U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Kwetsen we?

Ik zit nou pakweg zo´n drie jaar op Facebook. Een uitdrukking, die in vrijwel alle discussies, uitspraken en verklaringen regelmatig terugkomt is “Het is beslist niet mijn bedoeling iemand te kwetsen of te ergeren”. Zo´n uitspraak is natuurlijk nooit bedoeld als een grap of een mop, maar in de meeste gevallen moet ik er wel hartelijk om lachen.

Ja, sorry, ik ben een gek mens dat ik om zoveel zorg voor de medemens in de lach schiet. Die prikkel tot een lach zou er ook niet zijn als niet meestal in hetzelfde bericht van zo´n persoon op Facebook iets echt kwetsends of ergerlijks neergeschreven zou zijn. Maar dat is er vaak wel. Waar ligt dat nou toch aan?

Ik ben er zelf stellig van overtuigd dat de uitspraak dat men niemand wilt kwetsen volledig oprecht en gemeend is. Wellicht heeft men zelf eerst nog het eigen bericht op mogelijke kwetsingen gecontroleerd en omdat men dan niks gevonden heeft, was de vrijheid daar om dat bericht dan ook te plaatsen. Tja, men had niks kwetsends bedoeld en ook, na diepgaand onderzoek, niks kwetsends gevonden en vervolgens het bericht geplaatst, dat dan toch blijkt bepaalde mensen enorm te kwetsen.

Ik ben er eigenlijk stellig van overtuigd dat er niemand is, die echt bij voorbaat het plan heeft om mensen te kwetsen, ook niet die mensen waardoor we vandaag weer enorm gekwetst zijn (Dat zal wel weer gebeurd zijn). Maar ieder heeft zijn eigen sociale omgeving om zichzelf heen verzameld. Dat is een groep die we het beste van alle andere groepen mensen in de maatschappij aanvoelen, waardoor we een verwantschap voelen. Daar waar we zeggen of schrijven dat we niemand willen kwetsen of ergeren, daar bedoelen we dan feitelijk dat we niemand van die ene groep, waar we verwantschap mee voelen, willen kwetsen. Als we dan ook onze controle uitvoeren op ons eigen bericht, dan kijken we het ook slechts na op de belevingswereld van ons eigen groepje. Het is dan zeer wel mogelijk dat we dan met ons bericht diepe wonden rijten bij velen in andere groepen, maar vaak vatten we dat zelfs niet eens. “Hoe kan het dat die ander zich zo gekwetst voelt?” is dan onze oprechte verbazing.

Nou zijn we tegenwoordig niet meer zo verzuild als vroeger in de vijftiger/zestiger jaren van de vorige eeuw. De groepen met diverse denkbeelden lopen dan dus ook (volgens mij: gelukkig) door elkaar heen. Zo ben ik bijvoorbeeld totaal niet kerkelijk of gemeentelijk, maar omdat het gezag van Gods Woord het uitgangspunt van mijn leven is en ik Christus Jezus ook persoonlijk ken als de Redder van de mensheid loopt een groep van mensen, die wel kerkelijk of gemeentelijk zijn dwars door de mijne heen (niks mis mee). Maar het gemis aan veel kerkelijke inleving van mijn kant maakt zonder meer dat ondanks mijn controle op wat ik schrijf er voor sommige mensen soms zeer pijnlijke wonden veroorzaakt worden bij een (in mijn beleving) heel simpele uitleg van Gods Woord. Dit is slechts een voorbeeld vanuit mijn beleving. Er zijn zo talloze communicaties te bedenken tussen diverse maatschappelijke groepen, die door het ontbreken van emotionele raakvlakken op kwetsuren uitlopen. Ik zie dit soort botsingen doorlopend in discussies op Facebook, waarbij men soms de ander verdenkt van bewuste pijniging, terwijl dit meeste kans nooit het geval is.

We hebben als gelovigen bepaalde Bijbelteksten, die we graag misbruiken om elkaar het verbod op te leggen om de ander te ergeren of kwetsen. Is dat de weg ter voorkoming van dergelijke wonden? Of zijn dergelijke wonden gewoon niet te voorkomen en juist bedoeld om elkaar te leren nog beter naar elkaar (en zeker naar Gods Woord zelf) te luisteren?

Nu even eerst die misbruikte teksten uit Gods Woord:
Romeinen 14: 13 Kom tot dit oordeel: je broeder geen ergernis te geven.
1 Corinthe 8: 12 Door tegen de broeders te zondigen, en hun geweten te kwetsen, zondig je tegen Christus.
Hier hebben we die teksten even lekker uit hun context getild met de gedachte dat als er ook maar iets is wat jij doet waar een ander zich aan kan ergeren, dan zou je dat gewoon moeten nalaten. Is dat wat Gods Woord leert?

Gods Woord geeft in deze twee hoofdstukken aan dat als iemand de vrijheid in Christus niet doorheeft, dat we er dan voor kiezen om voorzichtig te zijn in ons doen en laten, zodat we het die persoon niet lastig maken. Een veganist kan ik bijvoorbeeld het leven moeilijk maken door juist in zijn of haar bijzijn vlees te gaan eten. Dat zou ik dan een uiting van mijn vrijheid kunnen noemen. Op zo´n manier schiet ik dan natuurlijk wel de liefde, die God heel graag in mij wilt uitwerken naar die ander toe, helemaal voorbij.

Het lijkt misschien een beetje lastig omdat in deze hoofdstukken in Gods Woord zo´n persoon, die zijn of haar vrijheid in Christus nog niet kent, een zwakkere genoemd wordt. Zwakker betekent hier heel eenvoudig dat iemand nog niet de vastheid in genade gevonden heeft.

Het probleem is echter dat men deze gedeelten van Gods Woord is gaan laten buikspreken. Als dan iemand anders moeite heeft met wat jij doet (maakt gewoon niet uit wat), dat je dat dan ook niet mag doen. De waarheid is dat wanneer je Gods Woord vanuit dat gezichtspunt benadert je helemaal gevangen gezet wordt. Er zijn namelijk altijd wel zaken in je leven waarvan een ander vindt dat je dat eigenlijk niet kan doen. Er zijn altijd wel uitspraken, waarvan een ander denkt dat je die niet uit kan spreken of op kan schrijven. Er zijn altijd wel weer zaken te bedenken waar een ander zich aan ergert of zelfs door gekwetst wordt.

Als je alleen nog maar het Lichaam van Christus neemt dan vind je een enorme grote verscheidenheid daarin aan meningen. Er wordt van alles en nog wat besproken, zoals hoe we ons kleden tot waar we wel naartoe kunnen. We bespreken het gebruik van alcohol en het gaan naar een bioscoop. Wat is gepast en wat is ongepast? In sommige delen van het Lichaam van Christus wordt zelfs besproken waar we wel en waar we niet onze boodschappen kunnen doen. Zo sprak ik laatst nog iemand die vond dat christenen niet horen te winkelen in die grote winkelcentra. De reden was dat de werkomstandigheden daar niet goed waren. Voor zo’n persoon is dat dan ook zijn of haar geloofsovertuiging. Betekent dit nou, vanuit deze gedeeltes in Gods Woord bekeken, dat ik nu nooit meer in een groot winkelcentrum kan winkelen uit angst om die persoon te ergeren of te kwetsen?

Hier gaat het om: De gedachte dat we bepaalde dingen niet kunnen doen omdat we anders iemand zouden kunnen ergeren is een leugen. Natuurlijk gaan we met alle mensen om vanuit liefde, maar daarbij zijn we ons wel bewust dat ook Jezus soms een behoorlijke ergernis was voor de godsdienstige mensen door wat Hij deed. Hij genas zieken op de Sabbat. Dat was echt een verschrikkelijke ergernis voor sommige geestelijke leiders. Hij zei van alles wat ze niet leuk vonden. Dat voelden ze als pijn aan hun ziel.

We gaan dus met andere mensen om vanuit de liefde van Christus en Zijn overvloeiende rijkdommen van genade, maar we staan de publieke opinie niet toe dat die ons voorschrijft hoe we moeten handelen. Jij bent vrij in Christus en dat is een waarheid dat jou in de vrijheid plaatst in jouw dagelijkse wandel in genade. Ik denk dus dat geslagen wonden soms gewoon noodzakelijk zijn om ons te onderwijzen. Ze zijn niet altijd te voorkomen. Kwetsen we bewust? Nee. Kwetsen we? Ja. Soms, zoals bij die geestelijke leiders tijdens de rondwandeling van Jezus op aarde, is het zelfs vanzelfsprekend. Dan komt het juist voort uit Gods liefde en genade.

Hier volgt nog een link naar een uitgebreidere vragenbeantwoording over het kwetsen:
Elkaar Niet Kwetsen

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende