U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Genade Bewerkt Goede Werken

Nummer 7: Genade brengt goede werken voort

In onze voorgaande artikelen hebben we over gehoorzaamheid nagedacht. Velen willen genade in de weegschaal leggen. Je kent die oude weegschalen wel met aan weerskanten een schaal, waarbij je om het product in de ene schaal heel zuiver af te wegen gewichten in de andere schaal moet plaatsen. Zo wil men heel vaak genade in de ene schaal plaatsen met gehoorzaamheid van onze kant in de andere schaal, zodat de verkondiging in evenwicht zou zijn.
We hadden al geconstateerd dat tegenover de overvloedige rijkdommen van Gods genade helemaal niets in de weegschaal gelegd kan worden. Let nu op! Hier komt nu die gehoorzaamheid om de hoek kijken.

Efeze 2: 8 – 10 Want uit genade ben jij behouden, door het geloof, en dat niet uit uzelf: het is een gave van God; niet uit werken, opdat niemand roeme. Want zijn maaksel zijn wij, in Christus Jezus geschapen om goede werken te doen, die God tevoren bereid heeft, opdat wij daarin zouden wandelen.

Waar we ons nu helemaal op gaan richten zijn die goede werken. Wij zijn gered om goede werken te doen. De redding is dan wel uit genade, maar nu we gered zijn komt het erop aan. Nu moeten wij toch maar goede werken verrichten. Moeten we niet gewoon de bron ontdekken, waar die goede werken uit voortkomen?

Machtelt en ik maken nogal eens fietstochten. Willen we iets ontdekken over al dat water van de rivier de Maas, dan stappen we gewoon op de fiets en rijden naar Rotterdam. We hebben de bedrijvigheid op de Maas al eens vanaf grote hoogte op de Euromast bekeken. Wat een drukte, wat een werken! Weten we nu alles over die grote watermassa’s van de Maas? Eigenlijk niet.

We kunnen er natuurlijk een hele lange fietsdag langs de Maas van maken. We vertrekken van de Maasboulevard in Rotterdam naar Krimpen aan de IJssel. We gaan door naar Krimpen aan de Lek, waar we oversteken naar Kinderdijk. Als we dan eindelijk in Papendrecht aankomen vind ik het welletjes met alle zadelpijn die het heeft opgeleverd. Maar we hebben nog steeds niet ontdekt wat de bron van de Maas is.

Heel ver weg, ver buiten Nederland, staat een groot standbeeld langs een Polderweg vlak bij het plaatsje Pouilly en Bassigny. Daar vind je een bord waar de hele weg die de Maas aflegt naar zee in staat gegraveerd. Dat is de enige echte bron van de Maas. Zie je daar een hevig kolkende watermassa? Nee. Je ziet een nietig, klein stroompje. Onvoorstelbaar dat zo’n nietig stroompje het beeld van Nederland zo bepaalt.

Laten we ook zo eens teruggaan naar de bron van die goede werken in deze tekst in Efeze. We beginnen onze zoektocht bij die goede werken. We zijn geschapen in Christus Jezus tot goede werken. Is de bron van die goede werken onze eigen inspanning? Nee, dat zegt Paulus vlak daarvoor toch wel overduidelijk: ‘niet uit werken, opdat niemand zal gaan pochen’. Hoe kan dit nou? We zijn geschapen tot goede werken en dan zou dat niet uit werken zijn. Weer zo’n tegenstrijdigheid van genade, waar we al vaker op gestuit zijn. We moeten dus verder terug stroomopwaarts.

Geschapen om goede werken te doen. Het is dus niet eigen werk, maar toch is het iets wat wel van ons verwacht wordt? Nee, er staat heel helder in onze tekst: ‘en dat niet uzelf’. Dus gaan we nog verder terug om de bron van die goede werken te vinden. Dan moet ons geloof wel de bron zijn. Nee, ook dat niet. Er staat glashelder in onze tekst ‘door het geloof’. Nou, we hebben op onze fietstocht de Maas al door heel veel plaatsen zien stromen, maar daarmee hebben we die bron nog niet gevonden. Het geloof is slechts het instrument waar het doorheen stroomt. We blijven teruggaan en teruggaan totdat we aankomen bij de start, waar staat: ‘Want uit genade’. We zien het kleine straaltje stromen, waar al die geweldige werken uit voortkomen. De bron van goede werken is genade.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende