U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan 2

10. Redding uit genade en een voldongen feit
2 Timotheus 1:9 God heeft ons gered en geroepen met een heilige roeping, …, in overeenstemming met Zijn eigen vooraf plaatsing en de genade, die ons in Christus Jezus gegeven is voor de tijden van de aionen,
Titus 3:5 God heeft, …, ons in overeenstemming met Zijn ontferming
gered,

Deze twee teksten tussen de honderden andere teksten over redding binnen het Nieuwe Verbond wijst op de onvoorwaardelijke, absoluut zekere grondslag van Christus reddingswerk. Ook dat geldt zeker en vast voor het Nieuwe Verbond.

Hoewel Paulus Timotheus in zijn tweede brief direct wijst op de voldongen redding, die reeds een feit is, werkt Paulus verderop in zijn brief de toekomstige redding verder uit.
2 Timotheus 2:10 Ik wil alles verdragen, om de uitverkorenen, opdat ook zij de redding in Christus Jezus verkrijgen met de heerlijkheid van de aioon.
2 Timotheus 3:15 Jij kent van kindsbeen af de heilige schriften, die jou wijs kunnen maken tot in
redding door het geloof in Christus Jezus.
2 Timotheus 4:18 De Here zal mij beveiligen tegen alle boos opzet en
gered in Zijn hemels Koninkrijk brengen.

Bij Titus handelt Paulus idem dito.
Titus 2:13 We verwachten de zalige hoop en de verschijning van de heerlijkheid van onze grote God en
Redder, Christus Jezus,

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina