U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Colosse 1: 5 (2e deel)

Colosse 1: 5 De verwachting …., die jullie tevoren gehoord hebben in het woord van de waarheid van het evangelie,
C/ Die verwachting hebben zij tevoren al over gehoord
D/ De plek waar ze het eerder al gehoord hadden
In de vorige studie waren we stevig ingegaan op de eerste twee punten in deze tekst. Nu zijn C & D aan de beurt.

C/ Colosse 1: 5 De verwachting …., die jullie tevoren gehoord hebben
Die verwachting, daar hadden zij tevoren al over gehoord. Het gaat hier concreet om het horen van een boodschap en niet over het lezen ervan o.i.d. Er is dus iemand, die hen onderwezen heeft over deze hoop/verwachting, waardoor zij erover gehoord kunnen hebben. Voordat Paulus hen ook maar een brief geschreven had wisten zij dus al iets over deze verwachting. Vandaar dat het van tevoren oftewel eerder gebeurd was. Heel simpel is in deze brief te lezen wie hen dit onderwijs al eerder gebracht heeft.
Colosse 1: 7 Zo hebben jullie het geleerd van Epafras,

Het Griekse woord dat hier met het “tevoren horen” vertaald is, dat is slechts een eenmalig voorkomend woord in het Nieuwe Testament. Daar kunnen we dus niet verder op inzoomen. Het Griekse woord voor “horen”, waar het van afgeleid is, toont echter weer overduidelijk aan hoe het concrete horen van de boodschap puur een zaak van genade is, waardoor we niet alleen de woorden horen maar ook de boodschap.

Als je de woorden hoort wil dat nog niet zeggen dat je de boodschap ook daadwerkelijk hoort.
Mattheüs 11:15 Wie oren heeft om te horen, laat die dan ook horen.
Mattheüs 13:9 Wie oren heeft om te horen, laat die dan ook horen!

Waar ligt het dan aan of iemand de boodschap ook echt hoort of dat men het nou juist helemaal niet hoort terwijl men wel de woorden hoort?
Mattheüs 13:13 Ik spreek tot hen in gelijkenissen, met het doel dat zij horende niet horen, en niet verstaan.
Mattheüs 13:14 Met het gehoor zullen jullie horen en het totaal niet verstaan;
Mattheüs 13:16 Jullie oren zijn gelukkig omdat zij horen;
Het is Christus zelf, die de oren wel of niet opent.

Romeinen 10:17 Het geloof is uit het gehoor, en het gehoor loopt dwars door het woord van God.
Deze mensen in Colosse hadden de boodschap eerder reeds gehoord van Epafras, die hen het woord van God bracht. God had hun oren geopend zodat ze niet alleen woorden hebben gehoord, maar dat de boodschap zelf ook concreet tot hen is doorgedrongen. Nu bouwt Paulus daar verder op door met zijn uitleg over de hoop/verwachting.

D/ Colosse 1: 5 Tevoren gehoord in het woord van de waarheid van het evangelie,
We bekijken nu de plek waar ze die boodschap reeds eerder gehoord hadden. Eigenlijk denk ik dat het de vraag is in Wie ze die boodschap reeds eerder gehoord hadden. Maar laten we het voorlopig even op die plek houden. Die plek is rustend in het woord van de waarheid van het evangelie, oftewel het blijde nieuws. Als ik dit vergelijk met andere uitspraken van Paulus, dan heb ik de neiging om dit als één totale uitdrukking te lezen, waarin zij die heerlijke boodschap van Gods genade tevoren gehoord hebben, namelijk: “Het woord van de waarheid van het blijde nieuws”.

Paulus wijst telkens op het evangelie, op Gods blijde nieuwsbericht, als het woord dat de waarheid is.
Galaten 2:5 De waarheid van het evangelie.
Galaten 2:14 de waarheid van het evangelie,
Efeziërs 1:13 Het woord van de waarheid, het evangelie van jullie redding,
Het werkt zo dat zodra het woord van de waarheid gehoord wordt ook de genade van God in diezelfde waarheid door ons als gelovigen van boven gekend wordt.
Colosse 1: 6 Van de dag af dat jullie het hebben gehoord en de genade van God in waarheid van boven gekend hebt.
Alles ligt ingebed in Gods waarheid!

Je ziet het! We hebben met het hierop volgende vers ook weer een prachtige tentoonspreiding van Gods overvloeiende rijkdommen van genade in waarheid te onderzoeken. Nu gaan we hier in deze studie nog even door op dat woord van de waarheid, wat het blijde nieuwsbericht (het evangelie) is. Dat is namelijk zo´n heerlijke boodschap van genade!

Waar spreekt Paulus naast deze tekst in Colosse 1: 5 en Efeze 1: 13 dat we dus al bekeken hebben, nog verder letterlijk over dat woord van de waarheid?
2 Corinthiërs 6:7 In het woord van de waarheid, in de kracht van God,
2 Timotheüs 2:15 Een arbeider die zich niet hoeft te schamen, die het woord van de waarheid recht snijdt.

In 2 Corinthe 6 gaat het over de enorme weerstand, die Paulus ondervond, de strijd, de zware wegen, die hij te gaan had. Te midden van al die ellende somt Paulus dan ook opeens het woord van de waarheid op zomaar in combinatie met de kracht van God midden in die beproeving. Ik heb het idee dat we hier al een tipje van de sluier opgetild krijgen Wie hij hier verstaat onder dat woord van de waarheid. In Efeze 1, zowel als in Colosse 1 (onze uitgangstekst), loopt het woord van de waarheid gewoon parallel aan het blijde nieuws van onze redding. De uitdrukking “Het woord van de waarheid” in de Timotheus lijkt daar plotseling haaks op te staan.

2 Timotheüs 2:15 Een arbeider die zich niet hoeft te schamen, die het woord van de waarheid recht snijdt.
Betekent deze uitspraak van Paulus aan Timotheus nou dat we de Schriften in juiste onderdelen moeten opsplitsen, oftewel recht snijden? Zo heb ikzelf deze tekst al die jaren tot nu toe opgevat. De belangrijkste reden was eigenlijk dat ikzelf heel verschillende adresseringen in de Schriften aantrof. Dit zou dan nog eens een extra aanmoediging van Paulus zijn om daarin verder te denken. Maar bedoelde Paulus met “Het woord van de waarheid” dan ook letterlijk de Schriften? Waarom schreef hij dat dan niet in plaats van een uitdrukking te hanteren die toch iets anders lijkt te zeggen?

Ik had in mijn inleiding tot de studie van deze brief al aangegeven dat ik in deze studie mijn vragen niet uit de weg zou gaan. Deze tekst in 2 Timotheus is in de reeks teksten met “Het Woord Van De Waarheid” daarin zo´n voorbeeld. Voorlopig ben ik hier niet meer uit. Toen ik het puur als een uitspraak over de Schriften uitlegde leek alles te passen, maar die mogelijkheid lijkt bij verdere studie door het ijs te zakken. Hier blijft dus alleen mijn vraag over. Ik houd me dan ook aanbevolen als anderen dezelfde botsing opliepen en er uit zijn gekomen.

Tot nu toe liep het woord van de waarheid parallel aan het blijde nieuws van onze redding. Dat is niet heel de Schrift. Door het woord der waarheid te leren kennen hebben we de genade van God in waarheid van boven leren kennen. Dat is toen we tot geloof kwamen doordat God onze oren voor die boodschap heeft geopend. Dan ook nog eens die vertroosting, die Paulus vond te midden van alle weerstand en moeiten in dat woord van de waarheid. Ik heb de neiging om aan Hem te denken, die onze redding is, aan Hem, die het levende Woord van God is, aan Hem, die de waarheid in levende lijve is: Het woord van de waarheid in de kracht van God. (Even tussen haakjes: We zijn er zo aan gewend geraakt om de Bijbel het woord van God te noemen dat we niet opmerken dat de Schriften zelf uitsluitend over de Zoon van God spreken als het woord van God).

1 Corinthiërs 15:1-4 Het evangelie:…… ik heb jullie in de eerste plaats overgegeven wat ik ook ontvangen heb: dat Christus voor onze zonden gestorven is, naar de Schriften; en dat hij is begraven, en dat hij op de derde dag is opgewekt, naar de Schriften;
Johannes 14:6 Jezus zei: Ik ben de Weg, de Waarheid, en het Leven.
Toen ik Hem echt heb leren kennen, toen heb ik van bovenaf de genade van God in waarheid leren kennen. Wat een heerlijke rijkdom van genade!

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende