U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Verschijning Van De Gelukkige God

Titus 2: 13 Verwachtende de zalige hoop en verschijning van de heerlijkheid van de grote God en onze Redder Jezus Christus;
Paulus gebruikt het werkwoord ‘verwachten’ nergens anders in zijn brieven voor een Goddelijke Aktie. Telkens waar het werkwoord wel gebruikt wordt in verband met een Goddelijk ingrijpen, staat het in relatie tot het aardse Koninkrijk van God.
Markus 15:43 Jozef van Arimatea, een aanzienlijk lid van de Raad, die ook zelf het Koninkrijk van God verwachtte;
Lukas 2:25 Er was een man te Jeruzalem, wiens naam was Simeon, en deze man was rechtvaardig en vroom, en hij
verwachtte de vertroosting van Israël,
Lukas 2:38 Zij ….. sprak over Hem tot allen, die
voor Jeruzalem verlossing verwachtten.
Lukas 23: Een stad van de Joden, die
het Koninkrijk van God verwachtte.
Handelingen 24: 14-15 Dit erken ik voor u, dat ik naar die weg, die zij een secte noemen, inderdaad de God van de vaderen vereer, gelovende al hetgeen in de wet en in de profeten geschreven staat, terwijl ik van God hoop, gelijk ook dezen zelf het
verwachten, dat er een opstanding van rechtvaardigen en onrechtvaardigen zal zijn.
Judas 1:21
verwachtende de ontferming van onze Here Jezus Christus tot in het leven van de aioon.

Nergens wordt dit werkwoord ‘verwachten’ gebruikt in relatie tot de hemelse positie die het Lichaam van Christus in Christus inneemt. Hetgeen hier verwacht wordt blijkt ook nergens in relatie te staan tot het uitzicht dat wij als Lichaam van Christus bezitten.

De verwachting was gericht op de zalige hoop. Die hoop wordt in deze tekst opgevolgd door ons Nederlandse tusssenvoegsel ‘en’. In het Grieks wordt dit woordje ‘kai’ gebruikt zoals wij een dubbele punt plaatsen.

Paulus spreekt hier niet van een verwachting van twee verschillende grootheden. Hij spreekt over de zalige hoop. Die hoop is de verschijning van de heerlijkheid van de grote God en onze Redder Jezus Christus. De allereerste uitdrukking ‘de zalige hoop’ geeft al direct aan in welke richting gezocht moet worden.

Bij een uitdrukking als de zalige hoop hebben we wellicht nog weinig voorstelling. Hier wordt echter het spirituele woord voor geluk of voorspoed gebruikt. Ik zeg ‘spiritueel woord’ omdat je in het Grieks ook een gewoon alledaags woord voor geluk of voorspoed hebt. Dat wordt echter niet in de Bijbel gehanteerd.

Onze God is deze gelukkige of voorspoedige God.
1 Timotheus 1:11 Het evangelie van de heerlijkheid van de gelukkige God, dat mij is toevertrouwd.
Het evangelie van de heerlijkheid van de gelukkige God dat aan Paulus was toevertrouwd was de boodschap van het Nieuwe Verbond dat door de opgestane Heer direct aan Paulus bekend was gemaakt, zoals hij dat in de Galatenbrief beschrijft.

Het uitzicht van dat blijde nieuws was juist dat die heerlijkheid van de gelukkige God op aarde openbaar zal komen. Dat is de verschijning van de heerlijkheid zoals die in Titus 2: 13 beschreven wordt als de inhoud van de gelukkige hoop.

De gelukkige hoop is dat de Heer Jezus Christus eenmaal zal verschijnen als de gelukkige en enige Heerser.
1 Timotheus 6: 13-15 Ik beveel voor God, ……,dat je dit gebod onbevlekt en onberispelijk handhaaft tot de verschijning van onze Here Jezus Christus, welke op Zijn tijd de gelukkige en enige Heerser zal doen aanschouwen, de Koning der koningen en de Here der Heren,
Evenals in Titus zie je hier die twee kenmerken. De hoop op de gelukkige en enige Heerser als eerste. Ten tweede de verschijning van onze Heer Jezus Christus.

Christus verschijning en Zijn koningschap hier op aarde zijn doorlopend aan elkaar gekoppeld.
2 Timotheus 4:1 Zijn verschijning als op zijn koningschap:

Toen de grondwet van deze gelukkige heerschappij werd opgetekend waren de geluksbetuigingen niet van de lucht.
Mattheus 5:3 Gelukkig de armen van geest, want voor hun is het Koninkrijk der hemelen.
Mattheus 5:4
Gelukkig die treuren, want zij zullen vertroost worden.
Mattheus 5:5
Gelukkig de zachtmoedigen, want zij zullen de aarde beërven.
Mattheus 5:6
Gelukkig die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden.
Mattheus 5:7
Gelukkig de barmhartigen, want hun zal barmhartigheid geschieden.
Mattheus 5:8
Gelukkig de reinen van hart, want zij zullen God zien.
Mattheus 5:9
Gelukkig de vredestichters, want zij zullen kinderen Gods genoemd worden.
Mattheus 5:10
Gelukkig de vervolgden om der gerechtigheid wil, want voor hun is het Koninkrijk der hemelen.
Mattheus 5:11
Gelukkig zijn jullie, wanneer men je smaadt en vervolgt en liegende allerlei kwaad van je spreekt om Mijnentwil.

Van de Evangeliën t/m de Openbaring staat het Koninkrijk van God doorlopend in relatie tot de gelukkige oftewel de voorspoedige God. Al zijn plannen zullen ook vast en zeker gelukken en Hij zal voorspoedig daarin zijn. Zijn voorspoed zal ook over allen binnen dat Koninkrijk uitwaaieren.

De gelukkige hoop en dus de verschijning van de heerlijkheid van onze grote God en Redder, Christus Jezus, valt onmogelijk in te passen binnen de huishouding van de verborgenheid. Het is een onderdeel van het profetisch woord. In de Dag des Heren, als de wetteloze zich openbaart, dan zal Zijn verschijning plaatsvinden.
2 Thessalonica 2:8 Dan zal de wetteloze zich openbaren; hem zal de Here Jezus doden door de adem van Zijn mond en machteloos maken door Zijn verschijning, als Hij komt.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende