U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

De 'Troost' Teksten In Genesis

Eigenlijk heb ik in de eerste drie studies al de hele uitleg van de uitdrukking ‘Het Berouw Van God’ weggegeven. In de volgende studies gaan we echter Bijbeltekst na Bijbeltekst alle vermeldingen in de bijbel van het Hebreeuwse werkwoord ‘Naham’ langs. Als je geen Bijbelse grond voor wat ik in de vorige studies beweerd heb, nodig denkt te hebben, dan zou je hier kunnen stoppen. Ik denk echter dat een grondige onderbouwing zeker gevraagd mag worden omdat dit toch wel een zeer uitzonderlijk onderwerp is. We zetten daarom nu alle 100 Bijbelgedeelten onder elkaar met dit Hebreeuwse werkwoord. In deze vierde studie bekijken we alleen de Bijbelteksten uit Genesis.

De eerste drie teksten met dit werkwoord verraden al direct de manier waarop je tegen dit Hebreeuwse woord moet aankijken.
Genesis 5:29 Lamech gaf zijn zoon de naam Noach [rust], zeggende: Deze zal ons troosten over de moeitevolle arbeid van onze handen op deze aardbodem, die Yahweh vervloekt heeft.
Genesis 6:6-7 Het
berouwde Yahweh, dat Hij de mens op de aarde gemaakt had, en het smartte Hem in zijn hart. En Yahweh zei: Ik zal de mensen, die Ik geschapen heb, van de aardbodem uitroeien, de mensen zowel als het vee en het kruipend gedierte en het gevogelte van de hemel, want het berouwt Mij, dat Ik hen gemaakt heb.

Noach was de rust, die God bracht om iets totaal nieuws te beginnen. De aankondiging van die totaal nieuwe weg van Yahweh wordt daar Gods troost genoemd. ‘Deze zal ons troosten’. Als God dan ook daadwerkelijk gaat ingrijpen, wordt opnieuw van die troost van God gesproken. Dit keer krijgt het van de vertalers echter niet de omschrijving ‘troost van Yahweh’ mee, maar komen ze met een woord, dat in het Nederlands een totaal andere lading lijkt te hebben dan het Hebreeuwse woord zelf: ‘Het berouwde Yahweh’.

We hebben de neiging om negatief tegen dit ingrijpen van God aan te kijken. Het lijkt voor veel mensen alsof God hier een gruwelijk God is. Waar is hier die ‘troost’, die toch in dat woord zou zitten? De troost zit hem hierin dat God ingrijpt juist om de mens te redden. Hier nu uitgebreid op ingaan zou een zijspoor zijn. Daarom geef ik hieronder enkele linken van andere studies over juist dat onderwerp op mijn Site.
Noach Vond Genade In De Ogen Van Yahweh
Genesis 6: 4-7
Genesis 6: 8-13

Voortdurend speelt de grondbetekenis van ‘troost’, ‘troosten’, ‘vertroosting’, door in de Bijbelse uitspraken met dit Hebreeuwse woord. Meestal dan ook letterlijk zo vertaald, zoals in de volgende tekst:
Genesis 24:67 Toen bracht Izaäk haar in de tent van zijn moeder Sara, en hij nam Rebekka, en zij werd hem tot vrouw, en hij kreeg haar lief. Zo vond Izaäk troost na de dood van zijn moeder.
Hier is geen misvatting mogelijk.

De volgende tekst met dit Hebreeuwse woord lijkt weer een grote aanjager van verwarring.
Genesis 27:42 Toen aan Rebekka de woorden van Ezau, haar oudste zoon, waren meegedeeld, liet zij Jakob, haar jongste zoon, roepen, en zei tegen hem: Zie, je broeder Ezau wil zich op jou wreken door je te doden.
Hier geen ‘berouw hebben’. Hier geen ‘vertroosting vinden’. Hier hebben de NBG vertalers hetzelfde Hebreeuwse werkwoord weergegeven met ‘wreken’. Wat heeft dit met ‘troosten’, laat staan ‘berouw hebben’, te maken?

De Staten Vertaling geeft op die vreemde vraag een afdoend antwoord. Lees dezelfde tekst dus eens in deze SV.
Genesis 27:42 Zie, je broer Ezau troost zich over jou, dat hij je doden zal.
Inderdaad, niet bepaald een hoogstaand ethische troost die Ezau hier vindt, maar voor zijn gevoel op dat moment was het een hele troost om te bedenken dat zijn broer straks lekker dood zou zijn.

Als Ezau dit inderdaad voor elkaar had gekregen, dan had er wellicht ooit ook nog eens berouw op kunnen volgen, maar we zien hier wel zeer overtuigend dat ons idee van ‘berouw hebben’ alsof er perse spijt in deze Hebreeuwse uitdrukking zou moeten zitten, totaal nergens op gegrond is. De grondgedachte in dit Hebreeuwse woord is ‘troost vinden’, zoals ook de volgende tekst dit weer onomstotelijk aangeeft.
Genesis 37:35 Al zijn zonen en al zijn dochters deden hun best hem te troosten, maar hij weigerde zich te laten troosten,

De volgende tekst met dit Hebreeuwse woord lijkt echter behoorlijk dicht in de buurt te komen van het berouw doordat er gesproken wordt van een rouwtijd.
Genesis 38:12 Na verloop van vele dagen stierf de dochter van Sua, de vrouw van Juda. En toen Juda de rouwtijd ten einde gebracht had, ging hij naar de scheerders van zijn schapen,

Ook bij deze tekst geeft de Staten Vertaling weer een helderder licht.
Genesis 38:12 Als nu vele dagen verlopen waren, stierf de dochter van Sua, de huisvrouw van Juda; daarna troostte zich Juda,
De rouwtijd is dan ook niet de tijd om berouw te hebben, oftewel ergens spijt van te hebben. Het is de tijd, die je jezelf gunt om je te troosten en getroost te worden. Dus zelfs een Nederlandse weergave, die wellicht in eerste instantie direct aan het berouw verbonden lijkt, heeft daar totaal geen relatie mee. Het is de ‘vertroosting’, die hier centraal staat.
En opnieuw is ook de volgende Bijbeltekst met dit woord weer overduidelijk:
Genesis 50:21 Vreest dus niet, ik zal jullie onderhouden en ook jullie kinderen. Zo troostte hij hen en sprak tot hun hart.
In studie vijf gaan we verder met onze woordstudie in het boek Exodus.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende