U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Uitleg van de verzen 2 Koningen 5: 10-15

2 Koningen 5: 10 Toen stuurde Elisa een boodschapper naar hem toe, die tegen hem zei: Ga jij je nou maar zevenmaal wassen in de Jordaan, dan herstelt dat vlees van jou wel. Dan ben je absoluut zeker rein.
“Dan herstelt dat vlees van jou wel”. Je zou kunnen lezen: “Dan komt dat vlees van jou wel weer terug”. Het punt is dat door de melaatsheid echt alles eraan gaat. Gaan wij het van onszelf verwachten (Romeinen 7), dan gaat ook echt alles eraan. De enige weg tot herstel is genade.

2 Koningen 5: 11 Naäman werd echt nijdig. Hij liep daar weg en zei: Ik dacht nog wel: Voor mij komt hij zeker naar buiten. Dan komt hij wel op me af stappen om de naam van Yahweh, zijn God, aan te roepen, en dat die dan met zijn handen over de plek zou strijken waardoor die melaatsheid zou verdwijnen.
Het heen en weer bewegen van zijn hand over de melaatsheid zou in zijn denken wonderen doen. Hij geloofde in een magisch ritueel. Kennen we dat. O ja, die openbare shows van beenverlengingen e.d.

2 Koningen 5: 12 Zijn de Abana en de Parpar, rivieren van Damaskus, niet veel beter dan al die wateren in Israël, om mij daarin te wassen en rein te worden? Hij draaide zich om en liep woedend weg.
Zijn zij niet veel beter dan al die wateren in Israël? Hij geloofde nog steeds niet in Yahweh, de God van Israël. Hij geloofde in de magische bezwering door het uiterlijke water.

2 Koningen 5: 13 Toen kwamen zijn slaven naar hem toe en zeiden: Lieve vader, als nou die profeet iets moeilijks van u had gevraagd, dan zou u het toch gedaan hebben? Maar nou heeft hij alleen tegen u gezegd: Was je en je bent rein.
Zijn slaven noemden hem een lieve Vader. Wat een zorg en liefde spreekt hieruit! Naäman was, wat wij in ons menselijk ethisch oordeel zouden noemen, een goed mens. (Ja okay, voor ons ethisch denken in de 21e eeuw loopt het bij die strooptochten behoorlijk mank, maar uit deze laatste gegevens komt een goed mens naar voren.) Een goed mens. Niks mis mee, maar lastig als het om genade gaat.

2 Koningen 5: 14 Hij klom van zijn paard af en doopte zich zevenmaal in de Jordaan, zoals de man Gods het gezegd had; zijn vlees was hersteld als het vlees van een jonge knaap. Hij was rein!
Hij klom van zijn paard af. Hij had geen oor voor de boodschapper van Elisa, maar wel voor zijn eigen slaven. God gebruikt meerdere mensen om iemand zover te brengen dat hij de genade van God leert kennen. Onder het toeziend oog van zijn slaven klom hij van zijn paard, kleedde zich uit en ging zevenmaal onder in dat modderige water. Zijn grootheid, zijn voornaamheid ging eraan. Wat een werking van genade!
Jesaja 25:12 De hoge vesten van jullie muren zal Hij buigen,
Jesaja 26:5 Yahweh buigt hen, die in de hoogte wonen; de hoge stad vernedert Hij,

“Doopte zich zevenmaal in de Jordaan”, de doodsrivier. Eigenlijk een beeld van de weg van vernedering, die de Heer ging tot in de dood, de dood van het kruis. Tussen de hoogten van de Libanon en de Hermon ontspringt deze rivier om af te dalen (het woord Jordaan betekent “Afdalende”) naar de Dode Zee. Het is de afdaling/de vernedering van de Heer tot in de dood, waar deze generaal op een volmaakte wijze (het zevenvoudige) mee één gemaakt werd.

Hoewel je allerlei evangelisatie-activiteit beschreven vindt als verklaring voor dit beeld, denk ik dat het veel dichterbij Paulus eigen uitleg ligt
2 Corinthe 5: 15 Wij zijn tot het inzicht gekomen dat één voor allen gestorven is, dus zijn zij allen gestorven.

Wat daar dus in beeld plaatsvond is 2.000 jaar geleden definitief door Christus tot stand gebracht. Eén is voor allen gestorven. Christus is voor allen gestorven. Dus, zegt Paulus, dus zijn ze allemaal gestorven. Het zevenvoudige. Het volmaakte één worden. Hoe Paulus dat dan verder ziet behandelt hij in heel wat Bijbelgedeelten.
Romeinen 6: 3 Weet je niet dat wij allen één gemaakt zijn in Christus dood?
Romeinen 6: 4 Wij zijn door die eenmaking met Hem begraven in de dood,
Romeinen 6: 5 Aangezien wij samengegroeid zijn met hetgeen gelijk is aan zijn dood,
Romeinen 6: 6 Dit weten wij: dat onze oude mens mee gekruisigd is,
Romeinen 6: 8 Aangezien wij met Christus gestorven zijn,
Romeinen 6: 11 Zo moet het voor jou vaststaan dat je dood bent,

Eén is voor allen gestorven, dus zijn ze allemaal gestorven. Wat een genade! Daar is een eind gekomen aan die hoogheid van de mens. Daar is een eind gekomen aan al het zelf doen. Bij Naäman zien we ook dat er sprake is van een nieuwe schepping. Maar nu moeten we het zelf ook nog (o.a. door onderwijs, maar ook door ondervinding) ontdekken. Dat zien we hier in het vervolg bij Naäman ook.

2 Koningen 5: 15 Hij ging, samen met dat hele leger van hem, terug naar de man Gods; en toen hij binnenkwam, ging hij voor hem staan en zei: Nu weet ik, dat er geen God is in alle landen behalve in Israël; neem nu a.u.b. een zegen aan van uw knecht.

“Toen hij binnenkwam”. Hij bleef dus niet meer hoogmoedig op zijn paard zitten. Hij was afgestapt en het huis binnen gegaan. Sommigen maken daar al gelijk een hele verandering/bekering van. Het is een uiterlijke verandering, die een mens kan aanleren zonder nou gelijk al een innerlijk werk van God in die mens. Dat zie je aan het willen betaling voor dit werk van de profeet en de opstelling van Naäman, bijna als slaaf.

In vers 13 viel hij nog terug op de mooie eigen rivieren de Abana en de Parpar en de goden, die hij daaraan verbond, maar nu kwam de belijdenis dat er geen God in alle landen is behalve in Israël. Ik heb zo´n lichtbruin vermoeden dat de hele evangelische wereld hier juichend om de man heen gedanst zou hebben. “Wat een bekering! Wat een juiste keuze!” Tja, wie weet waren ze daarnaast ook wel blij geweest met die zegen van 10 miljoen Euro, die hij bij deze belijdenis aanbood. Jaja, hij had nog geen snars begrepen van genade. Hij kocht zijn herstel, want dat had hij wel verdiend.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende