U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Hoe zit het met het werkwoord "MOETEN"

In de Staten Vertaling komt het 130 keer voor.
In de NBG-51 komt het opeens 611 keer voor.
In de allernieuwste weergave van de NBV zelfs 2277 keer.
Dat is nogal een groei in die vertalingen. Hoe moderner, hoe meer we moeten.

De vraag is echter of de Hebreeuwse en Griekse grondtekst aanleiding geven tot al dit moeten, zoals de Bijbelvertalers ons in een steeds groeiender mate willen laten geloven. Dat blijkt niet het geval te zijn. In het Hebreeuws is er geen enkel woord dat hier aanleiding toe geeft. In het Grieks is er slechts 1 woordje dat niet anders vertaald kan worden dan met “MOETEN”.
Dat is het werkwoord: δει dei. Dit werkwoord komt 104 keer voor in de Bijbel.

Zoek zelf in een Strong Concordant bijvoorbeeld eens al die keren op dat er terecht sprake is van dit “MOETEN”. Het is strongnummer 1163. Je zult ontdekken dat het voortdurend wijst op het onvermijdelijke dat er iets moet gebeuren. Dus de enige aanleiding tot “MOETEN” in de Bijbel wijst niet op een ethisch moeten.

Dat ethische moeten zit ons nou juist behoorlijk hoog omdat we geneigd zijn nog voortdurend te eten van de boom van de kennis van goed en kwaad. We maken dan de morele keuze voor het goede, dat moet dan. We maken dan de morele keuze tegen het kwaad. Dat moet dan beslist niet. Onze neiging om te eten van die boom is blijkbaar ook de oorzaak van de vele ten onrechte weergaves van “MOETEN” in de diverse vertalingen.

De Bijbel, Gods Woord zijnde, snoept vanzelfsprekend niet van die boom van de kennis van goed en van kwaad. De boom des levens (Christus) is het centrale thema van Gods Woord. Logisch dus dat uitsluitend sprake is van een moeten als het onvermijdelijke. Zo staat er bijvoorbeeld dat er wel oorlogen moeten geschieden. Dat is geen oproep tot oorlog. Zo zegt de Heer op 12 jarige leeftijd dat Hij in de dingen van Zijn Vader bezig moet zijn. Hij moest veel lijden en verworpen worden. Telkens opnieuw wijst het heen naar het onvermijdelijke plan van God, wat ook in de profetieën reeds voorzegd was.

Natuurlijk zijn er ook teksten met dit werkwoord die ook wel als opdracht op te vatten zijn naast dit onvermijdelijke. Waar we dus geen zicht hebben op Gods plan en Gods uitwerking van Zijn plan en dus het werk van Gods genade, daar worden dan ook vanzelfsprekend die teksten als een verplichte opdracht opgevat.

Even enkele voorbeelden van “MOETEN” in de brieven van Paulus, zoals het zelfs in de Staten vertaling te onrechte voorkomt.
2 Corinthiërs 2:7 Alzo dat gij daarentegen hem liever “MOET” vergeven en vertroosten,
1 Timotheüs 3:8 De diakenen insgelijks “MOETEN” eerbaar zijn,
1 Timotheüs 3:11 De vrouwen insgelijks “MOETEN” eerbaar zijn,

Het ten onrechte gebruik van het woord “MOETEN” is dus bij elke nieuwere Bijbelvertaling steeds verder opgelopen. Er is dus een groeiende afwijking van Gods Woord op grond van het menselijk verlangen tot het keuzes maken vanuit die boom van de kennis van goed en kwaad. Blijkbaar is er nog altijd een groeiend verlangen om als slaven te gehoorzamen aan opdrachten i.p.v. de plaats van het zoonschap in Christus te genieten.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende