüs 6:6 Als je bidt, ga dan in je binnenkamer, en doe de deur op slot, bid tot je Vader, Die in het verborgen is; en je Vader, Die in het verborgen ziet, zal het je in het openbaar vergelden.
Mattheüs 6:8 Jullie Vader weet, wat jullie nodig hebben voordat jullie Hem er om bidden.
Mattheüs 6:9 Bid zo: Onze Vader, Die in de hemelen zijt!
Mattheüs 7:11 Als jullie nou, die toch boos zijn, weten goede gaven te geven aan jullie kinderen, hoeveel te meer zal jullie Vader, Die in de hemelen is, goede gaven geven aan hen, die ze van Hem bidden!
Mattheüs 26:39 Hij viel Hij op Zijn gezicht en bad: Mijn Vader, als het mogelijk is,
Mattheüs 26:42 Voor de tweede keer bad Hij: Mijn Vader! Als deze drinkbeker van Mij niet voorbij kan gaan,
Mattheüs 26:53 Denken jullie, dat Ik Mijn Vader nu niet kan bidden, en Hij zal Mij meer dan twaalf legioenen engelen sturen?
Lukas 11:2 Als je bidt, zegt dan: Onze Vader, Die in de hemelen zijt!
Lukas 11:13 Hoeveel te meer zal de hemelse Vader de Heiligen Geest geven aan hen, die Hem daarom bidden.
Johannes 14:16 Ik zal de Vader bidden en Hij zal jullie een andere Trooster geven,
Johannes 15:16 Wat je de Vader bidt in Mijn Naam, dat zal Hij je geven.
Johannes 16:23 Alles wat je de Vader bidt in Mijn Naam, dat zal Hij je geven.
Johannes 16:26 In die dag zullen jullie in Mijn Naam bidden; Ik zeg dus niet tegen jullie dat Ik voor jullie tot de Vader bidden zal;
Colossenzen 1:3 Wij danken de God en Vader van onze Heer Jezus Christus altijd als we voor jullie bidden.

2/ Bidden tot Jezus:
Mattheüs 8:5 Toen Jezus Kapernaüm binnen was gegaan, kwam een hoofdman over honderd naar Hem toe en bad (Parakaleo = een smeking. Gebeurt ook bij mensen, zoals bij Filippus & Petrus. Ook de Macedonische man bad zo tot Paulus. Zelfs het spreken van God door ons heen bij de verzoeningsboodschap is een gebed van God door ons heen naar de mensen 2Cor 5: 20) Hem,
Mattheüs 8:31 De demonen baden (Ook Parakaleo) Hem: Als U ons uitwerpt, laat ons toe, dat wij in die kudde zwijnen varen.
Mattheüs 8:34 De hele stad ging uit, Jezus tegemoet; en toen zij Hem zagen, baden (Ook Parakaleo) zij, dat Hij uit hun landpalen wilde vertrekken.
Mattheüs 14:36 Ze baden (Ook Parakaleo) Hem, dat zij alleen maar de zoom van Zijn kleed zouden mogen aanraken;
Mattheüs 15:23 Zijn discipelen baden (Erotao = Vragen. Op dezelfde manier bidt Jezus zelf ook weer tot Zijn discipelen. Dus gewoon een vraag stellen.) hem: Stuur haar weg, want zij roept ons na.
Mattheüs 20:20 De moeder van de zonen van Zebedeüs kwam Hem iets bidden (Aiteo = een sterk verlangen uitspreken. Wordt ook gebruikt naar mensen, zoals Pilatus, Herodus & een engel, toe. Zelfs Jezus gebruikt dit bidden om water bij de Samaritaanse vrouw.).
Mattheüs 20:22 Jezus antwoordde: Jullie weten helemaal niet wat jullie bidden (Ook Aiteo).
Markus 1:40 Een melaatse bad (Ook Parakaleo) Hem: Als U het wilt dan kunt U mij reinigen.
Markus 5:10 Hij bad (Ook Parakaleo) Hem zeer, dat Hij hen buiten het land niet wegzond.
Markus 5:12 Alle demonen baden (Ook Parakaleo) Hem: Zend ons in die zwijnen, opdat wij daarin mogen varen.
Markus 5:17 Zij begonnen Hem te bidden (Ook Parakaleo), dat Hij van hun landpalen wegging.
Markus 5:18 Als Hij in het schip ging, bad (Ook Parakaleo) degene, die bezeten was geweest, Hem dat hij bij Hem mocht zijn.
Markus 5:23 Hij bad (Ook Parakaleo) Hem zeer: Mijn dochtertje is in haar uiterste; ik bid U, dat Gij komt en de handen op haar legt, opdat zij gered wordt en zal leven.
Markus 6:56 Men legde de zieken op de markten, en bad (Ook Parakaleo) Hem, dat zij maar de zoom van Zijn kleed mochten aanraken;
Markus 7:26 Een Griekse vrouw bad (Ook Erotao) Hem, dat Hij de duivel uitwierp uit haar dochter.
Markus 7:32 Zij brachten een dove bij Hem, die moeilijk sprak, en baden (Ook Parakaleo) Hem, dat Hij de hand op hem legde.
Markus 8:22 Hij kwam in Bethsaïda; en zij brachten tot Hem een blinde, en baden (Ook Parakaleo) Hem, dat Hij hem aanraakte.
Markus 10:35 De zonen van Zebedeüs zeiden: Meester! wij wilden wel, dat U aan ons deed wat wij u bidden (Ook Aiteo).
Markus 10:38 Jezus zei: Jullie weten niet, wat jullie bidden (Ook Aiteo).
Lukas 4:38 Toen Jezus was opgestaan uit de synagoge ging hij in het huis van Simon; en de schoonmoeder van Simon had hoge koorts, en zij baden (Ook Erotao) Hem voor haar.
Lukas 5:12 Toen de melaatse man Jezus zag, viel hij op het gezicht en bad (Deomai = verlangen, verzoeken. Zo werd ook tot de discipelen gebeden) Hem: Heer! Als U het wilt, dan kunt U mij reinigen.
Lukas 7:3 Omdat hij over Jezus gehoord had, stuurde hij oudsten van de Joden naar Hem toe met het gebed (Ook Erotao) om te komen en zijn slaaf te genezen.
Lukas 7:4 Toen ze bij Jezus gekomen waren, baden (Ook Parakaleo) ze Hem ernstig: Hij is het waard, dat U hem dat doet;
Lukas 7:36 Eén van de Farizeeën bad (Ook Erotao) Hem, dat Hij bij hem zou komen eten;
Lukas 8:28 Hij riep met een grote stem: Wat heb ik met U te maken, Jezus, U Zoon van God, van de Allerhoogste, ik bid (Ook Deomai) U, dat U mij niet pijnigt!
Lukas 8:31 En zij baden (Ook Parakaleo) Hem, dat Hij hun niet gebieden zou in den afgrond heen te varen.
Lukas 8:32 Er was een kudde zwijnen, die op de berg weidden; en zij baden (Ook Parakaleo) Hem, dat Hij hun wilde toelaten daarin te varen.
Lukas 8:37 De hele menigte van het omliggende land van de Gadarénen baden (Ook Erotao) Hem, dat Hij zou vertrekken;
Lukas 8:38 De man, van wie de demonen uitgevaren waren, bad (Ook Deomai) Hem, dat hij bij Hem mocht blijven.
Lukas 8:41 Een overste van de synagoge viel aan de voeten van Jezus, en bad (Ook Parakaleo) Hem, dat Hij in zijn huis wilde komen.
Lukas 9:38 Een man riep het uit: Meester, ik bid (Ook Deomai) U, zie toch mijn zoon aan; want hij is mij een eniggeborene.
Lukas 11:37 Een Farizeeër bad (Ook Erotao) Hem of Hij bij hem het middagmaal wilde eten;
Johannes 4:31 Ondertussen baden (Ook Erotao) de discipelen Hem: Rabbi, eet.
Johannes 4:40 De Samaritanen baden (Ook Erotao) Hem, dat Hij bij hen bleef; en Hij bleef daar twee dagen.
Johannes 4:47 Hij ging naar Jezus toe en bad (Ook Erotao) Hem, dat Hij kwam om zijn zoon gezond te maken; want hij lag op sterven.
Johannes 9:2 Zijn discipelen baden (Ook Erotao) Hem: Rabbi, wie heeft er gezondigd,
Johannes 16:23 In die dag zullen jullie Mij niets vragen (Ook Erotao).

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende