U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Afsluitend

De onderwerpen, die we nu al uitgebreid doorgenomen hebben, blijven zich nu nog verder herhalen. Vandaar dat we de laatste vier punten van mijn lijstje in deze laatste studie samenvatten. Hier komt punt 22:

Was deze brief een kenmerkende geheimenisbrief geweest, dan had Paulus deze gelovigen opgeroepen om te bedenken wat boven is, in overeenstemming met hun roeping.
Filippi 4: 8 Voorts, broeders, al wat waar, al wat waardig, al wat rechtvaardig is, al wat rein, al wat beminnelijk, al wat welluidend is, al wat deugd heet en lof verdient, bedenkt dat;
In plaats van naar boven te wijzen, zoals in Efeze en Colosse, worden we gewezen op de eigenschappen, die de gelovigen onder het Nieuwe Verbond op aarde tonen.

Vanzelfsprekend zien we in deze eigenschappen de persoon van Christus Jezus terug. Hij is de Persoon, die deze gelovigen in hun doen en laten openbaren. Ook al is het binnen het Nieuwe Verbond een bewerken van de redding met vreze en beven, het is God die zowel het willen als het werken in hen werkt. Het blijft allemaal het werk van Gods genade. Kijk daarop! Dat is hier het advies van Paulus.

We gaan verder naar punt 23.
Ook aan het eind van zijn brief loopt Paulus nog eens de geschiedenis met deze gelovigen in Filippi door vanaf het eerste begin tot dan. Een uitgelezen kans om het geheimenis ter sprake te brengen, die in die tijd iets radicaal nieuws had gebracht. Niks daarover. Het Nieuwe Verbond lijkt gewoon door te gaan.
Filippi 4: 15 Jullie weten het zelf ook wel, Filippenzen; in het begin van mijn evangelieprediking, toen ik uit Macedonië vertrok, heeft geen enkele gemeente met mij in rekening van uitgave en ontvangst gestaan dan jullie alleen.

Paulus gaat hier nog eens terug naar het begin van zijn evangelieprediking zonder ook maar enig onderscheid tussen huishoudingen van God aan te brengen of aan te geven dat er ondertussen iets veranderd zou zijn, zoals bijvoorbeeld een geheimenis, dat ondertussen toch geopenbaard was. Het hele financiele plaatje, dat hier overduidelijk het onderwerp is heeft onder het Nieuwe Verbond echter wel degelijk een heel andere impact dat binnen de Gemeente, het Lichaam van Christus. Dat blijkt wel in het volgende punt.

Hierr hebben we punt 24.
Een financiële schenking levert een oogst op. Een boodschap die echt niet past binnen het geheimenis, waarin God niet ingrijpt binnen aardse zaken. Een boodschap die prima past binnen het Nieuwe Verbond.
Filippi 4: 17 Niet, dat het mij om de gave te doen zou zijn, maar het is mij te doen om de opbrengst, die als een tegoed op jullie rekening aangroeit.

Vanaf vers 14 t/m vers 17 schrijft Paulus hier voortdurend over zijn dienst tijdens de Handelingenperiode, waarin hij het Nieuwe Verbond aan de heidenen verkondigde. Voor het Koninkrijk hadden zij hem financieel terzijde gestaan. Dat groeit dan ook geheel in overeenstemming met de Koninkrijksprediking als een tegoed op hun rekening aan. Er is sprake van een financieel zaaien, dat ook een financieel oogsten tot gevolg heeft. Beslist niet kenmerkend voor het geheimenis.

Predikers van het welvaartsevangelie maken met veel voordeel voor zichzelf maar al te graag misbruik van dergelijke uitspraken van Paulus. Leert Paulus hier dan niet dat een financieel zaaien een grote financiele opbrengt oplevert? Jazeker, dat staat hier heel letterlijk! Zou deze brief dus inderdaad thuishoren bij de Gemeente, het Lichaam van Christus, dan zouden we inderdaad alle leringen over het feit dat God nu enkel en alleen met geestelijke zegeningen in de hemelse zegent, overboord moeten gooien. God zou hier dan aangeven dat Hij naast die geestelijke zegen ook nog aardse zegen voor ons in petto heeft.

Bij die welvaartspredikers zit dus een zeker misbruik van dergelijke teksten, maar wij als Bijbeluitleggers geven hen ook munitie voor een dergelijke prediking als we de huishoudingen van God niet onderscheiden. Er is nu eenmaal in Filippi nog altijd een groep gelovigen die binnen het Nieuwe Verbond geroepen zijn terwijl God Paulus ook al de openbaring van het geheimenis voor een nieuwe groep gelovigen geschonken heeft. Die twee roepingen functioneerden destijds naast elkaar.

We gaan naar het laatste punt van onze serie: Punt 25.
Opnieuw spreekt Paulus over deze financiële schenking in termen van de joodse tempel- en offerdienst.
Filippi 4: 18 Een welriekend, een aangenaam, God welgevallig offer.
Welke relatie heeft een financiële bijdrage tegenwoordig onder de huishouding van genade met de Joodse tempel- en offerdienst? In 2: 17 had Paulus deze relatie ook al gelegd.

Alle punten hebben we doorlopen. Het is je wellicht opgevallen dat ik vrijwel 180 graden haaks sta op wat ik voorheen heb onderwezen en geschreven. De laatste twee jaar ben ik op steeds meer botsingen met wat er letterlijk staat gestuit, waardoor ik mijn voorgaande lijn van denken niet meer staande kon houden. Ik adviseer jullie mij niet blind te volgen, maar zelf in het Woord na te gaan of deze dingen inderdaad kloppen met het Woord. Niet ik heb gezag, maar het Woord zelf is de enige gezagsbron. Onderwerp je daaraan.

Ter afsluiting verwijs ik nog eens naar mijn vroegere serie over de Filippibrief. Ik verwijs vooral naar de laatste studies 16 t/m 19.
Door hier te clicken kom je bij die oude serie over Filippi
Je zult ontdekken hoe ik me in enorm moeilijke bochten heb gewrongen om de opzieners en diakenen in het allereerste vers van deze brief weg te verklaren. Binnen een brief aan de Gemeente, het Lichaam van Christus, hoorde het ook niet thuis. Dat had ik wel al begrepen. Typische Joodse kenmerken van een synagoge. Maar nu we eenmaal die brief in al zijn facetten zijn doorgelopen kunnen we de opzieners en diakenen ook gewoon letterlijk laten voor wat ze zijn: opzieners en diakenen. We zullen ze in de brieven Timotheus en Titus ook opnieuw tegenkomen. Eveneens brieven binnen het Nieuwe Verbond.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina