U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Pietertje In Pa's Sterke Armen

Efeze 2: 4-6 God … heeft … ons … mee levend gemaakt met Christus, … en heeft ons mee opgewekt en ons mee een plaats gegeven in de hemelse, in Christus Jezus,

Trillend en schokkend, vervuld van intens verdriet, geladen met opgekropte woede, barstte het kleine lijfje, alsof het de Vesuvius zelf was, los in verwijt, wantrouwen en smeekbedes. Pa hield liefdevol zijn kleine zoontje in een innige omhelzing op zijn schoot.

Pa had zijn kleine lievelingetje in een hevig gevecht aan de overkant van de straat teruggevonden. Hij had de beide partijen uit elkaar gehaald. Uitgezocht hoe de hele situatie precies in elkaar stak. Het bleek dat zijn zoontje het buurtjochie al een hele tijd stevig pestte. De buurtjongen leverde hij veilig af bij zijn ouders en bood hen zijn excuses aan, waarna hij zich over zijn eigen peuter ontfermde.

Pietertje had gigantische straf verwacht, maar Pa ontfermde zich over zijn verwondingen. Pietertje werd helemaal opgelapt. Pa had hem op zijn arm genomen, waar hij niet meer aan zijn omhelzing kon ontsnappen. Pa had hem meegenomen naar zijn studeerkamer, wat altijd voor iedereen afgesloten was. Met Pietertje in zijn armen was hij in zijn bureaustoel gaan zitten. Daar zaten ze, zeker niet in alle stilte. De sluizen van Pietertjes opgekropte emoties waren wijd opengegaan en de tsunami van verwijt, twijfel en verdriet brak los.

“Al mijn zonden, al mijn zorgen,
neem ik mee naar de rivier.
Pa, vergeef mij en genees mij.
Vader, kom, ontmoet mij hier.”

‘Maar beste jongen, ik heb al je zonden allang vergeven! Het is goed! Ze zijn echt pleite! Je hoeft dat nu echt niet meer op te rakelen! Je hoeft ook je zorgen niet meer naar een denkbeeldige rivier te brengen. Bij mij zijn al jouw zorgen in goede handen. Jongen, begrijp dat ik jou op de meest intieme plek bij mij gebracht heb. Je hoeft nu echt niet meer te smeken om een ontmoeting!’

“Als er vergeving is
kan er genezing zijn
van de pijn en het verdriet
diep van binnen.
Als er vergeving is,
kan er genezing zijn
en de weg van herstel
kan beginnen.”

“Jongen toch! Er is vergeving! Ja, die vergeving heeft zelfs allang plaatsgevonden! Leg je twijfel nou ook maar af, samen met al je pijn en al je verdriet. Je bent genezen! Je bent hersteld! Ik heb je meegenomen en je geplaatst op de hoogste plek die maar mogelijk is.’

“Wees genadig,
Pa, vergeef mij.
Wees genadig voor mij.
Wees genadig,
Pa, vergeef mij.
Wees genadig voor mij.”

‘Jongen, kijk nou toch wat ik gedaan heb! Ik ben niks anders dan genade! Vergeving is bij voorbaat al geregeld. Je bent bij mij, jongen!’

“Verberg mij nu
onder uw vleugels Pa.
Houd mij vast
in uw sterke hand.”

‘Ach jongen, je bent hier bij me! Je bent veilig in mijn stevige armen. Ik heb je meegenomen naar mijn meest eigen plekje en daar mag jij nu ook je plaats innemen.’

“Houd me dicht bij U,
laat me nooit meer gaan.
Voor U leg ik mijn leven neer,
verlangend naar uw vriendschap, Pa.”

“Mijn beste jongen, ik hou je gegarandeerd dicht bij me! Ik laat je absoluut nooit meer gaan! Jouw leven is allang in mijn hand en o, wat heb ikzelf naar jouw vriendschap verlangd!’

“Nooit meer, nooit meer alleen,
loop ik door de stormen heen.
Nooit meer, nooit meer alleen,
op de berg of in de dalen.
Nooit meer, nooit meer alleen;
Pa, U laat mij nooit meer alleen.”

‘Ja jongen, hier op onze plek ben je nooit meer alleen!’

“Bij U ben ik thuis,
bij U ben ik veilig.
In U is mijn huis,
in U ben ik heilig, in U.
Bij U vind ik troost,
bij U kan ik huilen.
In U vind ik rust,
in U kan ik schuilen, in U.
U neemt mij in uw armen
en droogt mijn tranen af.
Wat een liefde, wat een liefde, wat een liefde!”

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende