U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Hoofdstuk 3

Ik wil liefhebben! Ik kan liefhebben! Ik zal liefhebben!” Een volslagen nieuwe ontdekking: Liefde. Owen had dit concept altijd uitsluitend geplakt op de veilige burcht van het gesloten gezinscircuit. Daarbuiten was het ieder voor zichzelf. Daarbuiten was de jungle. Daarbuiten was de boze buitenwereld. Liefde stond daar volkomen buiten. Maar nu opeens: Liefde. Wat een totale verademing!

“Je kan niet altijd overal met liefde op antwoorden!” Owen had zijn nieuw verworven denkbeelden met zijn vader en moeder gedeeld. Vader was kort. Dat kan nou eenmaal niet altijd. Mevrouw Faveur vond het eigenlijk heel erg mooi, maar Owen had zijn twijfel of ze eigenlijk wel de consequenties ervan al had doorgedacht. Ze was in beginsel eigenlijk altijd wel erg lief, maar kwam je aan haar hart dan werd ze een tijger. Owen had dat ondervonden doordat hij wel eens met moeder de pesterijen van school had gedeeld. Diezelfde middag was ze nog naar school gestapt en had zich daar in een enorm gevecht met de pestkoppen gestort. Nee, dat pakte niet best voor hem uit. Owen, het papkindje, dat was sindsdien een nog groter begrip geworden. Trouwens, waar was die liefde van Moeder toen eventjes voor die pestkopjes verstopt?

Owen was er ten volle van overtuigd de waarheid gevonden te hebben. Hij was verliefd! Voor het eerst van zijn leven was Owen verliefd! Hij was verliefd op Liefde. Wat konden die pestkoppen hem maken? Hij hield van hen! Wat konden boze buren hem aandoen? Hij hield van hen! Die meesters op school konden nog zulke slechte cijfers uitdelen. Hij hield van hen! Hij wist het: Liefde, puur onvoorwaardelijke liefde, dat zet de wereld op zijn kop! Het had zijn wereld alvast behoorlijk op de kop gezet.

Waar kon hij nu iets over die liefde vinden? Hij struinde boekwinkels af. Hij keek in de studentenbibliotheek van de Universiteit. Als hij al iets vond, dan leek het telkens naar de Bijbel te verwijzen. Maar eens opzoeken waar dat staat. Langzamerhand kreeg Owen favoriete Bijbelgedeeltes, met name de Johannesbrieven. De Bijbel werd dankzij de volgende stevige aansporingen zijn handboek:
1 Johannes 3:11 Dit is de verkondiging, die jullie vanaf het begin gehoord hebben, dat wij elkaar zouden liefhebben.
1 Johannes 3:18 Kinderen, laten we niet liefhebben met het woord, ook niet met de tong, maar met de daad en waarheid.
1 Johannes 4:7 Geliefden! Laten we elkaar liefhebben, want de liefde is uit God; en iedereen, die liefheeft, is uit God geboren, en kent God;
1 Johannes 4:12 Indien wij elkaar liefhebben, dan blijft God in ons, en Zijn liefde is in ons volmaakt.
1 Johannes 4:20 Indien iemand zegt: Ik heb God lief; en haat zijn broeder, die is een leugenaar; want die zijn broeder niet liefheeft, dien hij gezien heeft, hoe kan hij God liefhebben, Dien hij niet gezien heeft?

“Wow! Er tegenaan met die banaan!”
Owen was razend enthousiast. “Liefde overwint alles!”, was zijn motto. Hij zou gaan aantonen dat liefde groter, sterker, overweldigender en onnoemelijk zachter is dan welk geweld dan ook. Heilig overtuigd van zijn missie ging Owen er vol in. De ettertjes in de schoolpauze waren zijn eerste oefenterrein. Hij zou zich niet laten kennen. Hij zou van hen houden, die rotzakken! Niet alles had Owen namelijk al gelezen.
Romeinen 12: 9 De liefde is ongeveinsd.

Owen was hard bezig zijn medeleerlingen iets geweldigs te laten zien, waar hij toe in staat is. Hij zou ze een poepie laten ruiken. Hij zou hen liefhebben, al vergalden ze zijn leven nog zo. Mocht de boosheid toch opkomen, dan wist hij wel hoe hij die liefde spelen moest. Daar lag hij weer op het grasveld. Gierend van het lachen beukten ze op hem in. “Ik hou van jullie”, klonk het mompelend uit dat bekkie, innerlijk razend op deze hufters, klerelijers, smeerlappen, teringlijders, ellendelingen, mispunten, secreten, schoften, schurken, galgenbrokken en lamstralen over zo weinig respect. Maar hij hield van ze.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende