U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Vader God, Het Centrum Van Het Feest

Lukas 15: 27 Je vader heeft het gemeste kalf laten slachten, omdat hij hem gezond en wel terug heeft.
“Gezond en wel”.
Het blijft als een soort echo in de kop van de oudste broer doordreunen: ‘Gezond en wel’. O, het ene moment heeft hij de neiging om in de lach te schieten: ‘Gezond en wel’. Het andere moment kan die alles wel kort en klein slaan: ‘Gezond en wel’.

‘Jazeker, die jongste broer van hem gezond en wel. Maak dat de kat wijs! Die jongen die al het geld erdoor gejaagd heeft, gezond en wel. Jazeker, dan wordt mijn overgrootmoeder de opvolger van Mark Rutte! Die jongen is aan het rollebollen geweest en dan gezond en wel? Kom nou even!’
De oudste broer is bij die woorden helemaal door het lint. ‘Gezond en wel’.

Wij hebben in het Nederlands de neiging bij deze woorden alleen aan een lichamelijk welzijn te denken. Dat, naast hygiëne, zit er ook zeker in. Maar het Griekse woord dat hier gebruikt wordt heeft een veel grotere reikwijdte. Het Griekse woord ‘hugiaino’ wijst behalve de lichamelijke hygiëne en welzijn op een nog veel dieper liggende zaak. Het wijst op zijn denken dat helemaal vrij is van ook maar een greintje dwaling.

Vader verklaart hier als het ware dat deze jongste zoon, die zonder het ook maar enigszins verdiend te hebben toch weer in de volle eer van het zoonschap hersteld is, dat er zelfs geen vlekje ongerechtigheid of onjuiste interpretatie van Vaders boodschap aan hem kleeft.
1 Timotheus 1:10 Al wat verder ingaat tegen de gezonde leer,
1 Timotheus 6:3 De
gezonde woorden van onze Here Jezus Christus,
2 Timotheus 1:13 De
gezonde woorden, die jullie van mij gehoord hebben,
2 Timotheus 4:3 De mensen verdragen de
gezonde leer niet meer,
Titus 1:9 In staat zijn om te vermanen op grond van de
gezonde leer.
Titus 1:13 Weerleg hen kortweg, opdat zij
gezond mogen zijn in het geloof,
Titus 2:1 Kom uit voor dat wat met de
gezonde leer overeen komt.
Titus 2:2 Oude mannen …,
gezond in het geloof,

Ditzelfde Griekse woord werd in de Griekse vertaling van het Oude Testament (de Septuagint) ook gebruikt om vrede weer te geven. Vader wijst hier de oudste zoon er dus op dat er volkomen vrede is tussen de jongste zoon en Hem. Hier is dus niet slechts sprake van een lichamelijk welzijn van de zoon. Het wil ook niet alleen maar zeggen dat de jongste zoon de woorden van Vader in zijn zuiverste vorm begrepen heeft, namelijk dat deze God gekenmerkt wordt door liefde en genade. Vader verklaart hier de vrede tussen de jongste zoon en Hemzelf. Er is volkomen verzoening bewerkt door Vader.

Kijk, dat is wat Vader doet! Niet wat de Farizeeën en schriftgeleerden verwachten. Niet wat de oudste zoon wellicht verwachtte. Vader zet de jongste zoon, die het zo verknald had, niet ergens weg in een hoek om nog eens goed na te denken over het verachtelijke leven dat hij geleid heeft. Vader gaf hem geen opdracht waarmee hij eventueel weer iets van het vertrouwen van Vader kon terugwinnen. Dat zou binnen het verwachtingspatroon van de godsdienstige elite en die oudste zoon hebben gelegen. Nee, Vader verklaart met deze woorden ‘gezond en wel’ de volkomen vrede tussen Hem en zijn zoon. En dus knarst die oudste zoon zijn tanden.

Net als die hoeren en tollenaars, net als die verloren zoon, zo hebben wij het verknald bij Vader.
Romeinen 5:10 Toen wij vijanden waren, zijn we met God verzoend door de dood van Zijn Zoon.
Verzoend, niet door onze inspanning. Onze inspanning was vijandschap. Vader heeft ons met Zich verzoend toen wij nog tegen Hem tekeer gingen. Niks mooie werken van ons. Dat zijn nou de gezonde woorden. We hebben nu vrede bij God, zo gezond en wel zijn we nu! Wow! Reden voor een feestje!

De reactie van deze oudste zoon is zo vanzelfsprekend! De reactie van de wettische godsdienstige leiders van het volk was ook zo vanzelfsprekend. Die broer van hem had al een groot deel van het familiebezit erdoor gejaagd. En nu komt hij terug en opnieuw wordt familiebezit opgesoupeerd. Een gigantisch feest dat zijn weerga niet kent. En nu gaat dat allemaal van zijn deel van de erfenis af, het deel van de eerstgeborene. Wat een ellende voor die eerstgeborene!

Die idioot van een Vader smijt zijn erfdeel over de balk. Alles wat hem toekwam, wordt nu zomaar aangewend om die lapzwans in het zonnetje te zetten. Deze oudste zoon ziet niet dat in dit feest nou juist alle eer naar de Vader gaat. De godsdienstige leiders van het volk zagen niet dat Gods grootheid, genade en liefde verheerlijkt wordt in het onverdiend verzoenen van vijanden. Ze herkennen hun eigen God niet, omdat ze zelf een parodie van God geschapen hebben, een god die menselijke inspanning beloont, die toewijding bij de mens zoekt, die feitelijk nog gelooft in de eigen kracht van de mens.

Het feest hier is het feest ter ere van Gods liefde, van Gods overvloeiende rijkdommen van genade. In dit feest rondom die gevonden zoon vinden we de vreugde van het Vaderhart. Het is de hemelse vreugde die hier centraal staat. Dat plaatje ontgaat de wettische geest compleet. Dat plaatje heeft totaal geen plek in het wettisch denken. God kan en mag nooit zo zijn volgens de wettische godsdienst.

De Farizeeën en schriftgeleerden zijn de wettische denkers die de aanleiding waren voor deze gelijkenissen. De oudste zoon is daarom eigenlijk ook een centraal figuur in deze gelijkenis. De christelijke en evangelische godsdienst heeft zich met haar ethische regels die ze de wereld oplegt ook duidelijk als de officiële erfgenaam van deze oudste zoon/Farizeeën en schriftgeleerden opgeworpen.

De gevonden zoon is de favoriete gast in dit feest, maar de werkelijk centrale figuur van het feest, die alle eer ontvangt in dit feest is Vader God. De hele stad is uitgelopen om een Vader te vieren die genadig, barmhartig en liefdevol is in een verzoeningswerk van alle vijanden. Je proeft de vreugde van de hemel, zoals die hier vanaf spat. Begrijpelijk dat een wettisch denker, die voortdurend bezig is zijn plekje bij God waar te maken, hier niks mee kan.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende