U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Het Verzoendeksel: Bron Van Vreugde

De godsdienstige mens zou niet waarachtig godsdienstig zijn als ze niet aan bepaalde Bijbelse woorden hun eigen vrome invulling zouden geven. Zoals bijvoorbeeld het woord ‘Zoenmiddel’. In het Nederlands zelf komt hier de gruwelijke voorstelling van een God die briesend zijn genoegdoening zoekt nog niet zo sterk tot uiting. Op drie manieren kan je dit woord in het Nederlands tegenkomen:
1. Zoenmiddel
2. Verzoendeksel
3. Genadetroon

Romeinen 3:25 Hem [Christus] heeft God voorgesteld als zoenmiddel door het geloof, in zijn bloed,
Hier komen we het Grieks zelfstandig naamwoord ‘hilasterion’ tegen, dat hier in de NBG is weergegeven met ‘zoenmiddel’.

We weten, de godsdienstige christenheid heeft bij voorbaat al de volslagen belachelijke opvatting op haar harde schijf staan dat God de Vader ons mensen met steeds met verder groeiende boosheid volgt. Christus is hierdoor tot slachtoffer van Vaders vergeldingsdrang geworden.

Met dit hele denken op de achtergrond herkent men in dit zelfstandig naamwoord ‘hilasterion’ dan ook een werkwoord met de betekenis van ‘gunstig stemmen’, ‘genoegdoening zoeken’ of ‘bevrediging vinden’.

Het schijnt deze godsdienstige leraars niet te hinderen dat de Bijbel zelf een heel duidelijke verklaring van dit zelfstandig naamwoord heeft door het elders nog eens als dat zelfstandig naamwoord te gebruiken. Dat is deze tekst:
Hebreeën 9:5 daarboven waren de cherubs van de heerlijkheid, die het verzoendeksel overschaduwen;

Het was dus het deksel waarmee de ark van het verbond werd afgesloten. Dat wordt ook wel de genadetroon genoemd. Het staat in het Heilige der Heilige en eens in het jaar, op de Grote Verzoendag, wordt daar bloed op gesprenkeld.

Het Griekse zelfstandig naamwoord ‘hilasterion’ wordt in de Bijbel dus niet gebruikt in juridische zin. Het is een aanwijzing van een plaats. Het is de genadetroon. Het is de plaats waar jaarlijks de zonden vergeven worden. Het wees destijds heen naar de plaats waar nu definitief de redding der mensheid tot stand is gebracht, namelijk de vergeving van de zonden.

Het kruis was net zo min de plaats waar Vader Zijn woede uitstortte over Zijn Zoon als dat in het Oude Testament het verzoendeksel de plaats was waar de hogepriester zijn woede uitstortte over dat lam. Verzoening was en is herstellend! Het is niet vergeldend! Het kruis was de plaats van Gods liefde, niet van Gods woede! Er was wel woede, maar dan van de mensheid! Die werd echter verzwolgen in Gods onmetelijke liefde van vergeving.

Die overvloeiende, onbegrijpelijke liefde is voor ons de bron van ontembare blijdschap! Ook dat is terug te vinden in dat Griekse zelfstandig naamwoord ‘hilasterion’. Het verwante Griekse woord ‘hilaros’ is namelijk ook volledig ingeburgerd in ons eigen Nederlands taalgebruik.

Voor de ‘serieuze’ christenheid heeft God niets uitstaande met dit bekende woordje ‘hilarisch’, omdat men wel bij van alles en nog wat enorm kan lachen, maar dat bij God en hun eigen geloofsleven niet passend vindt. Vandaar dat veel ironische klanken in het Nieuwe Testament aan hen ook niet besteed zijn.

De grootste bron van blijdschap, van vreugde en echt plezier is echter vastgezet in Gods werk van onbegrensde liefde en overvloeiende genade. Daar mogen we ten volle van genieten in de zekere wetenschap dat jouw God nooit en te nimmer boos op je is. Het grote bewijs ligt daar: Het kruis!

Godsdienst heeft Gods gezicht besmeurd met de modder van schuld en schaamte. Zijn genade veegt dat alles weg. God was liefde! God is liefde! God zal altijd liefde zijn! Wow! Wat een vreugde!

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende