U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Persoonlijke Toepassing Vol Doffe Ellende!

Galaten 2: 19 Ik ben door de wet voor de wet gestorven om voor God te leven.
Wil je naar de grondtekst van dit gedeelte click dan hier

Deze uitspraak in Galaten en haar parallelhoofdstuk in Romeinen heeft twee adresseringen:
1. Het Joodse volk Israel.
2. De persoonlijke toepassing voor ons.

Als we zowel onze uitgangstekst als Romeinen 7 strikt letterlijk nemen, dan komen we tot de conclusie dat de vrouw, die door de wet voor de wet is gestorven niets anders kan betekenen dan het gelovige volk Israel. Ik heb het dus niet over het volk dat voor het merendeel in ongeloof haar plek in het Midden Oosten inneemt. Er komt echter een Saulus/Paulus moment voor dit volk.
Zacharia 12:10 Ik zal over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem uitgieten de Geest van de genade en van de gebeden; zij zullen Hem aanschouwen, die zij doorstoken hebben,
Waar God de ogen opent wordt geloof als geschenk ontvangen.

Er is echter zeer beslist ook een heel persoonlijke toepassing. Niet omdat wij iets toepassen wat er letterlijk eigenlijk niet staat. Dat soort toepassingen hoor je helaas in overvloed binnen de christenheid. Begin je eenmaal daarmee dan is het eind van al de fantasierijke toepassingen helemaal zoek. Nee, we blijven bij wat er letterlijk staat.

De persoonlijke toepassing van onze uitgangstekst en Romeinen 7 is concreet omdat Paulus zelf heel persoonlijk in de ‘ik’vorm over al deze zaken schreef.
Galaten 2: 19 Ik ben door de wet gestorven..
Galaten 2: 19
Ik ben voor de wet gestorven.
Galaten 2: 19
Ik heb dit meegemaakt om voor God te leven.
Romeinen 7:
7 Ik heb de zonde leren kennen door de wet;
Romeinen 7:
7 Ik weet van de begeerlijkheid door de wet.
Romeinen 7:
8 Uitgaande van het gebod, wekte de zonde in mij allerlei begeerlijkheid op;
Romeinen 7:
9 Ik heb eertijds geleefd zonder wet;
Romeinen 7:
9 Toen het gebod kwam, begon de zonde te leven, maar ik begon te sterven,
Romeinen 7:
10 Het gebod bleek voor mij ten dode te zijn;
Romeinen 7:
11 De zonde heeft uitgaande van het gebod, mij misleid.
Romeinen 7: 11 De zonde heeft door middel van het gebod mij gedood.
Romeinen 7:
14 Ik ben vlees, verkocht onder de zonde.
Romeinen 7:
15 Ik weet niet wat ik uitwerk;
Romeinen 7:
15 Ik doe niet wat ik wens,
Romeinen 7:
15 Ik doe waar ik een afkeer van heb,
Romeinen 7:
15 Dat doe ik.
Romeinen 7:
16 Wat ik niet wens, doe ik toch,
Romeinen 7:
16 Daarmee stem ik toe, dat de wet goed is.
Romeinen 7:
17 Ik bewerk het dan niet meer,
Romeinen 7:
17 De zonde, die in mij woont, bewerkt het.
Romeinen 7:
18 Ik weet dat in mij geen goed woont.
Romeinen 7:
18 In mijn vlees woont geen goed.
Romeinen 7:
18 Het wensen is wel bij mij aanwezig,
Romeinen 7:
18 Het goede uitwerken, kan ik niet.
Romeinen 7:
19 Niet wat ik wens, het goede, doe ik,
Romeinen 7:
19 Wat ik niet wens, het kwade, dat doe ik.
Romeinen 7:
20 Ik doe datgene wat ik niet wens,
Romeinen 7:
20 Ik bewerk het dan niet meer,
Romeinen 7:
20 De zonde, die in mij woont, bewerkt het.
Romeinen 7:
21 Als ik het goede wens te doen, is het kwade bij mij aanwezig;
Romeinen 7:
22 Naar de inwendige mens verlustig ik mij in de wet van God,
Romeinen 7:
23 In mijn leden zie ik een andere wet,
Romeinen 7:
23 Een andere wet, die strijd voert tegen de wet van mijn verstand.
Romeinen 7:
23 Een andere wet, die mij tot krijgsgevangene maakt.
Romeinen 7:
23 De wet van de zonde, die in mijn leden is.
Romeinen 7:
24 Ik, ellendig mens!

Dit is toch wel een zeer beroerde opsomming van Paulus eigen ervaringen, aangezien alles in de eerste persoonsvorm beschreven is. Uit vers 22 blijkt overduidelijk dat hier wel degelijk een gelovig mens aan het woord is. Uitsluitend bij iemand die een nieuwe schepping in Christus is lezen we over de inwendige mens.
Romeinen 7: 22 Naar de inwendige mens verlustig ik mij in de wet van God,
2 Corinthe 4:16 Daarom verliezen wij de moed niet, maar al vervalt ook onze uiterlijke mens, nochtans wordt de innerlijke van dag tot dag vernieuwd.
Efeze 3:16 opdat Hij aan jullie zal geven, naar de rijkdom van Zijn heerlijkheid, met kracht gesterkt te worden door Zijn Geest in
de inwendige mens,

De ellendige situatie valt dus niet terug te voeren naar de onbekeerde staat. Nee, dit is een duffe ellende waar een gelovige in terecht komt als hij via de weg van een gebod, een regel, een taakstelling, een geestelijke prestatie-ijver zo goed mogelijk voor God probeert te leven.

Eerst genoot Paulus heerlijk van de vrijheid in Christus.
Romeinen 7: 9 Ik heb eertijds geleefd zonder wet;
Dat dit niet zijn leven van voor zijn bekering was, mag duidelijk zijn voor wie beseft welke ijver voor de wet een Farizeeër aan de dag legde. Paulus heeft deze vrijheid pas leren kennen op die weg naar Damascus.

Romeinen 7: 9-11 Toen echter het gebod kwam, begon de zonde te leven, maar ik begon te sterven, en het gebod dat ten leven moest leiden, bleek voor mij juist ten dode te zijn; want de zonde heeft uitgaande van het gebod, mij misleid en door middel daarvan gedood.
De ellende begon toen Paulus weer een wet ging toepassen in zijn leven. De ellende voor jou begint als je vergeet dat je in de vrijheid geplaatst bent in Christus.

Ook al heeft God ons nooit een wet geschonken. Ook al is alles echt volledig door God buiten werking gesteld voor ons, toch stap je in de diepste ellende als je ook maar één heel klein facetje oppikt, waarvan je denkt: ‘Dat is mijn verantwoordelijkheid!’
De wet wordt toegepast! De zonde glipt via de wet naar binnen! De zonde heerst dankzij die wet! Jouw geestelijk leven is naar de knoppen als gevolg van die wet! Zo persoonlijk en zo praktisch is dit hoofdstuk uit Romeinen en deze ene tekst uit Galaten!

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende