U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Knollen Voor Citroenen

De reden voor deze studie is alweer mijn studie in de brief aan de Galaten. Paulus spreekt in Galaten 5: 21 over de erfenis van het Koninkrijk van God. Dan is bij mij het tijdstip aangebroken om even heel diep in een studie over deze uitdrukking ‘Het Koninkrijk van God’ te duiken. Laat ik bij voorbaat maar duidelijk stellen dat ikzelf dit zie als de toekomstige heerschappij van God over echt alles. Zo, dat is er uit! Zonder enige grond. Die hoop ik later wel degelijk te geven.

Je zou kunnen zeggen dat het thema van de Bijbel het koninkrijk van God is. Natuurlijk zijn er nog heel veel andere thema’s, zoals God zelf, die gemeenschap tot stand brengt, De Zoon van God, die verzoening tot stand brengt en ons leven is, genade, die in elk facet van Gods plan doorklinkt.

Je kan de Bijbel het boek over het komende Koninkrijk van God noemen. Het Oude Testament kent deze uitdrukking dan wel niet, maar er zijn meer dan duizend uitspraken in het Oude Testament, die we later in het Nieuwe Testament als ‘Het Koninkrijk van God’ terugvinden.

Wat betekent echter het Koninkrijk van God? Je kan wel zeggen dat men er binnen de christenheid een behoorlijk soepzootje van gemaakt heeft. De één gebruikt deze uitdrukking zus. De ander gebruikt het zo. De vraag ‘Wat zegt de Bijbel hierover?’ is zeer ongebruikelijk en je krijgt haast de indruk dat het een ongepaste vraag is.

Het Koninkrijk van God is een volkomen Bijbelse uitdrukking. Binnen de christenheid, en zeker ook binnen de evangelische wereld, is het echter een geheel eigen leven gaan leiden. Het kreeg een mooi opgepoetst plekje binnen ons veredeld, ritualistisch taalgebruik.

We hebben het aan de Middeleeuwen te danken dat nog altijd bij veel gelovigen, denkend aan de uitdrukking ‘Koninkrijk van God’, direct spontaan allerlei ideeën over hun eigen georganiseerde kerkstructuur opborrelen. Het waanidee van de kerk als het Koninkrijk van God.

Zo spreekt men ook met alle eerbied over ons bouwen aan het koninkrijk. Laat ik nou zo’n donkerbruin vermoeden hebben dat er slechts Eén Bouwer is. Namelijk Degene die aan Zijn eigen Koninkrijk bouwt.

Ook wordt tegen de klippen op getracht om een rechtvaardige wereld te scheppen met allerlei sociale idealen. Dat zag (of ziet) men dan als het hoogste goed van de kerk. (Eerlijk gezegd spreekt mij dit als mens best enorm aan. Daar hoef ik zelfs niet christelijk voor te zijn.) Zo probeert men, volkomen vergeefs, het Koninkrijk van God op aarde te vestigen.

Wat we met al deze waanvoorstellingen voor elkaar hebben gekregen is dat een groot deel van de huidige christenheid zich sterk maakt voor sociale en ethische kwesties. We hebben er binnen onze Nederlandse geschiedenis al een hele serie christelijke politieke partijen aan te danken gehad, zoals momenteel nog steeds CDA, CU en SGP daarvan overgebleven zijn. Ook hebben we vooral hieraan nog een aantal christelijke omroepen te danken, zoals de NCRV, IKON, ZvK, KRO en de EO. Tegenwoordig begint trouwens ook Family7 al haar simpel evangelische veren te verliezen.

In de zestiger jaren was het sociale evangelie een kenmerkende uitwas van deze misleidende opvatting over het Koninkrijk van God. Tegenwoordig hoor je daar niet meer over omdat het onderscheid tussen vrijzinnig en evangelisch/orthodox christendom vrijwel geheel is weggevallen en men nu het sociale evangelie vermengd heeft met wat men daarvoor al presenteerde als evangelie.

Nu komt er ergens een nieuwe kerk en men spreekt van een uitbreiding van het Koninkrijk van God. Men gaat evangeliseren door via folders mensen uit te nodigen voor een dienst en men spreekt dan van het bevorderen van het Koninkrijk Gods. Hoe meer mensen, hoe meer geld, hoe groter dat koninkrijk.

Ja, we hebben als christenheid de uitdrukking ‘Koninkrijk van God’ uitermate populair gemaakt en we zitten nu met de gebakken peren. Niemand begrijpt meer wat de Bijbel bedoeld als het zo duidelijk over het Koninkrijk van God spreekt en het toch niet direct toepasbaar lijkt op onze eigen kerkelijke positie.

Zou ikzelf persoonlijk een aantal weken een bepaalde uitdrukking totaal verkeerd gebruiken, dan is er nog geen man overboord. Na dat aantal weken kom ik door het schuren van betekenis toch wellicht achter mijn misser.

Zou ik tientallen jaren een bepaalde uitdrukking verkeerd gebruiken, dan is het gebruik van die uitdrukking inmiddels al zo vertrouwd, dat ik dan wellicht wel iets voel schuren als ik over die uitdrukking in de Bijbel lees, maar ik accepteer het dan maar dat ik dat Bijbelgedeelte niet begrijp.

Veel groepen binnen dat immense bedrijf, dat zich de christenheid noemt, volgen al honderden jaren het verkeerde gebruik van een bepaalde uitdrukking, dan is er inmiddels al een acceptatie ontstaan dat bepaalde gedeelten in de Bijbel gewoon onbegrijpelijk zijn. Dat is wat er gebeurd is met deze uitdrukking ‘Koninkrijk van God’!

We hebben ons knollen voor citroenen laten verkopen en nu kunnen we niet anders dan weer met een schone lei beginnen om stap voor stap in de Bijbel zelf na te gaan wat de Bijbel verstaat onder ‘Koninkrijk van God’.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende