U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Een slappeling op de Dam

Het was een mooie dag en ik was er dus op uit gegaan. Midden op de Dam stond een gigantische mensenmassa ergens naar te kijken. Ik was ook best wel nieuwsgierig wat er nou zo interessant was waardoor al die mensen op een kluitje bleven staan. Ik drong me door de massa naar voren en daar stond een beer van een vent de mensen uit te dagen.
Kom, kom, kom!!! Ja, kom maar bij papa! Jullie willen allemaal toch zeker wel leren om een superheld te zijn? Op TV zie je Superman door de lucht vliegen op weg naar een dame in nood om haar uit de verschrikkelijke klauwen van de vijand te bevrijden. Dat kan jij zijn!!! Jij kan zo´n superheld zijn! Laat je krachten naar het oppervlak komen. Laat je niet weerhouden door minderwaardigheidsgevoelens! Jij bent een krachtpatser! Jij bent de superheld!”

Ik zag de één na de ander naar voren stappen. Figuren met geweldige sixpacks, die uit hun shirt knapten, spraken met deze motivatiegoeroe over hun angsten, hun twijfels en hun onzekerheid. De “Ahhhhhh´s” en de “Ohhhh´s” vlogen door de lucht, maar de superhelden zelf niet. Bij de wandeling over de brandende kooltjes jankten de meeste bokito´s, dat het lieve lust was. Ze grepen naar hun verbrande teentjes en dropen vervolgens af.

Ongemerkt was ik in die gigantische mensenmassa telkens een stapje verder naar voren geduwd en nu stond ik helemaal op de eerste rij. De motivatiebeer in het centrum van het hele gebeuren, die voortdurend de vaart in zijn betoog erin hield, kreeg mij nu in de smiezen. “Ach moddervet slampampertje! Jij bent door moeder natuur nou ook niet echt bedeeld met veel aanleg tot het superheldendom, hè? Vroeg hij me met nou niet bepaald de hoogste achting voor mijn voorkomen. “Nee, inderdaad, dat zit er helemaal niet in”, antwoordde ik gelijk spontaan. “Ik hoef dus ook niet door die kooltjes”, vol enthousiasme wees ik op het vuurtje dat nu de broekspijp van onze instructeur tot het heldendom in lichterlaaie zette. Er ontstond een soort regendans, dat niet verhoord werd.

De mislukte sixpacks stonden nu in een groepje om me heen en eentje vroeg me: “Jij bent geen krachtpatser, hè?” “Nee!” antwoordde ik blijmoedig, “Ik ben een echte slappeling! Ik krijg uit mezelf echt helemaal niks gedaan, laat staan zo´n kooltjeswandeling.” Mismoedig schudde het groepje sixpacks hun hoofd, daar bovenop die imposant gespierde nekken. “Als je zo´n slappeling bent en helemaal niks gedaan krijgt uit jezelf, dan is er toch helemaal geen reden om zo enthousiast en blijmoedig te zijn?” vroegen ze.

Okay! Ik geef toe: Ik heb me weer helemaal laten meeslepen in een fictief gebeuren. Toch is die laatste opmerking van die groep krachtpatsers tekenend voor het gedachtengoed van het gros van de mensheid en eveneens de meerderheid van de christenen. “Ik wil de Heer dienen en daartoe moet ik zo krachtig mogelijk uit de hoek komen!!!” En de gelovigen trainen nog maar weer eens een wandelingetje kooltjes lopen in de vorm van een krachtig gelovige zijn. Maar ik ben een slappeling en ik verblijd me daarin. Ja, dat zegt op zich natuurlijk nog helemaal niks. Gods Woord geeft aan dat ik me daarin mag verblijden. Dat is veel belangrijker.

Ben je een krachtpatser voor de Heer? Jammer, want als jij zwak bent, dan ben je machtig. God werkt echt Zijn kracht uit in onze zwakheid. Ervaar jij jouw zwakheid in de vorm van ziekte, van zonde, van een aandoening, van lichamelijke aftakeling, van geen weerstand hebben? Prijst God! God werkt in jouw zwakheid Zijn kracht uit. Daarvoor hoef je gelukkig geen evangelisch Tjakka of Hallelujah gelovige te zijn. Je hoeft alleen maar zwak te zijn en dat ben je al, zelfs jij die denkt toch een aardig partijtje kooltjes lopen erop te hebben zitten. Jij bent zwak. Hij is machtig. Prijst God voor die genade!

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende