U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

De hartstochtelijke Paulus

Romeinen 1: 14 Van Grieken en Barbaren, van wijzen en onwetenden ben ik EEN SCHULDENAAR.

Paulus noemt zich hier de schuldenaar van diverse bevolkingsgroepen onder de heidenen. Ik weet niet of jullie bij dit ene woordje “schuldenaar” ook gelijk die gevoelens van veroordeling naar boven voelen borrelen.
“Schuld! Je bent schuldig! Het is jouw schuld! Jij hebt je daar aan schuldig gemaakt!”

Ja, helemaal schuldig en dus de straf gewoon moeten ondergaan. Ik heb een behoorlijk lange tijd deze brief met deze verwrongen lijn van denken gelezen. Wij zijn allemaal stuk voor stuk zo schuldig als hel. Daarom kan het ook niet anders dan dat we onafgebroken eeuw in eeuw uit, ja eeuwigheid in eeuwigheid uit, geen ander uitzicht kunnen hebben dat de altijd maar door brandende hel.

Ik heb altijd uitgelegd dat in Romeinen 1: 18 t/m 32 de verschrikkelijke schuld van de hedendaagse verdorven maatschappij getekend werd. Het kon in mijn uitleg niet anders dan dat die schuld een voortjakkerende trein van pijniging, die nooit zal ophouden, moest opleveren.

Ik heb altijd uitgelegd dat in Romeinen 2: 1 t/m 11 de volgende categorie uit de mensheid, namelijk de mensen die laag op die verdorven maatschappij neerkijken en hen heel erg veroordelen, aan de beurt was om de altijddurende verdoemenis over dan weer hun gigantische schuld aangekondigd te krijgen.

Ik heb altijd uitgelegd dat in Romeinen 2: 12 t/m 3: 8 de derde en laatste categorie mensen aan de beurt was om de eeuwige straf op hun schuld te horen afkondigen, namelijk de mensen met de Schrift, die daar dan vanzelfsprekend huichelachtig mee omgaan.

Tja, schuldig en dus duikelt iedereen zo zonder enige uitzondering zo de hel in. Vanaf Romeinen 3: 9 t/m 3: 20 las ik dan ook de conclusie dat iedereen schuldig was. Dan komt vanaf Romeinen 3: 21 een plotselinge kentering in die ellende met de woorden “Maar thans”. Vanaf dat punt bracht ik dan de boodschap dat de Zoon van God tussen God en mij en tussen God en jou in is gaan staan. God wilde die schuld straffen en de Zoon nam die schuld op zich. Vader God kon daarom ook uitbundig Zijn woede over die schuld op de Zoon uitwoeden. Maar………… dat moet ik/jij dan wel geloven. Anders bleef die schuld gewoon op je drukken en kwam die woede van God over die schuld ook nog eens een keertje extra over jou of mij.

Zo zat deze boodschap over onze schuld dwars door mijn opvatting over het blijde nieuws van God in de Romeinenbrief. De vraag is echter of Paulus het hier concreet heeft over strafschuldig zijn? We kunnen hetzelfde Griekse woord nog even verder opzoeken in de Romeinenbrief.
Romeinen 8: 10-12 Aangezien Christus in jullie is, daarom is het lichaam dus echt dood dwars door de zonde, maar de Geest is leven dwars door de gerechtigheid. Aangezien nu de Geest van Hem, die Jezus vanuit de doden opgewekt heeft, in jullie woont, dan zal Hij, die Christus uit de doden opgewekt heeft, dus ook jullie sterfelijke lichamen levend maken dwars door Zijn Geest, die in jullie woont. Dus broeders, dan zijn we ook SCHULDENAARS, niet van het vlees, dat wij in overeenstemming met het vlees zouden leven.

Wat is hier in Romeinen 8 de boodschap van Paulus?
Als resultaat na hoofdstuk 6 en 7 concludeert Paulus nu dat alle gelovigen definitief dood zijn. Dat is de conclusie in verband met hun relatie tot de zonde. Waarom? Omdat, zoals Paulus hier in dit vers begint, Christus nu ons leven is. Het tweede resultaat na hoofdstuk 6 en 7 is de conclusie van Paulus dat de Geest nu levend actief is in de gelovige.

Goed, dat is dus een feit. Nu bouwt Paulus daar verder op en concludeert dan dus dat omdat deze twee resultaten concrete feiten zijn God nu ook het opstandingsleven van Christus zijn werk zal laten doen in onze sterfelijke lichamen. Paulus rekent ons dus eventjes alle overvloeiende rijkdommen van Gods genade, die God uitwerkt in jou en mij, voor. Daar staan we: Dood voor de zonde, leven voor God in Christus Jezus! Dat werkt iets uit! Dat is grandioos! Dat is niet een poging om nu zelf iets in of vanuit het vlees te bewerken. Wat het uitwerkt is dat Gods Geest de opgestane en verheerlijkte Heer in ons ten toon spreidt.

Wat bedoelt Paulus er dus mee dat we geen schuldenaars zijn van het vlees? Paulus bedoelt simpelweg dat het vlees geen enkele aansprakelijkheid kan laten gelden op wat God in ons lichaam bewerkt. Het is God, die werkt en niet het vlees. Dat is genade. Ik ben geen schuldenaar meer van het vlees, oftewel het vlees kan niet meer bij me aankloppen met de aanmaning dat dit nog een rekening is, die het te vereffenen heeft met ons. Nee! Het is genade! Het is God, die werkt!

Hier in Romeinen 8 wijst het schuldenaar zijn van de gelovige dus op die overvloeiende rijkdommen van Gods genade, die maar blijven doorstromen en waar het vlees geen enkele aanspraak op kan maken. De gelovigen inclusief Paulus, zijn geen schuldenaren van het vlees maar van de genade.

Romeinen 1: 14 Van Grieken en Barbaren, van wijzen en onwetenden ben ik EEN SCHULDENAAR.
Hier hebben we de dienst van Paulus alleen, die op de heidenvolkeren gericht is. Ook hier zijn er overvloeiende rijkdommen van Gods genade, die maar blijven doorstromen. Ten opzichte van wie heeft God hier die stroom geopend? Dat is ten opzichte van Grieken en Barbaren, van wijzen en onwetenden. God gebruikt Paulus vanuit Zijn genade en hier is Paulus een schuldenaar ten opzichte van deze heidenvolkeren. Hoe omschrijft Paulus die dienst later?
1 Corinthiërs 15:10 Door de genade van God ben ik wat ik ben; en Zijn genade aan mij is niet vergeefs geweest, maar ik heb veel meer gearbeid dan zij allen; maar dat was ik niet, maar de genade van God, die met mij was.

In Corinthe kijkt Paulus op de dienst, zoals God hem heeft willen gebruiken. Als het ware geeft Paulus daar aan dat die overvloeiende rijkdom van Gods genade, die in Romeinen 1: 14 nog als een schuld aan de Grieken en Barbaren, de wijzen en onwetenden uitstond, volkomen is ingelost. Inderdaad, Paulus heeft dat gedaan. We zouden, als we erbij geweest waren, Paulus hier misschien zelfs een complimentje over gemaakt hebben en hij zou daar niet eens moeite mee gehad hebben want hij wist maar al te goed: Dat was ik niet. Dat was de genade van God, die met mij was.

Romeinen 1: 14 Van Grieken en Barbaren, van wijzen en onwetenden ben ik EEN SCHULDENAAR.
Nee, dat gekke idee van strafschuldig zijn zit hier helemaal niet in. Dat is ook radicaal een ander woord in het Grieks. Met dat woord krijgen we pas in vers 17 te maken. In het Nederlands had er dan ook eigenlijk “schuldige” moeten staan i.p.v. “schuldenaar”.Van Grieken en Barbaren, van wijzen en onwetenden ben ik een schuldige”. Nee, dat staat er beslist niet. Het is een taak, waartoe God hem al vanaf de moederschoot geroepen had en die God nu ook in Paulus uitwerkt.

1 Corinthiërs 9:16 Als ik het evangelie verkondig, dan strekt het mij niet tot roem, de nood ligt op mij;
Paulus noemde zich in het allereerste vers van deze brief aan Rome al een slaaf. We hebben er toen aan gedacht wat dat precies inhield en hoe dat totaal niet toe te passen valt op een werknemer. Het eigendom zijn van een ander. Zijn wil, die jouw wil wordt. Zijn drijfveer, die jouw drijfveer wordt. Een echte slaaf. Hier in Corinthe spreekt Paulus over zijn dienst, waarbij hij zijn slaaf zijn helder en duidelijk tekent: “De nood ligt op mij”. Het draagt exact dezelfde lading als “Ik ben een schuldenaar” in Romeinen 1: 14. Wij zijn vrijgemaakt om slaaf te zijn. Twee kanten van dezelfde genade-waarheid.
Lukas 17:10 Wij zijn slaven. Wat we schuldig waren hebben we gedaan.

Paulus is vrijgekocht en daarmee een slaaf van Christus geworden. Hij is een schuldenaar. Hij doet wat hij verschuldigd is en Gods genadewerk loopt dwars door hem heen. De Heer riep en zond hem. Gods genadewerk in Christus door hem heen.
Handelingen 9:15 De Heer zei tegen hem: Ga heen, want deze(Paulus) is Mij een uitverkoren vat om Mijn naam te dragen zowel voor volken als koningen en zonen van Israël.
Galaten 1:15 Toen het God, die mij
(Paulus) vanaf de moederschoot afgezonderd en door Zijn genade geroepen heeft, behaagde, Zijn Zoon in mij te openbaren, opdat ik hem onder de heidenvolkeren zou verkondigen,

Romeinen 1: 14 Van Grieken en Barbaren, van wijzen en onwetenden ben ik
EEN SCHULDENAAR.
1 Corinthiërs 9:16 Als ik het evangelie verkondig, dan strekt het mij niet tot roem, de nood ligt op mij;
Ik ben een schuldenaar. De nood ligt op me. Dat is nou roeping en tegelijkertijd is dat genade. Paulus kon er niet eens enige roem in vinden, want het was Paulus niet die al die zaken uitvoerde. Het was God, die Zijn plan voltrekt in Paulus. Alle eer, alle roem, aan God alleen. Herken je het? Soms vragen mensen: “Waarom doe je zus? Waarom doe je zo? Kan jij nou nooit eens je mond houden?” O ja, in alle sociale praatjes ben ik zelfs heel slecht in het meedoen. Maar dit spreken over Gods liefde en genade gebeurt gewoon.
Jeremia 20:9 Toen dacht ik: Ik wil er niet meer over praten en niet meer in Zijn naam prediken; maar het werd in mijn hart als een brandend vuur, in mijn gebeente besloten, dat ik het niet verdragen kon en bijna vergaan was.
Amos 3:8 Adonai Yahweh spreekt; wie zou dan niet profeteren?
Handelingen 4:20 Het is voor ons echt onmogelijk om niet te spreken van wat wij gezien en gehoord hebben.

We schuiven één tekst verder op:
Romeinen 1: 15 Zo ben ik dan, wat mij betreft, bereid om ook aan jullie die in Rome zijn, het evangelie te verkondigen.
Ja ja, dat is weer aardig vertaald. Paulus zou bereid zijn om hen in Rome het evangelie te verkondigen. Dat “bereid zijn” is een vertaling van het Griekse woord “prothumos”. Dat “pro”, dat kennen wij wel. Dat gebruiken we in het Nederlands ook wel als voorvoegsel om daarmee “voor” aan te geven. Iemand kan proactief zijn. Iemand kan ook ergens probaat bij hebben, oftewel van tevoren er nut van hebben. Zo kan ik doorgaan. Het is een heel bekend voorvoegsel. Het Griekse woord “thumos” wijst echter niet op iets als bereidwilligheid, maar op een enorm sterke emotie. Meestal geven de vertalingen het weer als “DE TOORNvan God. Letterlijk duidt het echter op een door emoties aangevuurde hartstocht. Dat past niet zo zeer bij het beeld dat de meeste mensen van God hebben, die zicht door sterke emotionele hartstocht zou laten leiden. Vergelijk zelf maar eens de teksten over die “thumos” van God met in je achterhoofd het wezen van God, namelijk Liefde.

Paulus geeft hier aan dat hij een “prothumos” had om hen die in Rome zijn het evangelie te verkondigen. Nee, nee, Paulus had niet een van tevoren grote toorn en woede om dit te doen. Nee, zo´n weergave zou aangeven dat we niks begrepen hadden van die sterke emotionele hartstocht, die met dit woord “thumos” wordt aangeduid. Paulus had van tevoren een enorme hartstocht om naar deze mensen in Rome te gaan. Hadden we ook maar iets begrepen van dat schuldenaar zijn in het vorige vers, dan hadden we dit gelijk al kunnen bedenken. Hadden we ook maar enigszins verstaan hoe die nood op Paulus lag, dan was de vertaling gelijk goed geweest. De overvloeiende rijkdommen van Gods genade stroomden rijkelijk door Paulus naar die heidenen, die Grieken en die Barbaren, die hij hier heel simpel benoemd met de woorden “jullie, die in Rome zijn”.

Nee, Paulus kon misschien wel eens denken dat hij er niet meer over praten wilde, maar dan werd het in zijn hart als een brandend vuur. Dan kon hij het bijna niet meer verdragen. Als God toch spreekt, wie kan dan zijn mond houden? Nee, dat is ook voor ons onmogelijk. Waar worden we namelijk mee geconfronteerd? Met die sterke emotionele hartstocht, die ons hele wezen in vuur en vlam zet en we wel moeten spreken van die onvoorwaardelijke liefde en genade van onze God.
Romeinen 1: 15 Zo is dan, wat mij betreft, de emotionele hartstocht om ook aan jullie die in Rome zijn, het evangelie te verkondigen, nu al van tevoren gigantisch.

De slaaf Paulus kende die hartstocht. Het veroorzaakte bij hem een enorme schuld aan de heidenen. Het deed bij hem die overvloed van Gods rijke genade vrijuit stromen. Het prachtige is dat wij net zo goed zulke slaven zijn. God heeft die hartstocht ook in ons gelegd en die overvloeiende rijkdommen van genade mogen ook bij ons vrijuit stromen. Wat een geweldig God!

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende