U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

IsraŽl - Uiterlijk // De Gemeente - Geestelijk

Colosse 2: 10 Jij hebt de volheid verkregen in Hem, die het hoofd is van alle overheid en macht.
Gelijk toen jij je vertrouwen op Christus stelde, ontving jij die hele volheid in Hem.

‘Nou ja, dat is dwaasheid’, zeg jij misschien wel omdat toen jij tot geloof kwam en ook bij andere bekeringen heb je helemaal niks uiterlijks zien plaatsvinden. Je verbindt die volheid dus blijkbaar direct aan uiterlijke, materiële zaken.

Ik moet zeggen dat toen ik pas de genade leerde kennen in zijn volheid, zoals ik hem nu ken (misschien heb ik er nog maar een fractie echt van begrepen), toen was ik nog wel eens van mijn stuk gebracht door zo’n reactie. De Bijbel leert echter dat je van een ongeestelijk mens niet anders kan verwachten (1 Corinthe 2: 14). Een ongeestelijk mens beoordeelt de zaken namelijk altijd naar het uiterlijk, nooit geestelijk.

Als iemand tot geloof komt gebeurt er ook niets uiterlijks. Als iemand echter werd ingelijfd bij Israël gebeurde er echter wel degelijk iets uiterlijks. Die persoon werd dan eerst besneden.

Dit gebeurde ook bij Abraham als een uiterlijk teken van Gods verbond met hem.
Genesis 17: 10 – 11 Dit is mijn verbond, dat jij zal houden tussen Mij en jou en je nageslacht: dat bij jou al wat mannelijk is besneden wordt; jij zal het vlees van je voorhuid laten besnijden, en dat zal tot een teken van het verbond zijn tussen Mij en jou.
Dat uiterlijk teken raakte in verval maar bij de roeping van Mozes werd opnieuw dit teken als uiterlijk teken ingesteld.
Exodus 4: 25 Toen nam Sippora een stenen mes, besneed de voorhuid van haar zoon,

In de rondwandeling van het volk door de woestijn raakte dit uiterlijk teken opnieuw in verval en pas nadat het volk samen met Jozua het land binnengetrokken was werd bij Gilgal dit uiterlijk teken opnieuw ingesteld.
Jozua 5: 2 – 3 Te dien tijde zei Yahweh tot Jozua: Maak je stenen messen en besnijd de Israëlieten opnieuw, ten tweeden male. Toen maakte Jozua zich stenen messen en hij besneed de Israëlieten op de Heuvel der voorhuiden.

Kennen wij nu een uiterlijk alternatief voor deze besnijdenis. Drogredenaars proberen ons hier inderdaad van te overtuigen. Paulus stelt echter helder en duidelijk dat tegenover die uiterlijke handeling van het volk Israël er nu een geestelijke handeling tegenover staat waar geen uiterlijke menshand aan te pas komt.
Colosse 2: 11 In Hem ben jij ook met een besnijdenis, die geen werk van mensenhanden is, besneden door het afleggen van het lichaam van het vlees, in de besnijdenis van Christus,

Geen werk van mensenhanden
Toen wij tot geloof kwamen is er iets met jou en mij gebeurd. Nee, onze haardracht is nog precies hetzelfde. Aan onze kleren is ook helemaal niets veranderd. Dat geamputeerde been is ook niet plotseling op onverklaarbare wijze weer aangegroeid. Er is echter wel degelijk heel concreet iets gebeurd. Er is namelijk iets gebeurd waardoor wij nu ‘die volheid in Hem verkregen hebben’ (Colosse 2: 10). We zijn namelijk ‘besneden met een besnijdenis die geen werk van mensenhanden is’ (Colosse 2: 11).

Nog maar eens heel concreet: Nee, dit is geen werk van mensenhanden! Het zou dus heel apart zijn als hier de waterdoop mee bedoeld werd. Probeer dat maar eens zonder mensenhanden voor elkaar te krijgen. De vraag is echter: Wat is deze besnijdenis die aan ons voltrokken is en waar heeft dat plaatsgevonden?

Het antwoord op die vraag laten we weer even liggen voor het volgende artikel.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende