U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Een Andere Boodschap

Het ene deel (de tollenaren en zondaren) is laaiend enthousiast en juicht en klapt dat het een lieve lust is, terwijl het andere deel (de geestelijke elite) van het publiek tandenknarsend zich zit te verbijten.

De eerste acte van de satire ‘De Rijke Man & De Arme Lazarus’ is zeker niet bij iedereen in goede aarde gevallen. Er zijn ook nog enkelen die discussiëren hoe die rijke zomaar van zijn plekje in het graf in een plek van helse pijniging terecht gekomen kan zijn. Het spel was overtuigend genoeg, maar het lijkt zo’n onmogelijke situatie.

Het doek gaat weer op en het is tijd voor de tweede acte:
Lukas 16: 24 Hij [De Rijke Man] riep: Vader Abraham, heb medelijden met mij en zend Lazarus opdat hij de top van zijn vinger in water doopt en mijn tong verkoelt, want ik lijd pijn in deze vlam.

Als je alleen al kijkt naar wat er hier aan lichamelijke activiteit wordt beschreven, dan zou je al gelijk elke mogelijkheid om hier een werkelijk gebeurde geschiedenis in te zien moeten uitsluiten.
a. De rijke man slaat letterlijk zijn ogen op in het graf. Is dat het letterlijke graf en zijn dat zijn lichamelijke ogen?
b. Lazarus zou de letterlijke top van zijn letterlijke vinger in letterlijk water dopen. Is er inderdaad letterlijk water in dat letterlijke graf? Gaat het hier om het lichamelijk topje van Lazarus lichamelijke vinger?
c. De rijke man verlangde ernaar dat zijn letterlijke tong door dat letterlijke water verkoeld zou worden. Heeft hij het hier over zijn lichamelijke tong?
d. De rijke man lijdt letterlijk pijn in een letterlijke vlam. Voelt die rijke man dit lichamelijk?

Het is niet mijn bedoeling om aan de woorden van de Heer hier te twijfelen. Het is mij er om te doen om aan te tonen dat als je dit als een letterlijk gebeurde geschiedenis weergeeft, je dan ook de verantwoording hebt om deze lichamelijke beschrijvingen ergens te kunnen duiden. Net als aan de boodschap van deze satire wordt echter totaal aan deze lichamelijke beschrijvingen voorbij gegaan.

Het is duidelijk dat als je een satire opvoert om verkeerd gedrag of een verkeerde leer aan de kaak te stellen, dat dan dergelijke lichamelijke uitvergrotingen alleen nog maar meer de boodschap versterken. Deze lichamelijke uitvergrotingen hebben in een satire dus een duidelijke functie, terwijl het de echtheid voor een waar gebeurd verhaal wel enorm omlaag haalt.

De rijke man begint deze tweede acte van de satire met te schreeuwen. Hij begint te roepen. Voor heel veel evangelische en orthodoxe gelovigen moet dit toch wel de kern van de boodschap van ‘De Rijke Man & De Arme Lazarus’ zijn. Als het namelijk waar is, zoals wordt beweerd, dat dit een weergave is van een waar gebeurde geschiedenis om ons tot berouw en bekering te brengen, dan moeten hier de woorden komen die dat bewerken.
Lukas 18:13 Hij sloeg zich op de borst en zei: O God, wees mij, zondaar, genadig!

Dat had hier toch enorm goed gestaan.
a. De juiste persoon werd hier aangesproken: ‘O God’.
b. De eigen zondige staat werd erkent: ‘mij, zondaar’.
c. De enige werkelijk reddende boodschap werd omhelsd: ‘genadig zijn’.

Het enige nadeel in dit geheel was dat dit de uitspraak van de tollenaar was in een gelijkenis.
Lukas 18: 9 Hij [Jezus Christus] sprak ook met het oog op sommigen, die van zichzelf vertrouwden, dat zij rechtvaardig waren en al de anderen verachtten, deze gelijkenis:
Die sommigen, die van zichzelf vertrouwden dat zij rechtvaardig waren en al de anderen verachtten, die sommigen werden nou juist in deze satire aangesproken.

Het waren de Farizeeën en Schriftgeleerden die zichzelf wel rechtvaardig achtten. Zij verachten de tollenaars en de zondaars. Die zetten ze weg. Het was juist die weggezette, die tollenaar, die zei: ‘O God, wees mij, zondaar, genadig!’

De geestelijke elite, de Farizeeën en Schriftgeleerden, kreeg deze satire voorgeschoteld. Die verwerpelijke arme bedelaars kregen hier het ereplaatsje ‘De Schoot van Abraham’ , die zij als geestelijke elite nog wel zelf hadden uitgedacht. Zij, als elite, kregen het graf, waar het door de hitte niet te harden was.

Zij wisten het allemaal zo goed. Maar de blijde boodschap kenden zij niet.
Zij deden het allemaal zo goed. Maar ze spraken in hun nood nog niet eens de juiste persoon aan.
Zij hadden altijd zo hun best gedaan voor die verzonnen Schoot van Abraham. Ze hadden zo hun best gedaan dat ze Gods genade helemaal vergeten waren.

En nu verkondigt onze christelijke geestelijke elite juist vanuit deze satire, alsof het werkelijk waar gebeurd zou zijn, een zogenaamd evangelie met al het gedonder van hel en al inclusief.
2 Corinthe 11:4 Als de eerste de beste ….een ander evangelie verkondigt, dat jullie niet hebben aangenomen, dan verdragen jullie dat prima.
Galaten 1:6 Het verbaast mij, dat jullie je zo snel van Hem, die jullie door de genade van Christus geroepen heeft, laat afbrengen tot een ander evangelie,

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende