U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Het Eerste Resultaat Van Paulus Gebed

In Efeze 3: 15 is Paulus nog altijd in het gebed, waarbij hij al die verschillende huizen van vader vermeldt. Dat doet Paulus echter niet om al die verschillende huizen nu op één hoop te vegen en er geen onderscheid tussen te maken. In vers 16 zien we dan dat Paulus in zijn gebed ons, die nieuwe mens, er tussenuit vist om daar zijn gebed op te richten.
Efeze 3: 16 Opdat Hij u geeft, naar den rijkdom Zijner heerlijkheid, met kracht versterkt te worden door Zijn Geest in de inwendige mens;

Paulus bidt hier niet voor het volk Israël, dat huis van Vader op aarde. Hij bidt niet voor dat huis van de zonen van God, waar satan ook deel van uitmaakt. Hij bidt voor ons, die nieuwe mens, dat Lichaam van Christus. Paulus ziet de verschillende onderscheiden, zelfs als hij op de knieën gaat.

Misschien is het wel juist van belang om dat onderscheid goed voor de ogen te hebben als we voor elkaar op de knieën gaan. Als we voor elkaar gaan bidden kunnen we behoorlijk de mist ingaan als we niet onderscheiden dat we ons momenteel in de huishouding van genade bevinden. Het huishouden van Vader waar wij momenteel toe behoren wordt niet gekenmerkt door uiterlijke tekenen en wonderen. Als we daar toch voor gaan bidden in de huidige bedeling van de verborgenheid, dan kunnen we ons zelfs een geloofscrisis aanbidden. Onderscheid is van vitaal belang ook in ons gebedsleven.

Paulus gebed is specifiek gericht op ons: ‘opdat Hij u geeft’. U of jullie die tot de huishouding van Gods genade behoren. De u of jullie, die hier aangesproken wordt is die nieuwe mens uit Efeze 2. Het is dus niet het gelovig overblijfsel dat het Koninkrijk Gods spoedig verwacht. Wat dat wel het geval geweest dan had het gebed er bijvoorbeeld als volgt uitgezien: ‘Opdat Hij u geeft, naar Zijn grote kracht, lichamelijk versterkt te worden door Zijn genezing aan de uiterlijke mens’.
Dat gebed hoort thuis bij die volkomen andere doelgroep.

Zelfs als wij lichamelijk veel te lijden hebben in deze wereld en misschien wel juist wanneer we dat ondergaan is dat bovenstaand gebed van zo uitermate groot belang, dat we met Zijn kracht gesterkt worden in de inwendige mens.

In de huidige huishouding van Vader, waarin Vader werkt vanuit Zijn overvloeiende rijkdommen van genade, is er een kracht waar we voor bidden mogen. Vader wil ons sterken met die kracht in de inwendige mens. Welke kracht is dat?
Efeze 6: 10 Weest krachtig in de Here en in de sterkte van Zijn macht.

Efeze 3: 16 Opdat Hij u geeft, naar den rijkdom Zijner heerlijkheid, met kracht versterkt te worden door Zijn Geest in de inwendige mens;
Dit is het eerste ‘opdat’ in dit gebed van Paulus. Het doel van Paulus gebed is dat we met kracht gesterkt worden door Zijn Geest in de inwendige mens. Het resultaat van dit gebed is dus dat er een kracht ontstaat, die opgewekt wordt door de werking van Zijn Geest. Het Griekse woord voor die kracht is ‘dunamis’, dat verwijst naar het dynamiet, dat onder al het negatieve ligt en de dynamo, die al het positieve aandrijft.

Die kracht gaat werken in de inwendige mens. Het heeft dus beslist niets met onze uiterlijke mens te maken.
2 Corinthe 4: 16 Daarom verliezen wij de moed niet, maar al vervalt ook onze uiterlijke mens, nochtans wordt de innerlijke van dag tot dag vernieuwd.
Hier komen we ze allebei tegen. Wat we ondergaan tijdens ziektes en dergelijke wordt hier beschreven als het verval van onze uiterlijke mens. Waar het om draait is die innerlijke mens. Daarvan staat hier dat hij elke dag verjongd wordt. Hoe ziek we er ook aan toe mogen zijn, we worden dus elke dag jonger in dat echte, nieuwe leven voor God.

In de Bijbel is die inwendige mens het nieuwe leven dat we bij het tot geloof komen ontvangen hebben. In Romeinen 7: 22 verlustigt die inwendige mens zich in de wet van God. Dit is ook vanzelfsprekend omdat tijdens de Romeinenperiode het Nieuwe Verbond gold waarbij de wet volgens Jeremia 31: 33 in hun binnenste gelegd werd.

Wij verlustigen ons naar de inwendige mens in de Persoon van de opgestane Heer, die ons leven is geworden. Wij mogen ons telkens op Hem richten. Dat is feitelijk ook waar Paulus hier voor bidt.
Efeze 3: 17 opdat Christus door het geloof in uw harten woning zal maken.
Het gevolg is dus niet zoals bij het Nieuwe Verbond dat de wet in de harten geschreven wordt. Het gevolg bij ons is dat de opgestane Christus in onze harten woning maakt.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende