U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

De Grote Soeverein

Deuteronomium 32:3-4 Geeft grootheid onze God,
Nee, het is dus niet dat wij God groot maken. Mozes krijgt hier een grandioos woord over Yahweh om te proclameren. Hij tekent de majesteit, de heerlijkheid en de grootheid van God. Al Gods wegen zijn oordeel. Wie God zo ziet erkent Zijn Soevereiniteit. Die erkent Gods grootheid in de gelukkige tijden van ons leven evenals in de afgrijselijke tegenslagen van het leven. Die blijft zien dat God groot is. Heel mooi wordt dat in de NBG in de volgende tekst beschreven:
Numeri 14:17 Laat de kracht van Adonai zich groot betonen,

De kracht van de Heer is een concreet feit, maar we kunnen er wel of geen oog voor hebben. Op heel veel Bijbelplaatsen wordt dit werkwoord vertaald met ‘groot maken’. Dat is wat onze opwekkingscultuur onnadenkend zomaar heeft overgenomen. Wij brengen onze kinderen groot. Van baby’s groeien ze op tot volwassen mensen. Dat is groot maken. Wat voor idee hebben we van God als we dit toepassen op onze Heer?

Door deze totaal foutieve weergave van dit werkwoord is het erkennen en zien van de majesteit, soevereiniteit en grootheid van onze God al helemaal uit de christelijke beleving verdwenen. Nu denkt men God groot te maken met opgeheven handen om daarna weer zelf voor die God aan de slag te gaan.

Oog krijgen voor de grootheid van God, betekent dat we zicht krijgen op de soevereiniteit van God. In de volgende tekstplaatsen zal ik gelijk de titel van de Heer regelrecht weergeven:
Lukas 2:29 Nu laat U, Despoot, Uw dienstknecht gaan in vrede, naar Uw woord,
Handelingen 4:24 U,
Despoot, bent het, die geschapen hebt de hemel, de aarde, de zee en al wat daarin is;
2 Timotheus 2: 21 Hij zal een voorwerp zijn met eervolle bestemming, geheiligd, bruikbaar voor
de Despoot, voor iedere goede taak gereed.
2 Petrus 2:1 Er zullen valse leraars komen, die verderfelijke ketterijen zullen doen binnensluipen, dat ze zelfs
de Despoot, die hen gekocht heeft, verloochenen.
Judas 1:4 Er zijn zekere mensen binnengeslopen …, die de genade van onze God in losbandigheid veranderen en onze enige
Despoot en Here, Jezus Christus, verloochenen.
Openbaring 6:10 Tot hoelang, o heilige en waarachtige
Despoot, oordeelt en wreekt U ons bloed niet aan hen, die op de aarde wonen?

God is soeverein in al Zijn handelen. Hij doet alles naar Zijn wil. Die laatste tekst uit Openbaring plaatst die soevereiniteit direct in het licht van het hele profetisch handelen van God. Daar waar wij zicht krijgen op Zijn soevereiniteit erkennen we Hem ook als Despoot.

Het Griekse woord ‘despotes’ heb ik hier regelrecht weergegeven met ‘Despoot’. Wat moeten we ons echter voorstellen bij een Despoot? Dat is een persoon met absolute macht, die dit ook willekeurig kan toepassen. Inmiddels heeft het despotisme als staatsvorm een negatieve lading gekregen. Zodra dit ook in menselijke handen komt is het feitelijk al gedoemd tot mislukking. (Is dat niet zo met alles wat in mensenhanden valt?) Wij mensen kunnen niet met macht omgaan omdat dit niet voortkomt uit liefde, maar machtswellust. Gods despotisme wordt echter aangedreven door wat Hij in wezen is: Liefde.

We zijn Zijn eigendom als schepsel.
Handelingen 4:24 U, Despoot, bent het, die geschapen hebt de hemel, de aarde, de zee en al wat daarin is;
We zijn Zijn eigendom dankzij Zijn verzoenend werk.
2 Petrus 2:1 De Despoot, die hen gekocht heeft,
In Zijn handen zijn we bruikbare werktuigen, waaraan Hij in genade werkt.
2 Timotheus 2: 21 Een voorwerp met eervolle bestemming, geheiligd, bruikbaar voor de Despoot, voor iedere goede taak gereed.
Hem erkennen als de Soeverein in ons leven betekent dat de genade krachtig werkt.
Judas 1:4 Mensen …, die de genade van onze God in losbandigheid veranderen en onze enige Despoot en Here, Jezus Christus, verloochenen.

Het zijn dus juist die mensen (gelovigen?), die de genade afwijzen en zelf aan de slag gaan voor God, die de Despoot en Here, Jezus Christus, verloochenen. Zij ruilen de genade van God in voor losbandigheid, zelfs als dat zich in wettische verpakking aandient. Ze willen geen bruikbaar werktuig zijn voor de Despoot. Ze willen zelf werkzaam zijn voor God. Dat is dus blijkbaar losbandigheid. Dat is een verwerping van Gods despotisme.

Deuteronomium 32:3-4 Geeft grootheid onze God,.
Natuurlijk kan je in zo’n losbandigheid nog altijd zingen: ‘Wij verhogen U’ of ‘Wij maken U groot’. Dat heeft echter niks met deze proclamatie van Mozes te maken. Onze God is de grote Soeverein. Groter en hoger kan eenvoudigweg niet. Maar wij mogen steeds meer van die grootheid zien.
Colosse 1: 16-17 In Hem zijn alle dingen geschapen, die in de hemelen en die op de aarde zijn, de zichtbare en de onzichtbare, hetzij tronen, hetzij heerschappijen, hetzij overheden, hetzij machten; alle dingen zijn door Hem en tot Hem geschapen; en Hij is voor alles en alle dingen hebben hun bestaan in Hem;

Mozes kreeg een blik in Gods soevereiniteit toen God aan hem verbijtrok.
Exodus 33: 19 Ik zal Mijn luister aan jou doen voorbijgaan en de naam van Yahweh voor jou uitroepen: Ik zal genadig zijn, wie Ik genadig ben, en Mij ontfermen, over wie Ik Mij ontferm.
Paulus legt de betekenis van deze uitspraak uit:
Romeinen 9: 15-16 Hij zegt tegen Mozes: Over wie Ik Mij ontferm, zal Ik Mij ontfermen, en jegens wie Ik barmhartig ben, zal Ik barmhartig zijn. Het hangt dus niet daarvan af, of iemand wil, dan wel of iemand loopt, maar van God, die Zich ontfermt.
Gods soevereiniteit toont ons Zijn grootheid en leert ons genade.

Dit hoofdstuk is een heel hoofdstuk over Gods oordelend handelen met Zijn aardse volk Israel. Maar voordat alles als het ware op gang gezet wordt wijst Mozes in zijn proclamatie over Yahweh op de grootheid van God en daarmee op Zijn soeverein handelen. Wat komt dan openbaar? Gods ontferming en Gods barmhartigheid. In Gods oordelend handelen komt Zijn wezen, onvoorwaardelijke liefde, openbaar.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende