U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Bah, Flauwekul!

Zo, dat is nog eens een lekker binnenkomertje, zo rond de feestdagen: ‘Bah, flauwekul!’.

Deze kreet is met name beroemd geworden dankzij dat beruchte personage in de kerstklassieker ‘A Christmas Carol’ van Charles Dickens, de heer Ebenezer Scrooge. Een onprettige, negatieve, cynische zakenman, die geheel in beslag werd genomen door zijn begeerte naar steeds meer geld. Het was dan ook niet bepaald iemand die eens lekker in de kerstsfeer kwam. Bij voorbaat brandde hij al alles wat maar een zwijm van kerst had tot de grond toe af.

Heeft men jou wel eens een ‘Scrooge’ genoemd, zo rond de feestdagen? Nou, mij wel, en terecht! Eerlijk gezegd denk ik zelfs dat er behoorlijk veel ‘Scrooges’ rondlopen in het o zo brave Nederlands evangelisch landschap. Misschien is jouw vrouw ook wel genoodzaakt geweest om de rol van Marley op zich te nemen met de uitspraak: ‘Wees dit jaar nou eens alsjeblieft niet zo’n Scrooge!!!’

Ben je ook zo’n radicaal gelovige, die zodra er enige culturele tradities van onze westerse kerstviering de kop opsteken met zijn of haar priemend wijsvingertje klaarstaat om er het onbijbelse karakter van aan te tonen?

Jouw principes leren je dat je het plezier van dit feest als een goede gelovige echt hoort te ondergraven. O, wat een ongelukkige, pessimistische, negatieve fijnslijper van een Scrooge ben je dan toch!

Dan al dat cadeautjes geven, waar iedereen zich maar zo druk mee bezig houdt. Pure commercie! De bedrijven haken erop in met hun advertenties en je wordt van alles en nog wat aan gesmeerd. Je hoort die wat te geven en die wat en daar en daar. Je blijft maar aan het uitdelen. Er lijkt geen eind aan te komen. Dat kan toch wel wat minder? We hoeven die commercie toch niet zo achterna te lopen?

Scrooge let weer goed op de buidel en vergeet dat er Iemand was, die Zijn hemel heeft leeg gegeven, simpel enkel en alleen om ons aan Zijn Vaderhart te drukken.
Handelingen 20: 35 Het is zaliger te geven dan te ontvangen.

O, wat heb ik me verzet tegen die kerstboom!! Elke ketter heeft zijn letter en mijn letter om het hele gezin de wet op te leggen was een hele mooie uit de profetie.

Jeremia 10: 3-4 De handelwijze van de volken is nietigheid: want als een stuk hout heeft men het uit het woud gehakt, arbeid van werkmanshanden met de bijl, met zilver en goud siert men het op, met spijkers en hamers maakt men het vast, zodat het niet waggelt.

Kan je nog een mooiere omschrijving (die trouwens totaal niet deugt) bedenken om de feestvreugde van al je gezinsleden met je wettische geest te vergallen? Je haalt zo’n uitspraak uit zijn verband (Het gaat hier over afgodendienst) en je kan het zo in je eigen straatje inpassen. Heeft God dan geen hekel aan het gebruik van bomen om feest te vieren? Wat dacht je van het Loofhuttenfeest? Dat kost aardig wat bomen. God heeft gewoon geen hekel aan feest!
Exodus 5:1 Zo zegt Yahweh, de God van Israel: laat mijn volk gaan om tot Mijn eer in de woestijn een feest te vieren.
Exodus 10:9 Wij hebben een feest van Yahweh.
Exodus 12:14 Vier het als een feest voor Yahweh;
Exodus 32:5 Morgen is er een feest voor Yahweh!
Leviticus 23:39 Zeven dagen zullen jullie het feest van Yahweh vieren;
Lukas 15:24 Zij begonnen feest te vieren.

We vieren dat Jezus kwam om ons aan het hart van Vader te drukken. Het laatste feest uit Lukas 15 werd gevierd omdat Vader de jongste zoon aan zijn hart drukte.

Die oudste zoon was een echte feestvergaller. Die had al zijn wettische argumenten al klaarliggen om niet mee feest te vieren. ‘Wees nou eens geen oudste zoon!!! Wees nou een geen Scrooge!!!’

Maar Kerst heeft toch helemaal geen Bijbelse grondslag? De oorsprong van Kerst zit toch in het heidense Midwinterfeest? Jazeker. En dus???
Colosse 2: 16-17 Laat dan niemand je blijven oordelen inzake eten en drinken of op het stuk van een feestdag, nieuwe maan of sabbat, dingen, die slechts een schaduw zijn van hetgeen komen moest, terwijl Christus het lichaam is.

Feitelijk heeft geen enkel uiterlijk kenmerk enige geestelijke inhoud. Zelfs ons onderling samenkomen op zondag heeft geen enkele Bijbelse grondslag. Wanneer we daar net zo wettisch mee om zouden gaan, dan zouden we die zondagse samenkomst ten strengste moeten afwijzen. Maar dan ben jij die persoon die oordeelt inzake een bepaalde zondag. Bovendien zit je met die instelling, als je er echt consequent mee doorgaat, binnen no time op een eilandje alleen op jezelf. Wanneer je zo’n stuk van een feestdag pakt (Bijvoorbeeld Kerst) en daar het stempel ‘VERKEERD’ op drukt, dan ben jij die persoon die de ander oordeelt. ‘Wees dit jaar nou toch eens niet zo’n Scrooge!!’

Op dit tijdstip van het jaar keert telkens het bekende refrein terug ‘Plaats Christus terug in de Kerst’. Een grotere ontkenning van je praktische eenwording met Christus bestaat er feitelijk niet.
Galaten 2: 20 Met Christus ben ik gekruisigd, en toch leef ik, dat is, niet meer mijn ik, maar Christus leeft in mij.
Overal waar jij komt, daar is Christus. Als jij feest viert, dan is Christus in dat feest. Een uiterlijke aanpassing van Kerst, waardoor er meer ‘Christus’ facetten in zouden zitten, dat maakt het feest voor een ongelovige niet christelijker en voor jou verandert het wezenlijk ook niks. Het is uitsluitend een overwaardering van uiterlijkheid.

Geniet van het leven! Geniet van het leven van Christus in jou! Geniet van Kerst! Geniet van Gods genade in jouw leven! Geen wet, maar genade! Wees dit jaar nou eens niet zo’n Scrooge!

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende