U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Heerlijk Wandelen

Jij hebt in Christus de volheid ontvangen omdat je volkomen één met Hem gemaakt bent. Dat mag de basis voor jouw praktisch leven zijn. In geloof mogen we heel praktisch vanuit Zijn volheid leven. Dat is de echte werkelijkheid. Daar roept Paulus ons dan ook toe op.
Colosse 2: 6 Nu jij Christus Jezus, de Here, aanvaard hebt, wandel in Hem,

Valt het jou ook op dat Paulus hier niet zegt wat je zoveel hoort: ‘wandel met Hem’ of ‘wandel achter Hem aan’. De discipelen, tijdens de rondwandeling van Jezus op aarde, deden dat wel. Hoe hadden ze het in die tijd ook voor elkaar moeten krijgen om ‘in Hem’ te wandelen?

De vernederde Heer, waar zij uiterlijk mee verbonden waren als volgelingen, was in die tijd nog bij hen. Er was in het geheel nog geen sprake van een werkelijke eenwording. De eenwording die wij kennen is juist door de dood en de opstanding een werkelijkheid geworden. Die eenwording was in die tijd ook nog ‘een geheimenis’ totdat Paulus dit helder uiteenzette.
Colosse 1: 27 Hun heeft God willen bekendmaken, hoe rijk de heerlijkheid van dit geheimenis is onder de heidenen: Christus in u, de hoop der heerlijkheid.
Colosse 2: 2 – 3 opdat ….. zij het geheimenis Gods mogen kennen, Christus, in wie al de schatten der wijsheid en kennis verborgen zijn.

Wij kunnen en mogen nu ‘in Hem’ wandelen (Colosse 2: 6). Hoe doe je dat? Geloof! Hoe leert iemand de Heer Jezus als zijn Redder kennen? Dat is toch ook door geloof? Je stelt je vertrouwen op het werk van de Heer Jezus voor de vergeving van je zonden. Zo mag je nu je vertrouwen stellen op de verheerlijkte Heer in de hemel die jouw praktisch leven wil zijn. Hij is ‘de werkelijkheid’. Dat is simpel wandelen in Hem.

Geworteld wandelen
Colosse 2: 6 – 7 Nu gij Christus Jezus, de Here, aanvaard hebt, wandelt in Hem, geworteld en dan opgebouwd wordend in Hem, bevestigd wordend in het geloof, zoals u geleerd is, overvloeiende in dankzegging.
Hoe functioneert dit wandelen in Christus nu? Ter verduidelijking hiervan laat Paulus er vier woorden op volgen:
1/ Geworteld
2/ Opgebouwd
3/ Bevestigd
4/ Overvloeiend in dankzegging
Wij gaan nu even alleen in op dat eerste woord.

De tijdsvorm van het eerste woord ‘geworteld’ legt de nadruk op een afgerond werk met een doorgaand effect. Deze gelovigen in Colosse, maar ook jij en ik, zijn eens voor altijd geworteld in Christus. Dit is simpel het werk van Gods genade alleen. God heeft onze wortels onlosmakelijk aan Christus zelf verbonden. Daardoor zijn die wortels stevig verankerd tot een vaste basis.

Voorbeeld:
We hebben een hoge wilg in onze tuin laten omzagen. Niemand kwam op het snuggere idee om de boom met wortels en al uit te graven. Hadden ze dat wel gedaan, dan was het ook een grote ramp geworden omdat die wortels zich niet alleen in onze tuin hadden vastgehecht. De tuinen van de buren in een behoorlijk ruime omtrek en ook het publieke terrein zouden volkomen geruïneerd zijn geworden als we dat gedaan hadden. Zijn wortels zaten stevig verankerd. De boom liep dus ook weer uit.

Zodra we ons vertrouwen stellen op Christus zijn onze wortels eens voor altijd stevig verankerd in Christus zelf. Geloof me, dat is een veel sterkere verankering dan die van onze wilg. We hoeven dus nooit meer opnieuw verankerd te worden in Christus zelf.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende