U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Jezus, Neem Het Stuur Over!

Resoluut stapte ze in de grote auto. Nog niemand van het gezin had plaats genomen, maar zij zat al pontificaal klaar om te vertrekken. Stuur in de handen. Blik scherp naar voren. Wie kon haar nog raken? Kom op! Waar blijft de rest? We moeten dringend vertrekken!

Het licht gaat aan in de garage en nu komt Pappa ook naast haar zitten. “Iedereen moet mee!”, deelt ze haar vader mee. “Ja prima”, zegt vader, “die staan buiten al klaar om in te stappen”. “Okay!”, zegt ze en ze stuurt behendig de garage uit.

Ah, daar staan Mamma, Lisa en Henk al klaar om in te stappen. Ze stuurt de auto langs de stoep en staat stil. Iedereen stapt in en ze kunnen vertrekken. Ze rijden de stad uit en nemen de rijksweg. Alle auto’s schieten haar voorbij en van tijd tot tijd rukt ze wat angstig aan het stuur. Maar de auto lijkt in een keurig strak rechte lijn de weg te volgen.

Ze naderen een rotonde en daar blijken de fietsers voorrang te hebben. Dat had ze niet zien aankomen en ze schrikt zich wezenloos als ze plotseling afremmen om de fietsers voor te laten gaan. “O Pappa!”, roept ze, maar ze houdt haar stuur stevig omklemd.

Ze zijn weer van de rijksweg af en in een veel drukkere stad terecht gekomen. Wat een chaos! Het lijkt hier wel een mierenhoop! Wandelaars proberen nog net even voor de auto langs te lopen. Fietsers op de weg. Auto’s toeteren om de irritatie een uitweg te geven. Ze kijkt angstig opzij naar haar Vader. “Nee’, bedenkt ze, ‘Ik moet het er zo goed mogelijk vanaf zien te brengen!” Fanatiek geeft ze een stevige ruk aan haar stuur, maar de auto baant zich keurig een weg door de massa.

Ze komen bij een afgezet stuk wegdek. Laten ze nou juist precies aan de andere kant van dat wegdek moeten zijn! Alleen dat ene stukje zouden ze nog hoeven rijden en dan waren ze er. Voor zich zien ze al andere auto de stoep oprijden om langs de borden te manoeuvreren. Een volkomen onoverzichtelijke chaos. De auto zet zich in beweging en begint ook een verwoede poging niets te raken om ongeschonden de plek van bestemming te bereiken. Ze houdt het nou niet langer en schreeuwt het uit naar haar Vader: “Pa, neem het stuur over!”.

Pa en Ma zitten te glimlachen. Ma koppelt het speelstuurtje los en Pa stelt haar gerust: “Ik heb het stuur aldoor al in handen. Alles komt goed. Je ziet nu alleen maar problemen, maar we komen veilig op de plek van bestemming aan. Ik leidt alles” De kleine meid is helemaal gerust gesteld.

Ja, Pa, onze God, heeft altijd al het stuur van ons leven in handen. In ellendige situaties roepen we het soms uit: “Jezus, neem het stuur over!” Hij stuurt ons dwars door die moeilijke situaties en wij zien nog steeds geen uitweg. Maar Hij heeft het stuur in handen. We denken soms dat onze overgave zoiets groots is alsof Gods leiding in ons leven daarvan afhankelijk zou zijn. Dus voeren we een hele act van loslating op. Het speelstuurtje, dat wij in handen hebben, zat eigenlijk altijd al los. Genade werkte altijd al in Gods soevereiniteit.

De wetenschap dat God soeverein is en alles werkt, houdt niets meer en niets minder in dan een vol genot van heerlijke rust. Drukt er dan geen enkele verantwoordelijkheid op onze schouders? Zou je het vertrouwen als een kind op Vader onze verantwoordelijkheid kunnen noemen? Okay! Hoe meer we volwassen zijn in Christus, hoe meer die kinderlijke afhankelijkheid openbaar komt. Geniet er maar van. We mogen met Pa meerijden.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende