U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

1 Timotheus 1: 12 – 14 Ik breng dank aan Hem, die mij kracht gegeven heeft, Christus Jezus, onze Here, dat Hij mij getrouw geacht heeft, daar Hij mij in de bediening gesteld heeft, hoewel ik vroeger een godslasteraar en een vervolger en een geweldenaar was. Maar mij is ontferming bewezen, omdat ik het in mijn onwetendheid, uit ongeloof, gedaan heb, en zeer overvloedig is de genade van onze Here geweest, met het geloof en de liefde in Christus Jezus.

Een beroerde dag’, zeg ik om 12.00 uur deze middag op zaterdag 31 mei 2008.
Ondanks nieuwe inkjets krijg ik al dagen de printer niet aan de praat. Het transporteren van mijn nieuwe webpagina’s liep de soep in vanmorgen omdat de server het blijkbaar niet aankon. Voor morgen staat regen op het weerbericht, waar we voor onze planning toch wel mooi weer nodig hebben. Je kent het wel: zo’n gebruikelijke dag.

Nu kreeg ik vanmorgen in mijn e-mail mijn dagelijks portie vijf minuten overdenking toegestuurd en daar stond weer dit Bijbelgedeelte centraal. Gek genoeg krijg ik dit Bijbelgedeelte nu al elke dag minstens één keer per dag op de één of andere manier voor mijn aandacht.

Nou ben ik niet iemand die direct overal leiding van de Heer in ziet. Maar ik ben wel erg blij met deze dagelijkse portie opkikker. En ook dat is genade. Ja, blijdschap is feitelijk het product van een volheid van genade. Dus dat is al het vierde woordje dat met genade uitstaande heeft.

De drie andere woorden staan in het Bijbelgedeelte zelf. Paulus begint met dank brengen aan Christus Jezus. Letterlijk vertaald zou je lezen: ‘Ik houd genade vast’. Kijk, vanmorgen was het ook zo dat alles zodanig verliep dat mijn emoties daar makkelijk mee op de loop konden gaan. Toch was het eindresultaat blijdschap. Ik liep als het ware weer vol met genade simpel door mijn e-mail te openen en bovenstaand Bijbelgedeelte te lezen. Het gevolg is dat je gaat danken.

De Engelsen zeggen: ‘Let’s say grace’ als ze gaan danken. Je wordt zo met genade geconfronteerd, dat je dat in woorden met de Heer gaat delen. Dat is danken. Een verplicht riedeltje afdraaien heeft daar eigenlijk niets mee te maken. Vanmorgen werd ik zomaar spontaan geconfronteerd met dit ‘genade uitspreken’.

De oorzaak van deze dankzegging was bij Paulus omdat hem ontferming was bewezen. Dat is zonder meer een iets ander woord in het Grieks, maar wel met een parallel lopende strekking. Waarom heeft God Paulus nou ontferming bewezen? Nou moet je echt eens goed opletten. Dit is toch wel zo te gek! Paulus noemt twee redenen op waarom God hem ontferming heeft bewezen.

Wil je Gods genade leren kennen? Wil je graag dat God jou ontferming bewijst? Meestal krijg je dan in de eerste plaats te horen dat je kennis van zaken moet hebben en bovendien moet je het dan wel geloven. Moet je eens kijken welke twee redenen Paulus opnoemt waarom God hem ontferming heeft bewezen. De eerste reden is zijn onwetendheid en de tweede is zijn ongeloof.

Wow! God vindt redenen in Zichzelf om ons ontferming te bewijzen. Hij wacht daar niet mee totdat wij eindelijk genoeg inzicht hebben. Ons ongeloof kan Zijn ontferming niet in de weg zitten. God bewijst ons Zijn ontferming juist vanwege onze onwetendheid en ons ongeloof. Had Hij daar wel op moeten wachten, dan was het nooit wat geworden.

Dan kom je nu bij de uiteindelijke bron. Dat is de genade van onze Heer, die zeer overvloedig is. Het is niet zomaar genade, het is overvloedige genade. Het is zelfs nog meer dan overvloedige genade. Het is een zeer overvloedige genade.

De ochtend liep gigantisch tegen. Genoeg reden om het niet meer te zien zitten. Zo’n mailtje die je weer even laat proeven van die onverdiende genade laat je weer helemaal vollopen. Volheid van genade is blijdschap en dan kan je niet anders dan danken. Wat een dag!

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende