U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Het Kind Met Het Badwater Weggooien

Het stond daar zomaar. Een hele ochtend wandelen hadden we erop zitten. Prachtige vergezichten hadden we gezien. Mooie wolkenpartijen hadden zich in de lucht afgetekend. Verdekt opgestelde vennetjes met vogelparadijzen kwamen plotseling uit het landschap naar voren.
Dan weer hadden we de heerlijke dennengeur, vervolgens liepen we weer over pietepeuterige knotwilgpaadjes. Verrassing op verrassing stapelden zich op. En toen ineens stond het daar zomaar.

De verrukkelijke geur van vers gemaaid gras kwam ons tegemoet. We liepen het veld op en daar, midden op het veld, stond het. Het kon toch niet…… Het was toch niet……. Het was alsof we een kraamkamer binnenliepen, zo maar midden in het bos.

Dit is toch niet……. Ja, we hadden het toch goed gezien. Midden op het veld, schuin tegen een kleine grondophoping, stond een klein plastic babybadje.

Het leek wel een bron, dat maar bleef voort stromen. We kwamen nu dichterbij en daarmee veranderde onze geurbeleving volkomen. Stank intense babypoepstank, kwam ons tegemoet. Het stroomde inderdaad het badje uit, maar zeker niet als een helder verfrissend stroompje. Het was als een drab dat zich eerst op de rand van het badje ophoogde om, zodra het gewicht te zwaar werd, langzaam naar de grond afzakte.

Een hele bruine stroom had zich al gevormd op het pas gemaaide veld. Je kon de stroom makkelijk volgen. De prachtigste bloemen hadden hun voedingsbodem gevonden aan de rand van die stroom. Heerlijk geurende waterlelies leken zich af te tekenen op de drabstroom. Een waar eldorado tekende zich af waar deze stroom zich verder door het grasland ploegde. Dieren kwamen op al deze schoonheid af en laafden zich aan deze stroom. Vogels en vlinders vlogen af en aan. Een lust voor het oog.

Op de hoek van het veld zagen we dieren hun laatste adem uitblazen. Vogels vielen neer. Vlinders fladderden een eind en klapten ook tegen de grond. De schoonheid van de hele bloemenpracht leek nog intenser te worden, maar de uitwerking op al het leven was de dood.

Ik greep het babybadje en hield een grote plastic vuilniszak al gereed om de hele inhoud in uit te storten. ‘Pas op!’, riep mijn medewandelaar, ‘Pas op dat je het kind niet met het badwater weggooit!’ Verdwaasd keek ik op. ‘Kind?, Een kind in deze bruine drab? Ik zie helemaal geen kind in dit babybadje! Ik zie alleen maar steeds meer van dit spul!’ ‘Ja maar’, protesteerde mijn wandelvriend, ‘voor je het weet heb je het kind met het badwater weggegooid!’

Beetje voor beetje goot ik heel voorzichtig de drab uit het badje in de grote vuilniszak. Nauwlettend bleef ik op mijn hoede of er een kindje zou opduiken, maar er verscheen niets anders dan die vuile drab. Uiteindelijk bereikte ik de bodem van het badje. Ik veegde de hele onderkant van het plastic schoon tot de aftekening van het kruis, dat door de vier naden van het plastic gevormd werd, zich helder aftekende.

Ben je ook zo onder de indruk van godsdienst? Ze bieden water aan, maar het is niet te drinken.
Exodus 15:23 Zij konden het water van Mara niet drinken, omdat het bitter was.
Blij nieuws wordt verkondigd, maar het is alles wat jij voor jouw God moet doen of laten. Het water is een bruine drab.

Je kijkt naar de liturgie. Je kijkt naar de rituelen. Je kijkt naar de goede werken. Je kijkt naar de mensenliefde. Je beluistert de prachtige gospels. Je hoort de hoge ethiek. Je ondergaat de samenzang.

Je onderschrijft de hoogstaande leer. En je bent overweldigt door al de religieuze pracht en praal. Het eldorado van bloemenpracht, verrukkelijke geur, het leven dat zich daar allemaal samenbalt. Het hele festijn grijpt je aan.

De geestelijke dood, die iedereen sterft die daarvan drinkt valt je niet op. Je bent te druk met jouw toewijding aan God. De worsteling met het leven dringt niet tot je door. Je bent gefocust op jouw dienst voor de Heer.
Het feit dat het heerlijk sprankelende gefladder van de vlinders is gestopt is niet bij jou binnen gekomen. ‘Wat weet die gospelartiest het goed te brengen!

Dan ineens is daar zo’n gek die de prachtige godsdienst verstoort! Hij neemt dat hele religieuze gebeuren en stort het zo in de vuilniszak.
Filippi 3: 7-8 Alles wat mij winst was, heb ik om Christus’ wil schade geacht. Jazeker, ik acht zelfs alles schade, omdat de kennis van Christus Jezus, mijn Here, dat alles te boven gaat. Om Hem heb ik dit alles prijsgegeven en houd het voor vuilnis, opdat ik Christus mag winnen,

‘Pas op!’,
schreeuw jij, ‘Pas op! Je kan niet zomaar alles weggooien! Straks gooi je het Kind met het badwater weg! Wij hebben in onze godsdienst toch zeker Jezus?! Die willen we zo goed als mogelijk naleven! Dat kan je toch zeker niet zomaar weggooien?!!!’ Je blijft het je maar afvragen in alles wat je doet: ‘Wat zou Jezus doen?’ Daarom heb je destijds zelfs het WWJD armbandje omgedaan.

Alles verdwijnt in de vuilniszak. Zelfs het altijd in dat badwater aanwezig geachte kindje blijkt er in werkelijkheid niet eens in te zitten. Nu, schoon, is het enig zichtbare in dat plastic badje dat samenspel van die vier naden, dat kruis.
2 Corinthe 5:16 Indien wij al Christus naar het vlees gekend hebben, thans niet meer.

De godsdienst is de vuilnisbelt op. Christus naar het vlees, het Kind, dat denken is er niet meer. We kennen nu de Opgestane als ons Leven. Dat is het pure, reine water. Dat verdien je niet door Jezus na te doen. Dat is gratis
Jesaja 55:1 O, alle dorstigen, komt tot de wateren, en jij die geen geld hebt, komt, koopt en eet; ja komt, koopt zonder geld en zonder prijs wijn en melk.
Alles genade en genade alleen. Dat is goed nieuws!

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende