U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Wachten Op Volmaakte Liefde?

Worden we in 1 Corinthe 13 opgeroepen om op de volmaakte liefde te wachten? Wanneer komt dat dan? Is dat iets wat we in dit leven kunnen bereiken of komt dat pas bij Christus wederkomst?

Laat ik beginnen met die liefde in 1 Corinthe 13 te duiden.
1 Corinthe 13: 1-8 Al was het, dat ik met de tongen van de mensen en van de engelen sprak, maar ik had de liefde niet, dan was ik een schallend koper of een rinkelende cimbaal. Al was het, dat ik profetische gaven had, en alle geheimenissen en alles, wat te weten is, wist, en al het geloof had, zodat ik bergen verzette, maar ik had de liefde niet, dan was ik niets. Al was het, dat ik al wat ik heb tot spijs uitdeelde, en al was het, dat ik mijn lichaam gaf om te worden verbrand, maar ik had de liefde niet, het baatte mij niets. De liefde is lankmoedig, de liefde is goedertieren, zij is niet afgunstig, de liefde praalt niet, zij is niet opgeblazen, zij kwetst niemands gevoel, zij zoekt zichzelf niet, zij wordt niet verbitterd, zij rekent het kwade niet toe. Zij is niet blij over ongerechtigheid, maar zij is blij met de waarheid. alles bedekt zij, alles gelooft zij, alles hoopt zij, alles verdraagt zij. De liefde vergaat nooit;

Die liefde is niet mijn liefde of jouw liefde. Dit is geen oproep om toch maar eens wat meer liefde op te brengen. Dit is de 'Agapè' liefde, oftewel de onvoorwaardelijke, gevende liefde. Dit is het wezen van God.
1 Johannes 4: 8 God is liefde,
1 Johannes 4:16 God is liefde,


Die gevende liefde is in ons hart uitgestort toen wij tot geloof kwamen.
Romeinen 5: 5 De liefde van God is in onze harten uitgestort door de Heilige Geest, die ons gegeven is,
God zelf heeft dus Zijn wezen in jou en mij geplaatst. God is liefde en die liefde is per definitie in jouw hart. Daarom wordt die liefde ook de vrucht van de Geest genoemd.
Galaten 5: 22 De vrucht van de Geest is liefde.
Die liefde is dus geen inspanning van onze kant. Het is Gods wezen, dat Hij op jou gedrukt heeft.

Nou is het zo dat de aardse genadegaven, die onder het Nieuwe Verbond golden in die tijd van Corinthe, ten einde liepen. Daar is Paulus heel duidelijk over.
1 Corinthe 13: 8 -10 Profetieën, zij zullen afgedaan hebben; tongen, zij zullen verstommen; kennis, zij zal afgedaan hebben. Want onvolkomen is ons kennen en onvolkomen ons profeteren. Maar, als het volmaakte komt, zal het onvolkomene afgedaan hebben.
Over de aardse genadegaven 'profetie' en 'kennis' zegt Paulus hier dat die op een bepaald moment afgedaan zal hebben. Precies datzelfde werkwoord gebruikt hij aan het eind van dit gedeelte als hij schrijft: 'als het volmaakte komt, zal het onvolkomene afgedaan hebben.'

Profetie is in de Bijbel gewoon simpel het van tevoren voorzien van bepaalde aardse gebeurtenissen. Profetie is niet een uitleg van de Bijbel, zoals het vaak ten onrechte vanuit bepaalde teksten ingelegd wordt om het zogenaamd praktisch te maken voor ons. Profetie en dus profeten horen simpelweg bij het aardse volk Israel en niet bij de hemelse Gemeente, het Lichaam van Christus. Precies hetzelfde is dat het geval bij 'kennis'. Die kennis is niet het persoonlijk kennen van God of kennis van de Bijbel. Dat zijn zaken die God feitelijk voor iedereen bestemd heeft. De kennis hier gaat weer over een aardse genadegave, zoals die slechts binnen het Nieuwe Verbond aan een enkeling was toebedeeld.
1 Corinthe 12:8 Aan de één wordt door de Geest gegeven met wijsheid te spreken, en aan de ander met kennis te spreken krachtens dezelfde Geest;
1 Corinthe 14:6 Broeders, als ik bij jullie kom en ik spreek alleen maar in tongen, wat voor nut breng ik jullie dan, als ik mij niet tot jullie richt, of met een openbaring, of
met kennis, of met profetie, of met onderricht?

In die tijd onder het Nieuwe Verbond zou er dus een moment komen dat al die aardse genadegaven afgedaan zullen hebben. Dat is ook het moment dat de tongen(taal) verstomt, oftewel ophoudt. Dat is het moment dat het volmaakte komt. Dat volmaakte kan nooit en te nimmer die liefde van God zijn, want die was er altijd al geweest. Het wezen van God zelf is die liefde. Vandaar dat die ook nooit en te nimmer vergaat.
1 Corinthe 13: 8 De liefde vergaat nooit!

Het heeft dus niks te maken met een moment dat de volmaakte liefde van God nog zou komen. Die is er namelijk altijd geweest. Het gaat hier ook niet om een bepaald moment in de persoonlijk geloofsontwikkeling van de gelovige. Gelijk bij het tot geloof komen geldt dat die liefde van God in het hart is uitgestort. Toch is het zo dat er in het leven van Paulus een verandering is op te merken. Het ene moment was hij een groot genezer en het volgende moment hoorde het niet meer bij zijn dienst. Dat was namelijk na het moment dat het volmaakte gekomen was.

In de ontwikkeling van het leven van Paulus zie je dat dit volmaakte, waar in 1 Corinthe 13 naar uit wordt gezien, dus ook niet de wederkomst van Christus kan zijn. Daar gelden nog enkele andere argumenten voor. Als namelijk het volmaakte gekomen is, dan staat er dat die aardse genadegaven wel voorbij zijn, maar dan blijven geloof, hoop en liefde nog altijd gelden.
1 Corinthe 13: 13 Zo blijven dan: Geloof, hoop en liefde, deze drie, maar de meeste van deze is de liefde.
Bij de wederkomst van Christus zal het geloof ophouden, want geloof verandert dan in zien en de hoop wordt dan vervuld. Maar Gods liefde blijft bij de wederkomst ook onveranderd doorgaan.

Het volmaakte is in Paulus eigen dienst ten volle werkelijkheid geworden.
Colosse 1: 24-25 Het Lichaam van Christus, dat is de gemeente. Haar dienaar ben ik geworden krachtens de bediening, die mij door God is toevertrouwd, om onder jullie het woord van God tot zijn volle recht te doen komen,
Die uitdrukking 'Tot zijn volle recht te doen komen' betekent letterlijk 'volmaakt te maken', of 'volkomen te maken'.
Hier heb je dat volkomene.

In de tijd van het Nieuwe Verbond, waar de gelovigen in Corinthe ook toe behoorden, was het Woord van God, de Bijbel, nog niet compleet. Het sluitstuk van dit Woord van God was het geheimenis, dat aan Paulus na Handelingen 28 werd toevertrouwd. Met die openbaring van wat de Gemeente, het Lichaam van Christus is, zoals Paulus dat in de brieven Efeze en Colosse beschrijft, is de Bijbel helemaal compleet geworden. Iemand die nu nog met een zogenaamd woord van God daar iets aan toe wil voegen, valt dus Bijbels gezien eigenlijk per definitie buiten de boot.

Met Paulus sluitstuk is het volmaakte gekomen. Daarmee zijn die aardse genadegaven afgedaan en hebben we nu met een hemels Lichaam van Christus van doen. Wat nooit afgedaan zal hebben en wat eigenlijk het meest essentiële van de verkondiging van het Blijde nieuws is, dat is die liefde van God. Die blijft altijd en eeuwig stromen.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende