U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Hoofdstuk 20

Daar zat hij weer in de trein. Nu terug naar huis. Was een mooie vakantie. Pa kon weer de boom in. Leuk meisje gezien. Tante Eeuwke gezelschap gehouden. Owen had nog veel om over door te denken. Plaatsen kon hij het nog steeds niet. Het liefst deed hij die God af als een idee-fixe. Hij dacht ook dat hij die deur na zijn kerkentocht definitief had gesloten. “God bestaat gewoon niet!”, was toen zijn conclusie. Nu had hij elke dag van zijn vakantie doorgebracht met een broos, tenger vrouwtje voor wie die God een concrete werkelijkheid is. Hij begreep er niks van.

Assen, Zwolle, Amersfoort. Het schoot op. “Dat ze die vreemde vogel blijft beluisteren!” Owen kon het in zijn gepieker niet rond krijgen. Hij had haar gevraagd naar zijn loze beloften van volkomen genezing. Ze had een briefwisseling met Maasbach laten zien. Die man had haar gewoon afgepoeierd! “Hoe kan God nou zo concreet voor haar zijn? Grandioze beloften van genezing en wat is de uitkomst? Gewoon helemaal niks! Geen greintje beterschap!” Owen kijkt door de ruit van de trein, maar ziet slechts zijn kwetsbare, gelukkige tante Eeuwke in bed.

Hij voelt in zijn tas. Ja, naast de transistor bespeurt hij dat blaadje. Tante had hem een blaadje mee gegeven. “Die moest hij maar lezen”, had ze gezegd. Hij slaat hem open. “Nou”, dacht hij, “die weten wel wat schreeuwende reclames zijn”. Owen las hoe ze zichzelf zagen:
“Wij zijn profetisch 
Wij zijn actueel 
Wij zijn opbouwend 
Wij zijn Bijbels 
Wij zijn er voor ú”

“Zo”, dacht Owen, “die zijn er voor mij. Ik hoop tenminste dat ze mij bedoelen met dat nadrukkelijke ú.” Verder klonk het dan allemaal wel erg luid, maar je kan nog zo hard iets blèren, als de woorden je niks zeggen, dan hoor je toch nog steeds niks. Eén ander woordje kwam wel over. Dat was het woordje ´actueel´. Hij volgde altijd nauwgezet de actuele ontwikkelingen in het nieuws. “Zouden zij in dit blaadje ook alle politieke en maatschappelijke ontwikkelingen volgen? Dat zou wel boeiend zijn!”

Hij bladerde. Hoe meer hij bladerde, hoe meer hij teleurgesteld werd. ´Jezus laten zien´ was een item. “Belachelijk spel met een lijk van 2.000 jaar oud? Hebben ze er misschien een mummie van?” Hij bekeek het artikel even. “Anderhalve bladzij over zoiets bezopens!” Hij had het blaadje al bijna in het kleine trein-prullenbakje gefrommeld. Paar bladzijden verder viel zijn oog op een artikel over ´de mammon´. Bleek over geld te gaan. “Okay, misschien toch wel een interessant blaadje. Hij propte het weer terug in zijn tas.

Thuisgekomen vroegen allerlei zaken zijn aandacht en hij was alweer bijna zijn tante, het geloof en dat vreemde blaadje vergeten, toen hij op een avond in zijn tas iets voelde zitten. Hij peuterde het eruit en daar had hij opeens dat eigenaardige geheugensteuntje naar God en de Bijbel weer te pakken. “Vooruit”, dacht hij, “uit respect voor tante zal ik het doorlezen”. Het echte lezen schoof hij nog even voor zich uit. Die avond bladerde hij alleen nog even het hele blad door.

Dit was de eerste keer dat hem iets echt intrigerends in dit blad opviel. Daar stond een advertentie voor een conferentie in Amsterdam, die nog komen moest. Het was ook nog eens op de Keizersgracht! Heel dichtbij! “Kijk nou eens naar de discussieonderwerpen!”:
“Het Midden Oosten staat in brand
De Wereld verkeert in turbulente tijden
Israël en de volkeren
Israël en Amerika”

“Wow! Dat kunnen felle discussies worden!” In de hele advertentie kwam het woord “discussie” niet voor, maar voor Owen kon het gewoon niet iets anders zijn. “Die tante is zo gek nog niet!”, dacht Owen, “ze heeft echt wel goed door dat het in werkelijkheid om al die maatschappelijke en politieke ontwikkelingen draait! Dat we daar nou niet over doorgepraat hebben in Groningen!”

Owen bladerde nog eens verder het blaadje door, maar verder leek niks op een radicaal standpunt over de misstanden in de wereld. Opnieuw kwam hij op die advertentie uit. Hij liep er mee naar zijn moeder, vertelde haar dat dit van tante kwam en dat er nu in Amsterdam zo´n debat komt. “Nou”, had ma gezegd, “als je dit van tante Eeuwke gekregen hebt, dan is dat wel goed. Daar kan je gerust naar toe!”
“weet u wat dat is op de Keizersgracht?”,
wilde Owen nog weten. Nee, zijn ma kende het niet. Owen pakte zijn agenda en noteerde op de vermelde datum tijd en adres van deze openbare politieke gedachtenwisseling.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende