U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Geef Het Uit Handen

Verwachte Plek Van Joodse Eredienst
Handelingen 16: 13 Op de sabbatdag gingen wij de poort uit, de rivier langs, waar wij verwachtten, dat een gebedsplaats zou zijn;
Ook in dit verwachtingspatroon van Paulus zien we dat Paulus nog volledig uitging van het plaatje dat de wet tekende van een eredienst tot eer van Yahweh. Alles zou nog exact zo functioneren als God het in het Oude Testament had ingesteld met alle wassingen en dergelijke van dien. Vandaar dat Paulus naar de rivier liep.

Teleurgesteld?
Wie treft Paulus hier bij deze gebedsplaats aan? Ik zou me kunnen voorstellen dat Paulus toch een beetje teleurgesteld is. Wat lees je hier namelijk?
Handelingen 16: 13 – 14 Wij spraken tot de vrouwen, die samengekomen waren. En een zekere vrouw, met name Lydia, een purperverkoopster uit de stad Tyatira, die God vereerde,
Lydia, een purperverkoopster uit Tyatira was de eerste persoon die Paulus hier ontmoet. Zij was een Jodengenoot, oftewel een proseliet van de Joden, een heidense die zich tot het Jodendom had bekeerd.

Azië – Europa - Azië
Waar kwam deze heidense vrouw, die zich tot het Jodendom had bekeerd, vandaan? Dat was Tyatira, oftewel Azië waar Paulus nou net uit vandaan geroepen was. Daar waren voortdurend verhinderingen om het blijde nieuws van het Evangelie te verkondigen. Daar was Paulus nu juist geroepen om te vertrekken en naar Europa te trekken.

Gods Werk
Het eerste wat Paulus hier in Macedonië aantreft is deze vrouw uit Azië. ‘Nou’, zou ik gedacht hebben, ‘Heb ik daarvoor die hele reis naar Europa ondernomen?’ Zo is Paulus niet ingesteld. Hij ziet het werk van God ook in deze vreemde wending.

Vreemde Weg
We kunnen soms teleurgesteld zijn over bepaalde situaties, maar als de Heer zulke situaties nu juist gebruiken wil om te werken, laten we ons dan ook laten gebruiken. Heel vaak snappen we de weg die God met ons gaat niet, maar daarom werkt God nog wel. Deze situatie van Paulus, dat hij Azië moet verlaten om naar Europa te gaan waar hij vervolgens een vrouw uit Azië ontmoet, die is ook heel vreemd. Daarvoor had hij toch dat hele eind niet hoeven reizen? Het zat vol met mensen uit Azië in Azië.

God Wijst De Weg
Paulus protesteert niet, hij redeneert niet, hij gaat gewillig de weg met de Heer. Zo mogen wij ook onze weg met de Heer gaan. Soms snappen we het niet, maar dat is niet erg. De Heer wijst de weg. De Heer werkt, ook als wij Zijn weg niet begrijpen. Zo werkte Hij hier ook.

Harten Openen
Handelingen 16: 14 Lydia, een purperverkoopster uit de stad Tyatira, die God vereerde, hoorde toe, en de Here opende haar hart,
In deze, toch wel aparte, situatie doet God Zijn werk. Aan de rivier legde Paulus het blijde nieuws van het Evangelie uit en de Heer opende haar hart. Dat is een werk, dat niet door menselijke middelen te bewerken valt. Het is niet onze methode van evangelieverkondiging die de harten opent. Het is niet de emotie, waarmee we op het gemoed van de ander inwerken, die de harten opent. Het is zelfs niet het heldere en duidelijke voorstellen van de boodschap van het blijde nieuws dat de harten opent. Het is de Heer zelf die de harten opent.

Overgave
Handelingen 16: 14 De Here opende haar hart,
Alles is afhankelijk van wat de Heer werkt. Laten we ons daarom ook bewust zijn dat het alles van Hem afhankelijk is. Hoe meer we ons dit bewust zijn, des te meer zullen we op onze knieën zijn. Het is niet onze inspanning, Het is Zijn werk dat de zegen geeft. Laten we het maar simpel erkennen dat wij het niet kunnen. We mogen het aan de Heer vertellen, waarbij we het alles dan ook in Zijn hand laten. We mogen onze onmacht ook best wel aan de mensen om ons heen erkennen. Het is de Heer, die harten opent.

Bekwaamheid
Een mooi voorbeeld is het leven van Paulus zelf.
2 Corinthe 2: 16 Wie is tot zulk een taak bekwaam?
Paulus stelt deze vraag als hij het erover heeft dat de gelovige de geur van Christus is. Hoe kan je jezelf daarvoor inzetten? Misschien dat sommigen zich toch denken te moeten inspannen hiervoor. Vandaar die vraag.
Paulus heeft wel degelijk een helder en duidelijk antwoord op deze vraag.
2 Corinthe 3: 5 – 6 Niet dat wij uit onszelf bekwaam zijn iets als ons werk in rekening te brengen, maar onze bekwaamheid is Gods werk, die ons ook bekwaam gemaakt heeft.
God is aan het werk en wij mogen het in Zijn hand laten.

Let Go, Let God
Wijzelf zijn absoluut onbekwaam om een daadwerkelijke verandering in het leven van een ander te bewerken door de verkondiging van het blijde nieuws. Het is Gods werk. Hij opent het hart van een Lydia hier in dit Bijbelgedeelte. Heb jij iemand op het hart voor wie je zo intens wenst dat er een daadwerkelijke verandering in zijn of haar leven plaatsvindt? De Heer opent het hart. Breng die persoon dus bij de Heer en laat het gerust in de vaardige handen van onze Redder.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende