U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Troost & Berouw van 2 Samuel t/m de Psalmen

In deze zesde studie over Gods berouw/troost pakken we de vertalingen vanaf 2 Samuel t/m de Psalmen beet om te ontdekken in hoeverre we de troost & berouw van God daarin terug kunnen vinden. De NBG vertalers komen in het volgend Bijbelgedeelte weer met twee nieuwe weergaven uit die grote waslijst, die zij van slechts dit ene Hebreeuwse woord hebben opgesteld.
2 Samuel 10:2-3 David liet hem door zijn dienaren zijn deelneming betuigen wegens het verlies van zijn vader. … Menen jullie, dat David jullie vader eren wil, nu hij jullie boden van rouwbeklag gezonden heeft?
De twee uitdrukkingen ‘deelneming betuigen’ en ‘rouwbeklag zenden’ zou je eigenlijk weer heel simpel kunnen terugbrengen tot ‘troosten’. Dat is dan ook de eigenlijke betekenis van het woord.

En kijk eens aan. Het kan ook zomaar bij twee teksten normaal gaan.
2 Samuel 12:24 Daarna troostte David zijn vrouw Batseba;
2 Samuel 13:39 Toen kwijnde koning David van verlangen naar Absalom; want hij
had zich getroost over de dood van Amnon.

En opnieuw kondigt God weer een verandering van troost voor Jeruzalem aan.
2 Samuel 24:16 Toen de engel zijn hand naar Jeruzalem uitstrekte om het te verdelgen, berouwde het onheil Yahweh, en Hij zei tegen de engel die verderf bracht onder het volk: Genoeg!

Troost bieden, rouwklacht aanbieden en deelneming betuigen. Drie NBG variaties op dezelfde emotie en weergaven van ditzelfde Hebreeuwse werkwoord.
1 Kronieken 7:22 Zijn broeders [van Efaïm] kwamen om hem te troosten.
1Kronieken 19:2-3 David zond gezanten om hem zijn
deelneming te betuigen vanwege het verlies van zijn vader. Maar toen de dienaren van David in het land van de Ammonieten bij Chanun gekomen waren om hem zijn deelneming te betuigen, zeiden de vorsten van de Ammonieten tegen Chanun: Denk jij, dat David je vader eren wil, nu hij je boden van rouwbeklag gezonden heeft?

Precies dezelfde gebeurtenis, die al in 2 Samuel 24: 16 beschreven was, komt hier nog eens voorbij.
1 Kronieken 21:15 God zond een engel naar Jeruzalem om dat te verdelgen, maar zodra hij daarmee begon, zag Yahweh het, en het onheil berouwde Hem; Hij zei tot de verderfengel: Genoeg!

Even vijf verschillende teksten met de gewone primaire vertaling van dit woord: ‘Troosten’.
Job 2:11 De Temaniet Elifaz, de Suchiet Bildad en de Naämatiet Sofar; en zij kwamen volgens afspraak bij elkaar om hem te gaan beklagen en te
troosten.
Job 7:13 Mijn bed zal mij
troost brengen, mijn legerstede mijn klacht verlichten,
Job 16:2 Jullie zijn allemaal jammerlijke
vertroosters.
Job 21:34 Ach, wat
troosten jullie mij toch met ijdele woorden,
Job 29:25 Ik troonde bij de schare als een koning, als één, die treurenden
troost.

En dan weer een onderbreking op de reeks ‘troosten’. In het verband gelezen zou het echter ook nog prima gewoon met ‘troosten’ vertaald kunnen worden.
Job 42:6 Daarom herroep ik en doe boete in stof en as.

Nu een reeks van zes gewone vertalingen met het originele woord ‘troosten’.
Job 42:11 Zij beklaagden en troostten hem over al het onheil dat Yahweh over hem gebracht had,
Psalm 23:4 Uw stok en Uw staf, die
vertroosten mij.
Psalm 69:20 Ik wachtte op ….
troosters, maar ik vond hen niet.
Psalm 71:21 Wil mijn grootheid vermeerderen, U opmaken en mij
troosten.
Psalm 77:2 Mijn ziel weigert zich te laten
troosten.
Psalm 86:17 Doe aan mij een teken ten goede, opdat mijn haters het zien en beschaamd staan, wanneer U, Yahweh, mij geholpen en
getroost hebt.

Hierna volgen weer twee Bijbelteksten met willekeurige Nederlandse synoniemen voor ‘troosten’, zoals ‘ontfermen’ en ‘deernis hebben’.
Psalm 90:13 Keer weer, o Yahweh! Hoelang nog? en
ontferm U over uw knechten.
Psalm 106:45 dan gedacht Hij te hunnen gunste aan zijn verbond, en
had deernis naar Zijn grote goedertierenheid.
Ik ga van de NBG uit, maar het opvallende is dat de Staten Vertaling in deze beide gevallen de troost, de ontferming en de deernis weer omgezet heeft in berouw. Zo zien we hoe de vertalingen nogal eens uiteen kunnen lopen en soms een eigen weg gaan.

Bij de volgende tekst komt nou juist weer naar voren dat als Gods soevereine raad ter sprake komt (Zijn beloften, die Hij gezworen heeft) er onmogelijk sprake kan zijn van berouw bij God.
Psalm 110:4 Yahweh heeft gezworen en het berouwt Hem niet:

Dan is het weer tijd voor drie teksten met heel simpel de basale vertaling van ‘troosten’.
Psalm 119:52 Als ik denk aan Uw verordeningen van ouds, o Yahweh, dan ben ik
getroost.
Psalm 119:76 Laat uw goedertierenheid mij tot
vertroosting zijn naar Uw belofte aan Uw knecht.
Psalm 119:82 Mijn ogen smachten naar Uw belofte: wanneer zult U mij
vertroosten?

De NBG vertalers vinden het blijkbaar weer saai worden om telkens met ‘troosten’ te vertalen en dus komen ze met het synoniem ‘ontfermen’.
Psalm 135:14 Yahweh doet Zijn volk recht, over zijn knechten
ontfermt Hij Zich.
Even een korte blik op de SV en we komen het berouw in deze tekst weer tegen. Hiermee hebben we dan in deze zesde studie de NBG vertalingen van 2 Samuel t/m de Psalmen doorgenomen.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende