U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Paulus verlangen naar enige vrucht

In deze studie lopen we nog even wat verder het dertiende vers van het eerste hoofdstuk van de brief aan de Romeinen door. We pakken het derde & vierde punt op en dat zijn:
3. Verhinderd zijn
4. Vrucht hebben

Romeinen 1: 13 ik wil niet dat jullie er onbekend mee zijn, broeders, dat ik vaak van plan was om naar jullie toe te komen en dat was me tot nog toe VERHINDERD (“koluo”), opdat ik ook (rustend) in jullie enige vrucht zou hebben, zoals ook (rustend) in de rest van de heidenen.

Paulus verlangen dat deze Romeinen niet onbekend zouden blijven van zijn plan om hen nog een keertje te bezoeken is ons in de vorige studie wel duidelijk geworden. Nou blijkt dat Paulus in dat plannetje verhinderd is. Hoe zit dat nou?
Romeinen 1: 13 Dat was me tot nog toe VERHINDERD,

Er zat dus iets of iemand Paulus dwars in de priesterlijke dienst, die hij van God ontvangen had onder de niet joden. Het werd hem verhinderd. Volg je de ISA vertaling, dan krijg je zelfs de indruk dat het hem verboden was. Ik denk dat je dit werkwoord niet zo streng kan invullen. De mogelijkheden, die Paulus had, zijn echter wel duidelijk aan banden gelegd.

Het werkwoord, dat Paulus hier gebruikt is “koluo”, dat inderdaad “verhinderen” of “tegenhouden” in zich draagt. Kijken we dan nog iets verder en komen we bij het grondwoord, dan komen we bij “kolazo”, en dat heeft “korthouden” of “snoeien” in zich, zoals bomen gesnoeid worden en vogelvleugels kort geknipt. Daar zit dit bedwingen of verhinderen duidelijk in, maar dan tevens met de manier waarop er bij. Paulus vleugels om deze Romeinen te bereiken zijn kort gehouden, hij werd in toom gehouden, waardoor hij tot dan toe niet in staat was om hen te bereiken.

Ach, ach!!! En wij maar, hoog van de toren blazend over onszelf, denken dat wij een vrije wil hebben. We maken plannen en sommigen verlopen voorspoedig en sommigen willen gewoon niet. Daar waar onze plannetjes in het honderd lopen kunnen we soms de oorzaken wel aanwijzen, maar ook heel vaak niet. Dan voelen we ons vleugellam. Het lijkt alsof iets gewoon niet kan of moet gebeuren. We worden in toom gehouden. Begrijp goed, de Heer is erbij in de plannetjes die floreren, maar ook in de wegen die helemaal vast lopen. Hoe we het ook wenden of keren, er is één Plaatser, die alles Zijn plek geeft.

Zitten we nou helemaal fout bij Vader God als al onze ideeën stranden? Nee, Hij is er toch bij in al Zijn genade? Waar een plannetje verzandt wil dat helemaal niet zeggen dat we niet in Gods wil verkeren. Gods wil kan zelfs wel juist die verzanding zijn. Dat kan wel eens heel positief uitpakken. In studie 13 zijn we al stevig ingegaan op die wil van God in je leven.

Was het Gods wil dat Paulus verhinderd werd om naar die Romeinen toe te komen? Jazeker.
Romeinen 15:22 Ik ben dikwijls verhinderd naar jullie toe te komen;

Nou is het bij ons zo dat we toch wel heel vaak gewoon niet doorhebben, en dat ook nooit doorkrijgen, waarom dat mooie draaiboek van ons nou ineens weer door de papierversnipperaar heen is. We zullen het gewoon moeten leren om al onze schijnbare tegenslagen gewoon in de hand van God te laten. Nu wij midden in de huishouding van de verborgenheid verkeren betekent het ook nog eens in dergelijke situaties dat God voor het openbare leven simpelweg verborgen is. We krijgen dus ook niet overal antwoorden op. Dat lag onder het nieuwe verbond anders.

Paulus geeft in de drie verzen, die aan Romeinen 15: 22 voorafgaan, aan dat het de bedoeling was dat Paulus ergens zou werken, waar een ander nog geen start in de uitleg van het evangelie gemaakt heeft.
Romeinen 15: 19-22 Ik (Paulus) heb in de kracht van tekenen en wonderen en in de kracht van Gods Geest het Woord gebracht; zodat ik, van Jeruzalem af rondreizende tot Illyrië toe, de verkondiging van het evangelie van Christus volbracht heb, en er naar gestreefd heb, het evangelie te verkondigen, daar waar Christus nog niet genoemd was, opdat ik niet op het fundament van een ander zou bouwen, maar zoals geschreven staat: ‘Zij, aan wie niet van Hem verkondigd was, zullen zien, en zij die niet gehoord hebben, zullen verstaan.’ Daarom ben ik ook menigmaal verhinderd geweest om naar jullie toe te komen.

Nu eventjes tussen haakjes: Dit is overtuigend Paulus aan het werk als dienaar van het nieuwe verbond. Nu, als dienaar van de gemeente, het lichaam van Christus, verwachten we in het geheel niet dat Paulus in de kracht van tekenen en wonderen het evangelie verkondigt. Die tekenen en wonderen horen geheel binnen de dienst waar Israël de vooraanstaande positie inneemt. Die grote wonderen en tekenen waren juist de overtuigingskracht in Paulus dienst onder de heidenen voor de dienstknechten van Israël in de vergadering te Jeruzalem.
Handelingen 15:12 Zij hoorden Barnabas en Paulus verhalen, welke grote tekenen en wonderen God door hen onder de volken gedaan had.

Paulus was menigmaal verhinderd om naar deze Romeinen toe te gaan. Je zou kunnen zeggen dat er nog diverse plekken waren waar men dat evangelie nog nooit gehoord had. Daar was de plek voor Paulus en dus zolang dat zo was, was Rome nog niet de plek voor hem. Maar dat veranderde wel.
Romeinen 15: 23-24 Maar nu ik in deze streken geen plaats meer heb en sinds vele jaren groot verlangen heb om naar jullie toe te komen, zal ik naar jullie toe komen, wanneer ik naar Spanje reis. Want ik hoop op de doorreis jullie te zien,

We pakken nu het vierde en laatste punt van dit dertiende vers erbij:
Romeinen 1: 13 Opdat ik (rustend) in jullie ENIGE VRUCHT zou hebben, zoals ook (rustend) in de rest van de heidenen.

Het verlangen van Paulus om naar deze Romeinen toe te gaan bestond dus op de één of andere manier in die vrucht, waar Paulus hier over schrijft. Paulus heeft al een rustplek bij de heidenvolkeren in het algemeen, waarin hij dus blijkbaar ook vrucht had. Op precies diezelfde manier wenst hij nu ook zo vrucht te verwerven bij deze Romeinen. Blijkbaar wordt dat niet bereikt in dit schrijven alleen.

Er wordt door Paulus over enorm veel soorten van vrucht geschreven in zijn diverse brieven. Ik houd me nu eventjes alleen aan de Romeinenbrief. Het spijt me, mijn opsomming wordt dit keer niet echt een 100 % zeker antwoord. Ik heb er dus over getwijfeld of ik het lijstje toch voor jullie op de rit zou zetten. Maar er komen hele mooie, bemoedigende zaken als vrucht langs. Dus kijk maar mee.
1. De vrucht van voor onze bekering
2. Vrucht dragen voor God
3. De vrucht tot in heiliging
4. De vrucht, namelijk de financiële inzameling voor de armen in Jeruzalem

1. De vrucht van voor onze bekering
Romeinen 6:20-21 Toen jullie slaven waren van de zonde, toen waren jullie vrij ten opzichte van de gerechtigheid. WELKE VRUCHT hadden jullie toen van de dingen waarover jullie je nu schamen? Immers het einde daarvan is de dood.
Romeinen 7:5 Toen wij in het vlees waren, werkten de lusten van de zonden, die door de wet gewekt worden in onze leden, om voor de dood
VRUCHT TE DRAGEN.
Paulus heeft het hier over ons, hoe wij er aan toe waren toen we de Heer nog niet kenden en hij vraagt ons wat voor vrucht wij toen wel niet hadden. Nou, dat kunnen we zo al zeggen, dat was niet veel zaaks. Dat is dan ook niet waar hij zich hier in Romeinen 1: 13 naar uitstrekt.

2. Vrucht dragen naar de God toe
Romeinen 7:4 Jullie behoren een ander toe, namelijk Hem (Christus Jezus) die uit de doden is opgewekt, opdat wij NAAR DE GOD TOE VRUCHT DRAGEN.
O ja, God had het plan dat ons totale leven één groot feest van vrucht dragen zou zijn! Maar Hij bewerkt dat niet door ons nu de opdracht te geven om toch vooral vrucht te dragen. Hij bewerkt het door Zijn Zoon uit de doden op te wekken en ons helemaal met die Zoon te verbinden. We behoren die Zoon helemaal toe. Het logische gevolg is dat ons leven één grote manifestatie is van vrucht dragen naar de God toe! Moest Paulus daarvoor eerst naar Rome komen? Nee, dit is een heerlijke presentatie van Gods overvloeiende genade alleen.

3. De vrucht tot in heiliging
Tegenover die verzen 20 & 21 staat dan het volgende vers.
Romeinen 6:22 Nu jullie van de zonde zijn vrijgemaakt en slaven van de God zijn geworden, hebben jullie JE VRUCHT TOT IN HEILIGING,
Ja mensen, wij zijn net als Paulus echt vrij. Volkomen vrij van de zonde! Jazeker! Dat betekent trouwens gelijk ook dat wij slaven van de God zijn geworden. Al direct in de eerste studie van deze serie zijn we daar op in gegaan. Genoeg om over na te denken wanneer we eenmaal in dit zesde hoofdstuk van Romeinen zijn beland. Maar wat geeft Paulus hier aan? Hij wijst er hier op dat wij daarmee nu reeds onze vrucht tot in heiliging bezitten. Paulus bezat dat reeds. Die Romeinen bezaten dat ook al. En ook wij zijn reeds in het bezit van deze vrucht tot in onze heiliging. Nee, daar hoefde Paulus die hele reis naar Rome niet te ondernemen. Dat is allang kant en klaar ons bezit in genade.

4. De vrucht, namelijk de financiële inzameling voor de armen in Jeruzalem
Dat zou het antwoord kunnen zijn. Als we straks aan het eind van deze Romeinenbrief komen, dan blijkt dat Paulus nog een belangrijke vrucht uit Rome moet meenemen voor de arme gelovigen in Jeruzalem.
Romeinen 15:28 Als ik dan DEZE VRUCHT beëindigd en aan hen verzegeld heb, zal ik dwars door jullie stad tot in Spanje komen.

De vraag is hier natuurlijk welke vrucht ziet Paulus hier als beëindigd en aan wie heeft hij het verzegeld? Het antwoord wordt helder en duidelijk gegeven in slechts een paar verzen daarvoor.
Romeinen 15:26 Enige gemeenschap tot in de armen van de heiligen in Jeruzalem leek Macedonië en Achaje goed;
De vrucht hier is letterlijk genomen “enige gemeenschap”. De verbondenheid tussen de synagogen/gemeenten in die heidense streken en de arme joodse synagoge/gemeente in Jeruzalem bleek in de financiële zorg voor elkaar. Daar valt nog heel wat over te zeggen en schrijven, maar het is dus wat hier letterlijk de onderlinge gemeenschap genoemd wordt, wat Paulus in vers 28 dus als die vrucht voor Jeruzalem benoemd.

Hier in Romeinen 15 is de vrucht dus niet iets wat reeds een feit was, maar wat door Paulus getekend wordt als de vanzelfsprekende uiting van onderlinge gemeenschap tussen heidense en joodse gemeenten/synagogen onder het nieuwe verbond.

We hebben nu alles over vrucht in de brief aan Rome bekeken. Zouden we ook de andere brieven van Paulus of zelfs het hele nieuwe testament erop naslaan, dan nog kom ik niet tot meer duidelijkheid. Natuurlijk komen dan nog meer prachtige waarheden over vruchten uit de Schrift op ons af, zoals de vrucht van de Geest en de vrucht van de gerechtigheid, maar ook dan zouden we constateren dat die vruchten ook uitsluitend te danken zijn aan het werk van de Heer en niet aan Paulus reis naar Rome.

Ik ben er niet zeker van, maar het is mogelijk dat Paulus op die laatste vrucht, de financiële gemeenschap, duidt. Met name omdat hij deze vrucht aanduidt als “enige gemeenschap”, waar hij in Romeinen 1: 13 ook al spreekt over “enige vrucht”.

We zijn door Paulus spreken over vrucht in deze Romeinenbrief heen. Ik ben dus niet zo zeker van wat Paulus bedoelt met die vrucht, waarvoor hij speciaal naar Rome moest. Maar ik kan me zo het verlangen van Paulus indenken. Wat is het niet heerlijk om echt bij elkaar te zijn en dan samen te genieten van alles wat je in Christus Jezus reeds ontvangen hebt en wat doorwerkt als vrucht in je leven. Kijk bijvoorbeeld eens hoe Paulus geniet bij de Colossenzen van de doorwerking van het Woord van de waarheid, het evangelie:
Colossenzen 1:5-6 Het woord van de waarheid, het evangelie dat tot in jullie is gekomen, zoals ook in de hele wereld, en HET DRAAGT VRUCHT en groeit, evenals ook in jullie, van de dag af dat jullie het gehoord hebben en de genade van de God in waarheid erkend hebben.

Het is heerlijk om zo samen met de gelovigen bezig te zijn met dat woord van de waarheid. Paulus genoot van alle vrucht, die hij bij deze gelovigen mocht opmerken. Laten wij zo ook van elkaar als van nieuwe scheppingen in Christus genieten.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende