U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

De Kruis Factor

De show begint. Een verpletterende start, waarbij elke kandidaat een kort moment van glorie heeft om een staaltje van zijn kunnen ten toon te spreiden. Nu is het moment gekomen voor de presentatoren.

Glittering Jim, de om zijn evangelische uitstraling zeer geroemde en populaire mannelijke helft, en Miss Glimlach, de charismatisch vrouwelijke helft van het duo, springen enthousiast het podium op, beiden een fel brandend kruis in de linkerhand houdend. Zij zullen de prestaties van de overgebleven finalisten tot een mooi geheel aaneen rijgen.

Miss Glimlach staat achter de coulissen al klaar met de eerste kandidate Gladys. ‘Jij bent vandaag de eerste die jouw liefde voor Jezus wilt bewijzen.’. Ze houdt een microfoon bij de doodzenuwachtige Gladys voor de mond om haar eerste reactie op te vangen. ‘Ja’, frunnikend aan de uitstekende randjes van haar prachtige kleed, zoekt ze naar woorden. ‘Ik geloof’, begint ze, ‘dat het niet Gods bedoeling is dat we slechts op bepaalde tijden in Zijn tegenwoordigheid zijn. God zoekt naar iets in ons waardoor we telkens iets langer bij Hem kunnen blijven. Om dat voor elkaar te krijgen geeft Hij ons ieder een soort gebod, een opdracht’.

Geïnteresseerd buigt onze presentatrice zich naar onze eerste kandidate: ‘Ben jij er al achter gekomen welk gebod God jou gegeven heeft om jouw liefde voor Hem te bewijzen?’ Zenuwachtig kijkt Gladys van de camera weg en fluistert: ‘Ik heb Hem om een gebod gevraagd en Hij heeft me er één gegeven. Mijn grote gebod is: Ik mag niet oordelen!’

Na enkele bemoedigende omhelzingen stuurt onze Miss Glimlach Gladys richting toneel, haar nog enkele ‘toi, toi, toi’s’ toeschreeuwend (wat in dit evangelisch/charismatisch kader natuurlijk een totaal andere lading heeft gekregen).

Met een losbrekend gejuich van het publiek wordt Gladys op het toneel verwelkomd. Ze wordt daar met enkele roddelende gemeenteleden geconfronteerd, maar ze blijft staande en oordeelt niet.
Nu komt ze in aanraking met frauderende genezingspredikers die een volledig herstel claimen bij doodzieke medegelovigen. Maar, mensen wat een geweldig resultaat! Zij gaat niet voor de bijl en ook hier komt geen oordeel over haar mond.

Er staat een dominee heftig te prediken tegen allerlei seksuele zonden en over alle verleidingen waar wij ons tegen moeten wapenen. Een hoer wijst hem aan als degene die haar nog geld schuldig is voor een bezoekje die afgelopen nacht. Nu wordt het ethisch oordeel van Gladys toch wel tot het uiterste beproefd, maar ook hier blijft ze recht overeind staan. Een gejuich klinkt op uit het publiek.
Toen verschenen er ineens door bijkomend evangelisatiewerk een aantal zwervers in de kerkbanken. Er knakt iets in Gladys. Die stank! Die mensen hebben zich niet eens goed gewassen! ‘Wat doen die mensen hier? Die horen hier niet!’ Een teleurgesteld ‘Ach’ zoemde door het publiek. Helaas! Dat was geen sterk optreden van Gladys.

Glittering Jim, onze altijd evangelisch stralende presentator, heeft achter de coulissen inmiddels alweer een volgende kandidaat voor zijn microfoon gestrikt. Wendell is een gelovige van in de veertig, die al heel veel in zijn leven voor de Heer gepresteerd heeft. ‘Jij houdt echt van Jezus, hè?’, vraagt Jim hem. ‘O ja, eerlijk gezegd zou ik in mijn naaste omgeving niemand anders kennen die zo van de Heer houdt als ik! Andere mensen zingen dan wel: “Ik heb van U gehouden, maar nooit zoveel als nu!”. Maar die mensen kennen mij nog niet, anders zouden ze wel zingen “Maar nooit zoveel als Wendell!”’

Je zou wellicht enige verbazing verwachten bij Glittering Jim, maar dan ken je ons evangelisch stralend licht nog niet. In zijn presentatiejaren heeft hij al zoveel ‘christelijk’ pluimage langs gehad, dat hij echt nergens meer van opkijkt.
‘Om nu je liefde voor Jezus te bewijzen, heb jij ook een gebod ontvangen. Kan je ons vertellen welke dat is?’ Glittering Jim hield verwachtingsvol de microfoon voor de mond van Wendell. ‘O, ik heb al vele geboden succesvol op mijn pad vervuld, maar vandaag draait het om het gebod: Je moet mensen vergeven!’

‘Prachtig!’, juichte Glittering Jim. ‘Nou Wendell, ik zeg: Zet hem op! Laat ze een poepie ruiken in de naam van onze Heer! Je kan het!’ Wendell rende al het podium op, waarbij hij terloops nog even achterlangs riep: ‘Zeker weten!’

Ook bij Wendell kwamen eerst allerlei kerkelijke probleempjes naar voren. Succesvol wist hij de lastigste situaties te pareren met liefde en vergeving. Het was duidelijk dat hij binnen zijn gemeente een belangrijke voorbeeldfunctie vervult. Tot zijn grote ongenoegen werd nu het decor op het podium totaal veranderd. Een plaatje van het kantoor waar hij werkt werd nu opgebouwd en hij kwam tussen zijn collega’s te zitten. Je zag bij Wendell dat de strijd hem nu ernst was.

Verbeten leek hij veel meer te verdragen dan zijn positie feitelijk deed vermoeden. Maar hij wist zich er sterk doorheen te slaan. Maar daarmee bleek het gevecht nog niet beëindigd. Opnieuw kwam er een ander decor en nu zat hij in zijn thuissituatie.

Wendell maakte nu echt bezwaar. ‘Zo had ik me die strijd niet voorgesteld! Bij Gladys bleef het hele gevecht toch ook uitsluitend beperkt tot het kerkelijk terrein? Waarom moet ik me verantwoorden voor mijn houding op de zaak en nu nog zwaarder: thuis! Dat houdt toch niemand vol?’
Glittering Jim betrad het podium en vroeg Wendell op de man af: ‘Bedoel je dat je in je gewone dagelijkse situaties zo’n simpel gebod niet kan volhouden?’ Nee, natuurlijk niet! Dat kan toch niemand?’, schreeuwde Wendell.

We hebben genoeg gezien van de Kruis Factor. Inderdaad, dat houdt toch niemand vol. Hij heeft volkomen gelijk! Ook Gladys toonde aan dat een dergelijk gebod feitelijk onmogelijk was en waar het wel leek te lukken, leverde het zonder meer idiote situaties op.
Romeinen 5:20 De wet is er bijgekomen, opdat de overtreding toenam;

God eist niet jouw liefde voor Hem. Hij schenkt Zijn liefde voor jou en dat blijft Hij maar doorschenken en doorschenken en doorschenken. Dat noemt God nou een relatie! Hij is namelijk jouw liefhebbende Vader.

Wat heeft Vader nou gedaan met al die overtredingen, die maar toenamen?
Romeinen 5:20 Waar de zonde toenam, is de genade meer dan overvloedig geworden,
Ga maar gewoon genieten van die overvloeiende genade.

Toespraak over dit onderwerp:
Waartoe Dient De Wet [9.157 KB]
Ook nog vier studies over dit onderwerp:
We Stellen De Vraag: Waarvoor dient de wet?
Aan zonde, dood en genade werd de wet toegevoegd
Wet, Uitlokker Van Overtredingen
Wet Bewerkt Een Ellendig, Onmogelijk Leven

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende