U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

In Zwaar Lijden Zorg Voor De Ander

In de vorige studie zagen we zowaar twee voorbeelden in één keer van het gebruik van dat kleine woordje ‘allen’. Daarin mochten we Paulus hart proeven en zijn sterk verlangen naar hen allen en zijn groot lijden voor hen allen. Dat alles om hen allen te doen delen in die radicale revolutionaire boodschap van overvloeiende genade van God.

We gaan nu naar het zesde voorbeeld.
Filippi 2: 25-26 Epafroditus ……. Hij was vol verlangen naar jullie allen en ook in zorg, omdat jullie gehoord hadden, dat hij ziek was.
Hier spreekt Paulus over de gezindheid van Epafroditus. Deze broeder was ziek, maar zijn zorg betreffende al deze gelovigen was stukken groter dan de last van de ziekte zelf. In zijn hoofd lag hij dus niet te tobben over de ontwikkelingen van zijn eigen ziekte.

Hier zien we een uitwerking van de onderlinge verbondenheid die genade werkt. We zijn één gemaakt met Christus en daardoor dus ook heel wezenlijk één geworden met elkaar. Waar genade werkt is die verbondenheid zelfs concreter dan eigen lichamelijk ongemak.

Epafroditus zag al die broeders en zusters in Filippi tobben over zijn ziekte. Zijn zorg was hun gerichtheid. Ze waren allemaal alleen maar bezig met zijn ziekte. Hun oog was niet meer alleen op de Heer gericht. Dat raakte hem zodanig dat er een intens verlangen naar hen allen en zorg voor hen allen bij hem groeide.

Laten we eerlijk zijn. Als wij ziek zijn, dan verdwijnt vaak de aandacht naar buiten toe. Zelfs de verbondenheid die we dan nog met enkele gelovigen voelden tot op dat moment neemt af, want je emoties en gedachten hebben genoeg aan je eigen ziekte. Je bent daar vol mee. Dat is heel menselijk. Maar de eenheid die genade bewerkt zorgt voor bovenmenselijk gedrag. Vanuit de verbondenheid met de Heer is daar die gerichtheid op elkaar. Die overvloeiende rijkdom van Gods genade werkte bij Epafroditus!

Begrijp me dus goed! Hier stel ik Epafroditus niet ten voorbeeld om na te doen. Het is niet zo dat deze dienstknechtgestalte van Epafroditus hier zo beschreven staat met het doel dat wij nu als gelovigen dit ook moeten gaan presteren. We weten allemaal dat dit onbegonnen werk is. Dat kunnen we niet eens. Het is echter het ten volle genieten van Gods overstromende volheid van genade, dat dit bewerkt door onze verbondenheid met een levende Heer en van daaruit met elkaar.

Iets soortgelijks heb ikzelf aan den lijve ondervonden bij mijn Tante Martha. Ik heb haar eigenlijk nooit gezond meegemaakt. Wanneer ik als kind in de vakantie in Groningen was, dan had ik behoorlijk veel contact met haar. Ons gesprek ging dan vrijwel nooit over haar ziek zijn. Ze lag dan wel in bed, maar ik had nauwelijks een idee wat er aan de hand was. Zij begon telkens over het geweldige van het leven met de Heer. Ik kende de Heer toen nog eigenlijk niet, maar de Heer heeft haar gebruikt om tot mijn hart te spreken en me te overweldigen met Zijn genade en liefde.

De zorg van mijn Tante was niet op haar ziekte gericht. Alle aandacht was op de levende Heer gericht en van daaruit was zij degene bij wie ik het meest open kon zijn, bij wie ik mijn hart kon luchten. Haar zorg was op mij gericht. O ja, ik heb een tijdlang gedacht: ‘Zo wil ik ook zijn!’ Ik behaalde nooit dat ideaal. Het lag ver buiten mijn mogelijkheden. Maar het ligt zo duidelijk binnen de mogelijkheden van de levende Heer! Hij kan het en met Zijn genade doet Hij het ook.

Is mijn verantwoordelijkheid nu dat ik zorg dat dit leven van dienstbaarheid voortdurend bij mij openbaar komt? Nee! Dan zou ik namelijk weer opnieuw mijn eigen reserves aanspreken. Die schieten nou juist tekort! Mijn verantwoordelijkheid is te genieten van de opgestane en verheerlijkte Heer in de hemel. Daar is mijn Leven. Vanuit Zijn overvloeiende rijkdom van genade zorgt Hij wel dat Zijn dienstbaarheid bij mij openbaar komt.

De les in deze studie over dit kleine woordje ‘allen’? Onze verbondenheid met de opgestane Heer is genade. Onze onderlinge eenheid is genade. Ons verlangen naar en zorg voor elkaar is tevens genade en genade alleen! Epafroditus kende dat en het spatte eraf in zijn leven!

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende