U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

Gods liefde stelt geen kwaad vast (1e deel)

NBG vertaling: 1 Corinthe 13: 5 De liefde rekent het kwade niet toe.
Staten vertaling: 1 Corinthe 13: 5 De liefde denkt geen kwaad.
Heel letterlijk: De liefde stelt het kwaad niet vast.

Het werkwoord “rekenen” is hier een weergave van het Griekse werkwoord “logizomai”. Ons Nederlandse woordje “logisch” hoor je er eigenlijk al direct in terug. Volkomen terecht. Het gaat hier ook om een logische feitenwaarneming. Het Griekse “Logos” is dan ook nog eens het basiswoord. Dat is in ons Nederlands “Het Woord”. Dus wat vanaf het begin bij God was. Simpelweg is het dus een woordelijk, letterlijk vaststellen van een feit.

Voorbeeld: Stap ik een kamer binnen, waar ik in het midden van de kamer feitelijk een tafel waarneem, dan houd ik daar in mijn handel en wandel in die kamer rekening mee. Ik reken ermee dat die tafel er staat. Ik ga dus niet dwars door die ruimte van die tafel heen lopen. Dat is dit “rekenen”. Het is het vaststellen van een feit.

Nog een voorbeeld: Pak ik mijn portemonnee van de tafel en ik constateer dat er maar een tientje inzit. Dan loop ik daar niet een restaurant mee in om een maaltijd van het vijfvoudige van wat ik in mijn portemonnee heb aangetroffen te gaan verorberen. Ik reken namelijk met dat tientje en niet meer. Het is opnieuw het nuchtere vaststellen van een feit.

Enkele voorbeelden uit Bijbelteksten:
Markus 15:28 Hij (Jezus) is onder de misdadigers gerekend.
De geestelijke leiders deden dus niet “alsof” Jezus ergens tussen de misdadigers was. Nee, voor hen hoorde Hij onder de misdadigers. Hij was voor hen één van die misdadigers. Daar hadden ze Hem concreet geplaatst en nu rekenden ze daarmee. De concrete plaats van Jezus voor hen was: Onder de misdadigers. De vaststelling van een concreet feit.

Hier is dan ook geen sprake van een boekhoudkundige berekening. Het was niet zo dat men keek naar Zijn verdiensten en na berekening zou Hij dan onder de misdadigers moeten uitkomen. Zo´n berekening zat ook totaal niet in die woorden.
Het feit was: Christus was onder de misdadigers in Zijn dood en dat feit stelde men als zodanig vast.

Een tweede voorbeeld uit de Bijbel:
Romeinen 2:3 Jij mens, die anderen oordeelt die zulke dingen doen, en precies hetzelfde doet, denk je nou werkelijk, dat jij aan het oordeel van God kan ontkomen?
Hier is dit “logizomai” vertaald met “denken”. Ook hier draait het niet om een fictieve voorstelling van zaken en ook zeker niet om een boekhoudkundige berekening. Dat zou een belachelijke berekening zijn met dezelfde actuele feiten, waar je een ander om veroordeelt om die feiten dan in zo´n berekening op een complimentje voor jou te laten uitkomen.
Zo idioot zijn zulke vrome veroordelaars nou ook weer niet. Nee, Paulus wijst hen er juist op dat ze niet op de juiste feiten letten. De juiste vaststelling van het feit is dat ze dezelfde dingen doen dan die mensen die ze veroordelen. Door de feiten verkeerd vast te stellen hebben ze een verkeerd verwachtingspatroon.
Het “denken” hier en het “rekenen” in die andere teksten is dus een duidelijk voorbeeld van het vaststellen van een concreet feit.

Nog één Bijbels voorbeeld van zo´n vaststelling van een concreet feit:
Romeinen 3:28 Wij stellen dus vast, dat de mens gerechtvaardigd wordt door geloof, zonder werken van de wet.
Ja hoor, weer is “logizomai” anders vertaald. Maar nu dus met “vaststellen”. Daar hebben we onze prachtige weergave van de wezenlijke betekenis van dit Griekse woord. Het draait om het vaststellen van een concreet feit. Dat is wat “logizomai” doorlopend wil zeggen.

1 Corinthe 13: 5 De liefde rekent het kwaad niet.
Gods liefde stelt hier geen kwaad vast. Zo kijkt Gods liefde naar jou en mij. Hij ziet jou. Hij kent je door en door. Wat stelt Gods liefde vast? Geen enkel kwaad! Waar rekent Gods liefde in Zijn omgang met jou dus mee? Geen enkel kwaad! Dat is geen onkunde. Dat is de logische feitenkennis van de liefde van God en dat is dan ook de vanzelfsprekende werkelijkheid waar de liefde van God mee rekent. God kijkt naar jou en Hij verklaart: Er is geen enkel kwaad in jou! Wat ziet God dan? Hoe kan God zo voorbij zien aan jouw en mijn falen? De liefde, die bewezen is in Zijn Zoon Christus Jezus, waardoor God jou en mij nu in Zijn geliefde Zoon ziet. Is dat fictie? Nee, want jij en ik zijn volkomen één gemaakt met Christus in zijn sterven, dood en opstanding. Is dat niet heerlijk? En besef: Wat God bij jou en mij vaststelt, dat is de werkelijkheid:
GEEN ENKEL KWAAD!!!

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende