U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Jonge vrouw:
Toen ik mijn leven aan de Heer had gegeven was ik een stripteasedanseres. Ik nam toen de beslissing om mijn leven volledig om te gooien. Ik had toen nog geen enkel idee waar ik naar de kerk zou gaan, wat ik zou gaan doen, hoe ik me zou kleden.
Op een dag zat ik in een restaurant toen er daar een meisje rondliep. Ze was één van een groep die iedereen vertelde over hun kerk. Ik was enorm enthousiast. Ik dacht: ‘Dit is het helemaal! Zij kunnen me vertellen waar ik naartoe kan. Misschien willen zij mijn vrienden wel zijn.’
In plaats van me die weg te wijzen bekeken ze me eventjes, gaven me een vuile blik en lieten me verder links liggen.

Jonge man:
Ik zat in de vierde klas toen mijn ouders me op een avond apart namen om me te vertellen dat ze gingen scheiden. Ik kan me nog goed herinneren dat ik daardoor enorm van de kaart was. Daar kwam nog overheen dat toen we die komende zondagen naar de kerk gingen ik ervoer hoe we nu anders bekeken werden. Het voelde alsof we daar nu helemaal niet meer thuis hoorden, alsof met vette letters het woordje ‘gescheiden’ op onze borst geschreven stond.
Ik kreeg hierdoor het gevoel dat er iets behoorlijk mis met mij moest zijn.

Andere jonge man:
Ik kwam tot geloof toen ik nog op school zat. Ik besloot dat ik naar de Bijbelschool zou gaan zodat ik wat antwoorden op al mijn vragen over God, de Bijbel en hoe je dat praktisch gestalte kan geven, zou krijgen.
In het laatste jaar, toen ik het gevoel had dat ik eindelijk echt wat antwoorden op al mijn vragen kreeg, kreeg ik ook het gevoel buiten de groep geplaatst te worden. Dat ging zo ver dat de directeur me uit één van de lessen wegriep en me duidelijk maakte dat als ik zo door bleef gaan met vragen stellen, ik dus nog steeds niks van het hele geloof begreep en ook niet hoef te verwachten het ooit te krijgen.

Weer een jonge vrouw:
Twintig jaar lang ben ik in de kerk opgegroeid. Toen ik naar de middelbare school ging heb ik wat fouten gemaakt, waardoor ik ongetrouwd zwanger raakte. Ik wist dat daar problemen van zouden komen. Ik wist dat er geroddeld zou worden. Ik had echter nooit verwacht dat de voorganger van de kerk me zou opbellen met de vraag om mijn lidmaatschap op te zeggen.

Weer een andere jonge man:
Voor de eerste keer in mijn leven kwam ik eindelijk weer echt terug bij God. Ik wilde proberen mijn relatie met God te herstellen. Mijn leven was echt een zootje. Ik zat midden in een echtscheiding. Ik had enorme schulden. Ik had geen vrienden.
Ik besloot toen een brief te schrijven aan een oud schoolvriend, die ik nog van de middelbare school kende. Zij was een behoorlijk sterk christen en ik dacht dat we wellicht een vriendschap op konden bouwen. Ik stuurde die brief en een paar weken laten ontving ik een pakketje bij de post. Ik opende het en het was geen brief. Het enige dat erin zat was een folder over de vraag waarom scheiding zonde is.

Iets oudere man:
Ik heb mijn hele leven geworsteld met het seksueel aangetrokken worden tot hetzelfde geslacht. Aangezien ik christen was, christelijk opgevoed ben, naar een christelijke school ben geweest, had ik moeiten om daarmee om te gaan.
Ik ben naar mijn voorganger gegaan omdat ik dit een wezenlijk probleem vond. In plaats van dat ik geestelijke leiding van die man ontving, kreeg ik te maken met regelrechte haat. Ik werd veroordeeld en hij vroeg me om de kerk definitief te verlaten.

Iets oudere vrouw:
Er kwam een moment dat het in mijn huwelijk echt ellendig werd. Ik besloot om de mensen van de kerk te vertrouwen en hen te vertellen wat er allemaal in onze relatie plaatsvond. Ik had verwacht dat ze zouden proberen om enig begrip te tonen. Ik had verwacht enige hulp van hen te krijgen en dat ze ons, gebroken als dat we waren, zouden accepteren.
In plaats daarvan veroordeelden ze ons. Het oordeel lag klaar en ze gaven ons beiden de schuld: Het was duidelijk niet in orde om niet in orde te zijn.

Oudere man:
Toen ik vijf jaar was ging ik naar de zondagschool. Ik zag daar een beeldje van Jezus. Ik wist dat mijn oma daarvan hield. Daarom nam ik het beeldje mee uit de kerk om het aan mijn oma te geven.
Toen ik de volgende zondag met mijn ouders naar de kerk ging nam de predikant me apart en zei dat ik naar de hel zou gaan vanwege deze diefstal. Ik schrok daar enorm van en het beangstigde me.
Ik vroeg aan mijn moeder of ik nog steeds naar de kerk moest gaan. Ze zei dat het niet nodig was als ik het niet meer wilde. Ik ben daardoor 31 jaar bij de kerk weggebleven. Die hele 31 jaren ben ik aardig door een hel heengegaan.

Verworpen
Het gaf me het gevoel verworpen te zijn.
Verpletterd
Ik was volkomen verpletterd.
Gemeden
Wat heeft wie dan ook hier aan?
Gepijnigd
God vergaf me. De kerk kon het niet.
Buiten Geworpen
Ik had zo graag gehad dat ze me als een broeder behandeld hadden in plaats van een stuk oud vuil.
Niet Geliefd
We mogen voorbeelden zijn. We hebben de mensen niet te vertellen wat ze zouden moeten doen of laten. Laat maar zien wat we doen.
Geoordeeld

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina